Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-03-10
ECLI:NL:RBAMS:2026:2661
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Eerste en enige aanleg
757 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBAMS:2026:2661 text/xml public 2026-03-31T12:22:18 2026-03-16 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-03-10 C/13/784425 / HA RK 26-73 Uitspraak Eerste en enige aanleg Wraking NL Amsterdam Civiel recht; Burgerlijk procesrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:2661 text/html public 2026-03-31T10:14:47 2026-03-31 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:2661 Rechtbank Amsterdam , 10-03-2026 / C/13/784425 / HA RK 26-73 Wrakingsverzoek is kennelijk niet-ontvankelijk. Verzoeker heeft het wrakingsverzoek gedaan nadat het onderzoek ter terechtzitting was gesloten en de rechter was aangevangen met het doen van uitspraak. RECHTBANK AMSTERDAM Beslissing van 10 maart 2026 op het op 4 maart 2026 gedane en onder zaaknummer C/13/784425 HA/RK 26-73 ingeschreven verzoek van: [verzoeker] , wonende te [woonplaats] , verzoeker, gemachtigde mr. A.L. Cohen, welk verzoek strekt tot wraking van mr. A. van Luijck, rechter te Amsterdam, hierna: de rechter. 1 1. Verloop van de procedure De wrakingskamer heeft kennisgenomen van het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 4 maart 2026 met zaaknummer C/13/783433 FA RK 26/1294 en van het schriftelijke wrakingsverzoek ingekomen op 6 maart 2026. De mondelinge behandeling vond plaats naar aanleiding van het op 13 februari 2026 ingediende verzoek van de officier van justitie strekkende tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). In het proces-verbaal is onder meer opgenomen dat verzoeker de rechter heeft gewraakt. De rechter berust niet in de wraking. 2 De ontvankelijkheid van het verzoek 2.1. Blijkens het proces-verbaal heeft verzoeker de rechter gewraakt nadat zij was begonnen met het doen van uitspraak en nadat de rechter aan verzoeker had meegedeeld dat zij voor een beslissing op het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging voldoende informatie had. 2.2. Het wrakingsverzoek is gedaan nadat het onderzoek ter terechtzitting was gesloten en de rechter was aangevangen met het doen van uitspraak. Een verzoek tot wraking moet worden gedaan voordat in de hoofdzaak een aanvang is gemaakt met het doen van de einduitspraak (artikel 1, vijfde lid van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Amsterdam). Verzoeker dient dan ook niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek te worden verklaard. Als verzoeker het niet eens is met de uitspraak van de rechter of de wijze waarop deze de zaak behandeld heeft, zal hij daartegen een rechtsmiddel moeten aanwenden. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan achterwege blijven. 2.3. Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt. BESLISSING De rechtbank: - verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het wrakingsverzoek. Aldus gegeven door mrs. P.B. Martens, voorzitter, N.C.H. Blankevoort en I.M. Bilderbeek, leden, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 maart 2026. Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 39 lid 5 Rv geen voorziening open.