Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-03-27
ECLI:NL:RBAMS:2026:3130
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Bodemzaak
5,662 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2026:3130 text/xml public 2026-04-09T18:04:37 2026-03-27 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-03-27 C/13/783721 / KG ZA 26-127 Uitspraak Bodemzaak Eerste aanleg - enkelvoudig Proceskostenveroordeling Op tegenspraak NL Amsterdam Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:3130 text/html public 2026-04-09T18:03:52 2026-04-09 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:3130 Rechtbank Amsterdam , 27-03-2026 / C/13/783721 / KG ZA 26-127 Onrechtmatige publicatie. Uitingen op sociale media vallen binnen vrijheid van meningsuiting RECHTBANK Amsterdam Civiel recht, voorzieningenrechter Zaaknummer: C/13/783721 / KG ZA 26-127 MdV/EvK Vonnis in kort geding van 27 maart 2026 in de zaak van [eiser] , wonende te Australië, voor deze zaak woonplaats kiezende te Amsterdam, eisende partij bij dagvaarding van 25 februari 2026, hierna te noemen: [eiser] , advocaat: mr. J.A. Schaap, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , advocaat: mr. M. Teunissen. 1 De procedure 1.1. Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 6 maart 2026 heeft [eiser] de dagvaarding toegelicht. [gedaagde] heeft, mede aan de hand van een vooraf ingediende conclusie van antwoord, verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht. Bij de mondelinge behandeling waren [eiser] (online) en [gedaagde] aanwezig, met hun advocaten, en [tolk] , tolk Engelse taal voor [eiser] . Na verder debat is vonnis bepaald op vandaag. 2 De feiten 2.1. [eiser] is een Australische singer-songwriter. 2.2. [gedaagde] is een Nederlandse fan van [eiser] , afkomstig uit [plaats 1] . Zij heeft een eigen (inmiddels privé) Instagrampagina en Tiktokpagina met enkele duizenden volgers, waarin zij post over haar dagelijkse bezigheden, en zij is recent ook een YouTube-kanaal gestart om haar werkzaamheden als “therapist/mental coach” onder de aandacht te brengen. 2.3. Eind juni 2023 hebben partijen voor het eerst direct contact gehad. [eiser] heeft [gedaagde] via Instagram Direct Message (DM) een bericht gestuurd naar aanleiding van een Instagram bericht van [gedaagde] waarbij zij [eiser] had getagged. [eiser] vroeg aan [gedaagde] om hem een rondleiding door [plaats 2] te geven. Na uitwisseling van nummers zetten partijen de conversatie voort op Whatsapp. Kort hierna hadden zij in [plaats 2] een eerste fysieke afspraak. 2.4. Partijen hebben hierna iets met elkaar gehad (een relatie van welke aard dan ook, maar in ieder geval hadden ze een aantal keren seks), gedurende een periode van ongeveer 2,5 jaar. 2.5. In het najaar van 2025 is deze relatie definitief geëindigd. 2.6. Op 30 oktober 2025 heeft [eiser] een bericht op zijn Instagrampagina geplaatst in reactie op beschuldigingen tegen hem van grensoverschrijdend gedrag tegenover jonge vrouwelijke fans, waarin hij excuses heeft gemaakt aan degenen die hij heeft gekwetst. 2.7. [gedaagde] heeft berichten op haar Instagrampagina, Tiktokpagina en YouTube-kanaal geplaatst waarvan [eiser] meent dat die onrechtmatig zijn jegens hem omdat zij hem hierin onterecht beschuldigt. Bij brieven van 20 december 2025, 24 december 2025 en 5 januari 2026 heeft de Australische advocaat van [eiser] [gedaagde] gesommeerd om onrechtmatige uitlatingen die [gedaagde] over [eiser] zou hebben geplaatst op social media te verwijderen. De advocaat van [gedaagde] heeft hierop gereageerd met de mededeling dat de uitlatingen van [gedaagde] vallen binnen de vrijheid van meningsuiting. 2.8. Op 6 januari 2026 heeft een artikel in Australische [nieuwsmedium] gestaan met de titel: “‘ [artikel] ”. [nieuwsmedium] heeft met meerdere meisjes/vrouwen die een relatie met [eiser] hebben gehad, gesproken over hun ervaringen met [eiser] . De meisjes/vrouwen beschrijven dat zij zich eerst uitverkoren voelden, maar het contact ongemakkelijk werd toen dat persoonlijker en seksueel van aard werd. Dit artikel beschrijft die ervaringen en de inherente machtsongelijkheid tussen een beroemdheid en zijn fans. 2.9. Als gevolg van de berichtgeving over hem heeft [eiser] muziekprijzen misgelopen en is hij een platencontract kwijtgeraakt. 