Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2025-09-25
ECLI:NL:RBAMS:2025:7619
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
4,076 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 text/xml public 2026-03-05T12:02:46 2025-10-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2025-09-25 11610228 \ CV EXPL 25-4812 - T Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Op tegenspraak Tussenuitspraak NL Amsterdam Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 text/html public 2026-03-05T12:02:29 2026-03-05 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 Rechtbank Amsterdam , 25-09-2025 / 11610228 \ CV EXPL 25-4812 - T koop tweedehands versnellingsbak, in geschil wie contractspartij is, ontbinding koopovereenkomst, RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 11610228 \ CV EXPL 25-4812 Vonnis van 25 september 2025 in de zaak van [eiser] , te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiser] , gemachtigde: [gemachtigde eiser] (S&A Juristen), tegen ALTIJD RAAK PENDERS B.V. , te Vlaardingen, gedaagde partij, hierna te noemen: Penders, gemachtigde: [gemachtigde gedaagde] (Narecht Advocaten). 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 8 mei 2025; - de brief van 21 augustus 2025 van [eiser] met aanvullende producties; - de brief van 25 augustus 2025 van Penders waarin zij bezwaar maakt tegen deze producties. 1.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 augustus 2025. [eiser] is met zijn gemachtigde verschenen. Penders is verschenen bij mr. T.P. Monteira Mendonҫa, waarnemer van [gemachtigde gedaagde] . De griffier heeft aantekeningen gemaakt van hetgeen partijen naar voren hebben gebracht. Op de mondelinge behandeling heeft de kantonrechter het bezwaar van Penders tegen de aanvullende producties van [eiser] ongegrond verklaard. Verder heeft [eiser] op zitting zijn eis vermeerderd. Penders heeft daartegen geen bezwaar gemaakt zodat de vermeerdering van eis toelaatbaar is. Wel is op zitting besproken dat partijen in dat verband een nadere schriftelijke ronde wensen. Tot slot heeft Penders nog een aanvullende productie overgelegd, te weten een niet gepubliceerde uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam van 22 september 2023. 1.3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 Het geschil 2.1. [eiser] vordert, na vermeerdering van eis, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad: de ontbinding van de koopovereenkomst voor een tweedehands versnellingsbak; Penders te veroordeling tot (terug)betaling van de koopprijs van € 3.900,00; Penders te veroordelen tot betaling van € 4.294,00 aan schadevergoeding; Penders te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten; Penders te veroordelen in de proceskosten. 2.2. [eiser] voert aan dat hij op 18 december 2024 op het platform ‘ [internetsite] ’ een aanvraag deed voor een versnellingsbak die hij zocht voor zijn Nissan Qashqai+2 (hierna: de auto). Penders heeft daarop gereageerd met de mededeling dat zij een dergelijke versnellingsbak in haar bezit had. [eiser] heeft vervolgens de versnellingsbak van Penders gekocht voor een bedrag van € 3.900,00, waarvan € 650,00 als borg diende in ruil voor zijn oude versnellingsbak. Op het moment dat de garagehouder van [eiser] de versnellingsbak wilde monteren in de auto, bleek deze niet compatibel te zijn. Door een verkeerde versnellingsbak te leveren is Penders tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichting uit de overeenkomst. Dit levert een grond voor ontbinding op. Naast teruggave van het aankoopbedrag vordert [eiser] ook schadevergoeding omdat hij inmiddels zijn auto heeft verkocht voor € 2.706,00, terwijl deze eigenlijk € 7.000,00 zou moeten opleveren. Voor zover Penders aanvoert dat hij de verkeerde partij heeft gedagvaard, beroept [eiser] zich op het leerstuk van vereenzelviging en op het gerechtvaardigd vertrouwen omdat Penders onduidelijkheid heeft doen laten ontstaan over wie de juiste contractspartij is. 2.3. Volgens Penders heeft [eiser] een overeenkomst gesloten met Altijd Raak (De) Montage B.V. (hierna: Demontage) en niet met Penders. [eiser] heeft de verkeerde partij gedagvaard en dient niet-ontvankelijk te worden verklaard in zijn vorderingen. Ook verzoekt Penders [eiser] te veroordelen in de werkelijke kosten van de procedure. 