Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2024-09-10
ECLI:NL:RBAMS:2024:5661
Internationaal publiekrecht
Eerste en enige aanleg
1,072 tokens
Inleiding
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Parketnummer: 13-197120-24
Datum uitspraak: 10 september 2024
UITSPRAAK
op de vordering van 28 juni 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).
Dit EAB is uitgevaardigd op 18 juni 2024 door de Court of Investigation number 8 in Granada in Spanje (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit), en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren in [geboorteplaats] (Colombia) op [geboortedag] 1992,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
hierna ‘de opgeëiste persoon’.
1Procesgang
De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 27 augustus 2024, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is niet verschenen en is vertegenwoordigd door zijn raadsvrouw, mr. R.S. Imamkhan, advocaat in Amsterdam, die heeft verklaard uitdrukkelijk te zijn gemachtigd om namens de opgeëiste persoon het woord te voeren.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd en de gevangenhouding bevolen.
De rechtbank heeft het onderzoek heropend, nu na sluiting van het onderzoek op 27 augustus 2024 uit aanvullende informatie is gebleken dat de opgeëiste persoon zich heeft gemeld bij de Spaanse autoriteiten. De officier van justitie heeft per e-mail van 29 augustus 2024 te kennen gegeven dat hij zich niet verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie.
De rechtbank heeft op de zitting van 27 augustus 2024 de behandeling van de zaak – met toestemming van partijen enkelvoudig – gesloten. De rechtbank heeft vervolgens direct uitspraak gedaan.
2Identiteit van de opgeëiste persoon
De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Spaanse nationaliteit heeft.
3Ontvankelijkheid van de officier van justitie
De rechtbank is van oordeel dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB. Uit een e-mail van 29 augustus 2024 van de uitvaardigende justitiële autoriteit blijkt namelijk dat het EAB is ingetrokken, omdat de opgeëiste persoon zich heeft gemeld bij de Spaanse autoriteiten.
4Beslag
Uit een e-mail van de officier van justitie van 29 augustus 2024 is gebleken dat voor de inbeslaggenomen Samsung-telefoon een Europees Onderzoeksbevel (EOB) in behandeling is genomen, zodat een beslissing op het beslag niet in het kader van het EAB aan de rechtbank voorligt. Gelet daarop en op het feit dat het EAB is ingetrokken, is een beslissing van de rechtbank over de inbeslaggenomen Samsung-telefoon niet meer aan de orde.
Dictum
VERKLAART de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB.
STELT VAST dat de overleveringsdetentie is beëindigd.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M.C.M. Hamer, voorzitter,
mrs. A.R.P.J. Davids en J.B. Oreel, rechters,
in tegenwoordigheid van mrs. S. van Gerven en I. van Heusden, griffiers,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 10 september 2024.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.
Zie artikel 23 Overleveringswet.
Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.