3 Het geschil 3.1. [eiser] vordert – samengevat – bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis: I. [gedaagde] te verbieden om, ongeacht op welke wijze en via welk medium, uitlatingen in de openbaarheid te brengen, en/of via persoonlijke of groepsberichten te verspreiden van onjuiste beschuldigingen over [eiser] of deze te suggereren, waaronder in ieder geval de beschuldigingen van het hebben van een narcistische persoonlijkheidsstoornis, verkrachting, het (seksueel of psychisch) mishandelen van vrouwen of dat [eiser] zich anderzijds (rb: bedoeld zal zijn anderszins) schuldig heeft gemaakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag, of kwalificaties en/of termen van gelijke strekking; II. [gedaagde] te gebieden om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis primair a. alle berichten over of met verwijzing naar [eiser] te verwijderen en verwijderd te houden van alle sociale mediapagina’s van [gedaagde] , waaronder TikTok, Instagram en YouTube; subsidiair b. alle berichten over [eiser] te verwijderen en verwijderd te houden, waarin de beschuldigingen van het hebben van een narcistische persoonlijkheidsstoornis, verkrachting, het (seksueel of psychisch) mishandelen van vrouwen of dat [eiser] zich anderzijds (rb: anderszins) schuldig heeft gemaakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag worden geuit van alle sociale mediapagina’s van [gedaagde] , waaronder TikTok, Instagram en YouTube; III. [gedaagde] te verbieden om uit eigen initiatief contact op te nemen met [eiser] , zijn zakelijke relaties, familie en/of vrouwen waarmee [eiser] een affectieve relatie heeft; IV. [gedaagde] te gebieden om binnen 48 uur na betekening van het vonnis, op haar Instagram, TikTok en YouTube account een rectificatie te plaatsen; V. [gedaagde] te gebieden iedere inbreuk op de auteursrechten van [eiser] te staken, waaronder in ieder geval het openbaar maken van en/of faciliteren van verspreiding van auteursrechtelijk beschermde muziek van [eiser] ; VI. te bepalen dat bij schending en/of niet (volledig) naleven van de hiervoor onder I. t/m V. gevorderde verboden en geboden [gedaagde] een onmiddellijk opeisbare dwangsom verbeurt; VII. [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.2. [eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [gedaagde] heeft op verschillende sociale mediakanalen en via persoonlijke berichten [eiser] beschuldigd van verkrachting, het (seksueel en/of) psychisch) mishandelen van vrouwen of het vertonen van seksueel grensoverschrijdend gedrag, en hij wordt weggezet als een persoon met een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Deze uitlatingen zijn onjuist en daarmee onrechtmatig jegens [eiser] . Als gevolg van deze beschuldigingen wordt er negatief over [eiser] geschreven en lijdt hij ernstige (reputatie)schade. Verder heeft [eiser] nog niet uitgebrachte nummers met [gedaagde] gedeeld, die zij vervolgens online heeft gezet of laten zetten, waarmee zij inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van [eiser] . 3.3. [gedaagde] voert verweer. [gedaagde] heeft op social media berichten gedeeld hoe zij de relatie met [eiser] heeft beleefd. Zij heeft slechts haar persoonlijke ervaringen gedeeld en die blijven ruimschoots binnen de vrijheid van meningsuiting. Zij heeft geen muziek van [eiser] online gezet of laten zetten. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4 De beoordeling 4.1. Deze zaak gaat over de vraag of de berichten die [gedaagde] heeft gedeeld op sociale media en/of in privé berichten onrechtmatig zijn jegens [eiser] en daarom moeten verwijderd. Op de concrete inhoud van die berichten zal hierna worden ingegaan. Toetsingskader 4.2. Het recht van [gedaagde] op vrijheid van meningsuiting ingevolge artikel 10 EVRM kan slechts worden beperkt indien dit bij wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving, bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam en de rechten van anderen.