3 De beoordeling 3.1. Ter onderbouwing van haar verweer heeft Penders ter zitting een uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam overgelegd van 22 september 2023 , waarin eenzelfde vraag centraal stond in een zaak waarbij ook Penders betrokken was. In die zaak had een eiser een derde onderneming van de Penders-groep gedagvaard, namelijk Altijd Raak Penders Auto’s en Parts B.V. (hierna: Parts) en beriep Parts zich erop dat niet zij, maar Penders contractpartij bij de overeenkomst was. De kantonrechter overwoog in die zaak dat een overeenkomst tot stand komt door aanbod van de ene partij en de aanvaarding daarvan door de andere partij (artikel 6:127 BW) en dat in dat geval Penders een offerte had uitgebracht zodat zij contractspartij was. Dat nadien vanuit verschillende entiteiten werd gecorrespondeerd waaronder Penders, Demontage en Parts, zoals die eiser had aangevoerd, maakte het oordeel niet anders voor die kantonrechter. 3.2. Penders voert aan dat deze uitspraak ook van toepassing is op deze zaak. Omdat de factuur op naam van Demontage staat, is Demontage contractspartij. Dat nadien ook vanuit Penders en Parts is gecommuniceerd, verandert dat niet. Bovendien heeft [eiser] naderhand ook gecorrespondeerd met Demontage, heeft hij de ingebrekestelling daarheen gezonden en heeft hij aan Demontage betaald, aldus Penders. 3.3. De kantonrechter is het met Penders in zoverre eens dat de uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam kan worden gevolgd en dat de partij die het aanbod doet de contractspartij is. Anders dan Penders aanvoert, is dat in dit geval niet Demontage, maar Penders. Als reactie op de aanvraag van [eiser] op het platform is namelijk een aanbieding gekomen. Die luidt: “Aanbieding “Altijd Raak” Penders (…) Aangeboden door ‘Altijd Raak’ Penders”. Verder staat in die aanbieding een adres aan de [adres] in Vlaardingen, dat blijkens het handelsregister toebehoort aan Penders. Hierbij heeft [eiser] onbetwist gesteld dat Demontage volgens het handelsregister op een ander adres gevestigd is. [eiser] heeft verder onweersproken gesteld dat hij vervolgens telefonisch contact heeft opgenomen met het in de aanbieding vermelde telefoonnummer, waarna overeenstemming is bereikt over de koop. Hiermee komt vast te staan dat Penders het aanbod heeft gedaan dat [eiser] vervolgens heeft geaccepteerd, zodat Penders dus de contractspartij is. 3.4. Verder volgt de kantonrechter [eiser] in zijn relaas dat verwarring wordt geschept over wie de contractspartij is. Nadat de koop is gesloten en [eiser] heeft geklaagd dat de versnellingsbak niet compatibel was, is een intensieve e-mailcorrespondentie ontstaan. In die e-mailcorrespondentie met [eiser] worden emails ondertekend met zowel Penders, als Demontage als Parts. Daarnaast staat de factuur op naam van Demontage, maar staat daarop geen KvK-nummer vermeld. Wel een btw-nummer, maar dat btw-nummer op de factuur komt niet overeen met het btw-nummer dat onder de e-mail van Demontage van 17 januari 2025 staat . Dit laatste btw-nummer onder de e-mail van Demontage wordt vervolgens ook gebruikt door Penders in de aanbieding. Verder wordt onder de e-mail van 21 januari 2025 van Penders weer het KvK-nummer gebruikt dat volgens het handelsregister aan Demontage toebehoort. Dat [eiser] heeft betaald aan Demontage en daar de ingebrekestelling heeft gezonden kan hem dan ook niet worden verweten. 3.5. Dit betekent dat [eiser] de juiste partij heeft gedagvaard en dat wordt toegekomen aan de beoordeling van de vorderingen van [eiser] . 3.6. Penders heeft geen verweer gevoerd tegen de vordering tot ontbinding van de overeenkomst, zodat deze vordering als voldoende gesteld toewijsbaar is. De ontbinding van de overeenkomst brengt voor partijen op grond van artikel 6:271 BW een verbintenis tot ongedaanmaking met zich mee. Dat houdt in dat [eiser] gehouden is de versnellingsbak terug te geven aan Penders en dat Penders op haar beurt gehouden is het aankoopbedrag aan [eiser] terug te betalen.
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 text/xml public 2026-03-05T12:02:46 2025-10-15 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2025-09-25 11610228 \ CV EXPL 25-4812 - T Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Op tegenspraak Tussenuitspraak NL Amsterdam Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 text/html public 2026-03-05T12:02:29 2026-03-05 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2025:7619 Rechtbank Amsterdam , 25-09-2025 / 11610228 \ CV EXPL 25-4812 - T koop tweedehands versnellingsbak, in geschil wie contractspartij is, ontbinding koopovereenkomst, RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 11610228 \ CV EXPL 25-4812 Vonnis van 25 september 2025 in de zaak van [eiser] , te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiser] , gemachtigde: [gemachtigde eiser] (S&A Juristen), tegen ALTIJD RAAK PENDERS B.V. , te Vlaardingen, gedaagde partij, hierna te noemen: Penders, gemachtigde: [gemachtigde gedaagde] (Narecht Advocaten). 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 8 mei 2025; - de brief van 21 augustus 2025 van [eiser] met aanvullende producties; - de brief van 25 augustus 2025 van Penders waarin zij bezwaar maakt tegen deze producties. 1.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 augustus 2025. [eiser] is met zijn gemachtigde verschenen. Penders is verschenen bij mr. T.P. Monteira Mendonҫa, waarnemer van [gemachtigde gedaagde] . De griffier heeft aantekeningen gemaakt van hetgeen partijen naar voren hebben gebracht. Op de mondelinge behandeling heeft de kantonrechter het bezwaar van Penders tegen de aanvullende producties van [eiser] ongegrond verklaard. Verder heeft [eiser] op zitting zijn eis vermeerderd. Penders heeft daartegen geen bezwaar gemaakt zodat de vermeerdering van eis toelaatbaar is. Wel is op zitting besproken dat partijen in dat verband een nadere schriftelijke ronde wensen. Tot slot heeft Penders nog een aanvullende productie overgelegd, te weten een niet gepubliceerde uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam van 22 september 2023. 1.3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 Het geschil 2.1. [eiser] vordert, na vermeerdering van eis, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad: de ontbinding van de koopovereenkomst voor een tweedehands versnellingsbak; Penders te veroordeling tot (terug)betaling van de koopprijs van € 3.900,00; Penders te veroordelen tot betaling van € 4.294,00 aan schadevergoeding; Penders te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten; Penders te veroordelen in de proceskosten. 2.2. [eiser] voert aan dat hij op 18 december 2024 op het platform ‘ [internetsite] ’ een aanvraag deed voor een versnellingsbak die hij zocht voor zijn Nissan Qashqai+2 (hierna: de auto). Penders heeft daarop gereageerd met de mededeling dat zij een dergelijke versnellingsbak in haar bezit had. [eiser] heeft vervolgens de versnellingsbak van Penders gekocht voor een bedrag van € 3.900,00, waarvan € 650,00 als borg diende in ruil voor zijn oude versnellingsbak. Op het moment dat de garagehouder van [eiser] de versnellingsbak wilde monteren in de auto, bleek deze niet compatibel te zijn. Door een verkeerde versnellingsbak te leveren is Penders tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichting uit de overeenkomst. Dit levert een grond voor ontbinding op. Naast teruggave van het aankoopbedrag vordert [eiser] ook schadevergoeding omdat hij inmiddels zijn auto heeft verkocht voor € 2.706,00, terwijl deze eigenlijk € 7.000,00 zou moeten opleveren. Voor zover Penders aanvoert dat hij de verkeerde partij heeft gedagvaard, beroept [eiser] zich op het leerstuk van vereenzelviging en op het gerechtvaardigd vertrouwen omdat Penders onduidelijkheid heeft doen laten ontstaan over wie de juiste contractspartij is. 2.3. Volgens Penders heeft [eiser] een overeenkomst gesloten met Altijd Raak (De) Montage B.V. (hierna: Demontage) en niet met Penders. [eiser] heeft de verkeerde partij gedagvaard en dient niet-ontvankelijk te worden verklaard in zijn vorderingen. Ook verzoekt Penders [eiser] te veroordelen in de werkelijke kosten van de procedure. 