Volledig
Van een dergelijke beperking is sprake indien de uitlatingen van [gedaagde] onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 BW jegens [eiser] . Voor het antwoord op de vraag of de uitlatingen onrechtmatig zijn, moeten de wederzijdse belangen tegenover elkaar worden afgewogen. De belangen van [eiser] zijn er met name in gelegen om niet door de publicaties te worden blootgesteld aan lichtvaardige verdachtmakingen en dat zijn privacy niet onnodig wordt geschonden. Het belang van [gedaagde] is er met name in gelegen dat zij zich (in het algemeen) in het openbaar kritisch, informerend, opiniërend en waarschuwend moet kunnen uitlaten over zaken van publiek belang. In de te maken belangenafweging moeten alle omstandigheden van het geval worden afgewogen. Daarbij is in dit geval relevant dat de vrijheid van meningsuiting ook uitingen omvat die (kunnen) beledigen, choqueren of verontrusten. De gestelde onrechtmatige uitlatingen 4.3. Voorop staat dat het aan [eiser] is om concreet te maken welke uitingen van [gedaagde] volgens hem onrechtmatig zijn, moeten worden verwijderd en welke haar in de toekomst moeten worden verboden. 4.4. [eiser] stelt dat [gedaagde] moet worden verboden om berichten of uitingen via social media of een ander medium in de openbaarheid te brengen en/of via persoonlijke of groepsberichten te verspreiden, waarin [eiser] wordt beschuldigd van: een narcistische persoonlijkheidsstoornis, verkrachting, het (seksueel of psychisch) mishandelen van vrouwen of dat [eiser] zich anderszins schuldig heeft gemaakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag, of kwalificaties en/of termen van gelijke strekking. 4.5. Concreet gaat het [eiser] om de volgende uitlatingen, zoals ter zitting gepreciseerd: ‘an abusive relationship’ (zie onder meer productie 12, 13, 22 en 28 van [eiser] ), verkrachting en gedwongen seks (zie onder meer productie 19 en 24 van [eiser] ), mishandelen van vrouwen (zie onder meer productie 13, 15 (hiermee wordt bedoeld 14) en 18 van [eiser] ), en narcistische persoonlijkheidsstoornis (zie onder meer productie 18, 26 en 28). 4.6. Deze uitingen zullen (gebundeld) achtereenvolgens worden beoordeeld. - Tiktokberichten van productie 12 en 13 ‘abusive relationship’ 4.7. [eiser] stelt dat de uitlatingen in productie 12 en 13 onrechtmatig zijn omdat [gedaagde] [eiser] hierin beschuldigt van een ‘abusive relationship’ en/of mishandeling. Productie 12 is een bericht van [gedaagde] van 10 december 2025 op TikTok. In deze video zegt zij (samengevat) dat zij in een ‘abusive relationship’ heeft gezeten en dat zij mogelijk hierover nog meer zal delen in de komende periode. In de specifieke passage zegt zij: “(…) I have been in an abusive relationship for the past two and a half years with someone I feel like a lot of people already know about who's watching this TikTok, I'm not gonna say much else about it because I'm just a very private person but as everything is coming back to service that I've tried to block out of my mind for so long because it is that traumatizing and have been that damaging (…)” Productie 13 is een bericht/filmpje van [gedaagde] van 12 december 2025 op TikTok waarin zij luistert naar een bericht over ‘abuse’ en waarin iemand anders zegt ‘put a finger down for …’ en daarbij voorbeelden noemt van gedrag dat kan duiden op ‘abuse’. [gedaagde] doet vervolgens bij verschillende voorbeelden één voor één haar vingers naar beneden. 