3 De beoordeling 3.1. Ter onderbouwing van haar verweer heeft Penders ter zitting een uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam overgelegd van 22 september 2023 , waarin eenzelfde vraag centraal stond in een zaak waarbij ook Penders betrokken was. In die zaak had een eiser een derde onderneming van de Penders-groep gedagvaard, namelijk Altijd Raak Penders Auto’s en Parts B.V. (hierna: Parts) en beriep Parts zich erop dat niet zij, maar Penders contractpartij bij de overeenkomst was. De kantonrechter overwoog in die zaak dat een overeenkomst tot stand komt door aanbod van de ene partij en de aanvaarding daarvan door de andere partij (artikel 6:127 BW) en dat in dat geval Penders een offerte had uitgebracht zodat zij contractspartij was. Dat nadien vanuit verschillende entiteiten werd gecorrespondeerd waaronder Penders, Demontage en Parts, zoals die eiser had aangevoerd, maakte het oordeel niet anders voor die kantonrechter. 3.2. Penders voert aan dat deze uitspraak ook van toepassing is op deze zaak. Omdat de factuur op naam van Demontage staat, is Demontage contractspartij. Dat nadien ook vanuit Penders en Parts is gecommuniceerd, verandert dat niet. Bovendien heeft [eiser] naderhand ook gecorrespondeerd met Demontage, heeft hij de ingebrekestelling daarheen gezonden en heeft hij aan Demontage betaald, aldus Penders. 3.3. De kantonrechter is het met Penders in zoverre eens dat de uitspraak van de kantonrechter te Rotterdam kan worden gevolgd en dat de partij die het aanbod doet de contractspartij is. Anders dan Penders aanvoert, is dat in dit geval niet Demontage, maar Penders. Als reactie op de aanvraag van [eiser] op het platform is namelijk een aanbieding gekomen. Die luidt: “Aanbieding “Altijd Raak” Penders (…) Aangeboden door ‘Altijd Raak’ Penders”. Verder staat in die aanbieding een adres aan de [adres] in Vlaardingen, dat blijkens het handelsregister toebehoort aan Penders. Hierbij heeft [eiser] onbetwist gesteld dat Demontage volgens het handelsregister op een ander adres gevestigd is. [eiser] heeft verder onweersproken gesteld dat hij vervolgens telefonisch contact heeft opgenomen met het in de aanbieding vermelde telefoonnummer, waarna overeenstemming is bereikt over de koop. Hiermee komt vast te staan dat Penders het aanbod heeft gedaan dat [eiser] vervolgens heeft geaccepteerd, zodat Penders dus de contractspartij is. 3.4. Verder volgt de kantonrechter [eiser] in zijn relaas dat verwarring wordt geschept over wie de contractspartij is. Nadat de koop is gesloten en [eiser] heeft geklaagd dat de versnellingsbak niet compatibel was, is een intensieve e-mailcorrespondentie ontstaan. In die e-mailcorrespondentie met [eiser] worden emails ondertekend met zowel Penders, als Demontage als Parts. Daarnaast staat de factuur op naam van Demontage, maar staat daarop geen KvK-nummer vermeld. Wel een btw-nummer, maar dat btw-nummer op de factuur komt niet overeen met het btw-nummer dat onder de e-mail van Demontage van 17 januari 2025 staat . Dit laatste btw-nummer onder de e-mail van Demontage wordt vervolgens ook gebruikt door Penders in de aanbieding. Verder wordt onder de e-mail van 21 januari 2025 van Penders weer het KvK-nummer gebruikt dat volgens het handelsregister aan Demontage toebehoort. Dat [eiser] heeft betaald aan Demontage en daar de ingebrekestelling heeft gezonden kan hem dan ook niet worden verweten. 3.5. Dit betekent dat [eiser] de juiste partij heeft gedagvaard en dat wordt toegekomen aan de beoordeling van de vorderingen van [eiser] . 3.6. Penders heeft geen verweer gevoerd tegen de vordering tot ontbinding van de overeenkomst, zodat deze vordering als voldoende gesteld toewijsbaar is. De ontbinding van de overeenkomst brengt voor partijen op grond van artikel 6:271 BW een verbintenis tot ongedaanmaking met zich mee. Dat houdt in dat [eiser] gehouden is de versnellingsbak terug te geven aan Penders en dat Penders op haar beurt gehouden is het aankoopbedrag aan [eiser] terug te betalen.