4.8. Het Tiktokbericht van 10 december 2025, productie 12, kan voorshands niet onrechtmatig worden geacht. [gedaagde] zegt in deze video inderdaad dat zij de afgelopen 2,5 jaar in een ‘abusive relationship’ heeft gezeten, maar noemt daarbij niet de naam van [eiser] . Voor ‘argeloze’ mensen die dit bericht van [gedaagde] hebben gezien, is dus niet duidelijk dat dit om [eiser] gaat. [eiser] heeft echter betoogd dat voor de volgers van [gedaagde] op Tiktok en de fans uit de Discord groep (een sociaal media kanaal) voor fans van [eiser] wel duidelijk is dat dit om [eiser] gaat, omdat in die Discord groep openlijk bekend was dat [gedaagde] en [eiser] iets met elkaar hadden. Dit betreft dan dus een beperkte groep mensen. Voor zover die groep wel wist dat dit bericht van [gedaagde] over [eiser] ging – hetgeen overigens ook bekend kon zijn omdat hij hierover zelf naar buiten is getreden door naar de pers te stappen – valt het binnen de vrijheid van meningsuiting dat [gedaagde] de relatie een ‘abusive’ relationship heeft genoemd. ‘Abusive’ wordt anders dan [eiser] betoogt namelijk niet alleen vertaald als gewelddadig.‘Abusive’ kan bijvoorbeeld ook beschadigend, grensoverschrijdend, grievend of grof betekenen. Het gebruik van ‘abusive’ betekent dus niet (automatisch) een beschuldiging van het plegen van strafbare feiten. Dat [gedaagde] haar relatie achteraf op die manier heeft bestempeld omdat dit haar gevoel is, is niet onrechtmatig. 4.9. Het Tiktokbericht van 12 december 2025, productie 13, kan ook niet onrechtmatig worden geacht en bevat bovendien geen beschuldiging aan het adres van [eiser] . De stelling van [eiser] dat [gedaagde] hierin zegt emotioneel en psychologisch te zijn misbruikt door [eiser] wordt niet gevolgd. Ten eerste zegt [gedaagde] zelf niks in de video. Zij luistert naar een bericht over ‘abuse’ en geeft aan welke voorbeelden op haar van toepassing zijn en doet daarbij haar vingers naar beneden (zie hiervoor 4.7). Volgens [gedaagde] is dat ook een therapie-oefening waar ze in haar praktijk gebruik van maakt. Daarnaast is deze video op geen enkele manier aan [eiser] te linken. - Tiktokbericht van productie 14 ‘mishandeling’ 4.10. Het bericht van 19 december 2025 was 24 uur te zien in de TikTok ‘stories’ van [gedaagde] . Hierin is [gedaagde] te zien die playbackt op een nummer (niet van [eiser] ) waarbij heel kort in beeld stukjes uit Whatsappcorrespondentie te zien zijn, een foto van schrammen op billen, en daarna een screenshot van een tekstbericht van iemand die iets zegt over die foto met schrammen op billen waarop [gedaagde] heeft geantwoord “and mind you those weren't scratches this was the result of hitting me because i didn't do what he wanted me to do (saying that “he’s my God”).” 4.11. [eiser] stelt dat [gedaagde] hierin de suggestie wekt dat [eiser] (volgens hemzelf) een relatie met haar had, haar emotioneel mishandelde, erop kickt dat [gedaagde] extreem jong is en dat [eiser] [gedaagde] heeft geslagen omdat [gedaagde] hem geen god wilde noemen. 4.12. Dit Tiktokbericht van 19 december 2025 is voorshands niet onrechtmatig te achten. [gedaagde] zegt in deze korte video zelf niks. Zij playbackt enkel bij een nummer. Er zijn slechts heel kort screenshots van Whatsappcorrespondentie in beeld en een foto met schrammen op billen. Ten eerste komen de berichten zo kort in beeld, dat de tekst hierin nauwelijks is te lezen. Verder is zonder enige context niet duidelijk waar deze berichten en deze foto op zien. [eiser] ’ naam wordt geen één keer genoemd en is ook niet te zien in de screenshots van de Whatsappcorrespondentie. Voor zover de berichten wel duidelijk (leesbaar) zouden zijn, is hierin geen enkele beschuldiging van mishandeling aan het adres van [eiser] te lezen. Ook niet door de foto van de schrammen op billen en de screenshot van een bericht van iemand die op die foto reageert, omdat, ook hier, enig concreet verband met [eiser] niet wordt gelegd. Bovendien stond dit bericht slechts 24 uur online in de ‘stories’ van [gedaagde] en was het daarna niet meer te zien. - één-op-één berichten van productie 18, 19 en 24 4.13. Producties 18, 19 en 24 zijn stukjes uit een één-op-één gesprek tussen [gedaagde] en een andere vrouw, [naam] , ook fan van [eiser] , uit de DM-functie op Instagram. [naam] heeft [gedaagde] via Instagram benaderd omdat zij dacht dat [gedaagde] een relatie had met [eiser] . [gedaagde] heeft dat bevestigd en heeft haar ervaringen met [naam] gedeeld. Productie 19 bevat verder ook spraakberichten tussen [gedaagde] en een andere vrouw. 4.14. [eiser] stelt dat hij deze screenshots van dit gesprek en de spraakberichten heeft ontvangen van derden en/of dat deze in de Discord fangroep van [eiser] zijn gepubliceerd.
Volledig
Volgens [eiser] zegt [gedaagde] in de spraakberichten dat zij heeft gehoord dat [eiser] een andere vrouw heeft verkracht. In het één-op-één gesprek met [naam] herhaalt [gedaagde] de beschuldiging van verkrachting, licht zij dat verder toe en schrijft zij dat ze niet te veel kan zeggen omdat het verkrachtingsslachtoffer niet bekend wil worden. [eiser] stelt dat [gedaagde] hem heeft beschuldigd van verkrachting, gedwongen seks en het mishandelen van vrouwen doordat deze berichten openbaar zijn gemaakt. 4.15. De één-op-één berichten en de spraakberichten van productie 18, 19 en 24 zijn voorshands ook niet onrechtmatig. Het zijn allemaal privé gesprekken van [gedaagde] met [naam] , en/of een andere (vrouwelijke) fan. Deze privé gesprekken heeft [gedaagde] niet zelf gepubliceerd. Volgens [eiser] wist [gedaagde] dat [naam] de beheerder was van de Discordgroep en dat deze berichten en/of de informatie uit deze berichten bekend zou worden door dit met haar te delen, maar [gedaagde] betwist dat. Het is onvoldoende aannemelijk dat [gedaagde] wist dat deze berichten en gesprekken openbaar zouden worden als zij deze met deze [naam] en/of een andere vrouw zou delen. Integendeel, [gedaagde] schrijft zelf in het dit gesprek “and please don’t tell anyone else, it’s supposed to stay private”. Dat iemand dit in de Discordgroep heeft gepubliceerd, kan [gedaagde] niet worden verweten en kan haar dus ook niet worden toegerekend. Overigens wordt de naam van [eiser] in de berichten wederom niet genoemd en valt het delen van ervaringen door [gedaagde] over wat zij heeft meegemaakt in beginsel onder de vrijheid van meningsuiting, of in ieder geval is niet gebleken dat er omstandigheden zijn die dat hier anders maken. - Tiktokberichten en YouTubekanaal productie 22, 26 en 28 over coaching praktijk en narcistische persoonlijkheidsstoornis 4.16. Productie 22 betreft vijf afleveringen van therapiesessies met [gedaagde] over ”personality disorders and NPD (Narcissistic Personality Disorder) abuse recovery” die [gedaagde] op Tiktok heeft geplaatst. Volgens [eiser] bevatten deze video’s duidelijke verwijzingen naar hem en wordt hij dus beschuldigd van het hebben van een narcistische persoonlijkheid/stoornis. Productie 26 bevat video’s van [gedaagde] op Tiktok. In één van die video’s zijn aantekeningen te zien van het werk van [gedaagde] als coach. Deze berichten gaan over ‘narcissistic abuse’ en in de twee andere video’s is [gedaagde] te zien terwijl zij playbackt op nummers en waarin zij zelf niks zegt. Volgens [eiser] probeert [gedaagde] hiermee hem te bereiken en beschuldigingen jegens hem te uiten. Productie 28 is een screenshot van het op 10 februari 2026 gestarte YouTubekanaal van [gedaagde] waarin ze herhaalt dat ze in een ‘abusive relationship’ heeft gezeten en hoe je moet omgaan met mensen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis. 4.17. Ook deze door [gedaagde] geplaatste berichten zijn niet onrechtmatig jegens [eiser] te achten. In al deze berichten wordt [eiser] wederom niet bij naam genoemd. Er wordt in de berichten nergens door [gedaagde] gezegd dat een concreet persoon, laat staan [eiser] , een narcistische persoonlijkheid heeft. De berichten die gaan over narcisme (productie 22 en productie 28) heeft [gedaagde] geplaatst in het kader van haar coachingpraktijk. Met betrekking tot productie 26 valt überhaupt niet in te zien waarom deze berichten onrechtmatig zouden zijn, daartoe is onvoldoende gesteld. Conclusie en gevolgen voor de vorderingen 4.18. Uit het voorgaande volgt dat de uitingen van [gedaagde] voorshands niet onrechtmatig zijn te achten jegens [eiser] . Het is onvoldoende aannemelijk dat zij de door [eiser] gestelde beschuldigingen (van strafbare feiten) aan zijn adres heeft geuit. Haar uitingen vallen binnen haar vrijheid van meningsuiting. Dit leidt tot afwijzing van vordering I en vordering IV. Vordering II wordt reeds bij gebrek aan belang afgewezen, omdat [gedaagde] onweersproken heeft aangevoerd dat zij – nadat [eiser] zelf de publiciteit had opgezocht en zij meer ongewenste volgers kreeg – alle berichten op Instagram en Tiktok al heeft verwijderd. 4.19. Ook het onder III. gevorderde contactverbod wordt afgewezen. [eiser] heeft onvoldoende onderbouwd dat [gedaagde] zich schuldig zou maken aan het stalken van [eiser] , zijn vrienden, medewerkers en affectieve relaties. [gedaagde] heeft nadrukkelijk betwist dat zij dat doet en voert ook aan dat zij er geen enkele behoefte aan heeft om contact op te zoeken met [eiser] , zijn zakelijke relaties en familie. Dat zij zich een of twee keer via Whatsapp gewend heeft tot een band- of crewlid van [eiser] , is nog niet als stalking aan te merken. 4.20. Voor de onder V. gevorderde bevel tot het staken van de inbreuk op het auteursrecht van [eiser] heeft hij ook onvoldoende gesteld. [gedaagde] betwist dat zij niet uitgebrachte muziek van [eiser] openbaar heeft gemaakt, en er is ook niet gesteld dat zij zelf muziek online heeft gezet. Er is wel niet uitgebrachte muziek online gepubliceerd door een derde persoon (een andere fan van [eiser] ). Ter zitting heeft [eiser] gesteld daarvan het nummer ‘ [naam nummer] ’ enkel met [gedaagde] te hebben gedeeld, zodat het wel door haar moet komen dat het nummer ergens online is verschenen. Dit heeft hij echter op geen enkele manier aannemelijk gemaakt. De conclusie is dan ook dat geen van de ingestelde vorderingen toewijsbaar is. Proceskosten 4.21. [eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op: - griffierecht € 341,00 - salaris advocaat € 1.177,00 - nakosten € 189,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 1.707,00 5 De beslissing De voorzieningenrechter 5.1. weigert de gevraagde voorzieningen, 5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 1.707,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. W.M. de Vries, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.H. van Kolfschooten, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2026. type: EvK coll: EB