Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2023-11-09
ECLI:NL:RBAMS:2023:7723
Strafrecht; Europees strafrecht
Beschikking
412 tokens
Dictum
op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 18 april 2023, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor uitbreiding van de vervolging als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder f, OLW. Dit verzoek is ingediend door het Hof van Beroep Antwerpen (België) op 23 januari 2023 en betreft:
[overgeleverde persoon] ,
geboren te [geboorteplaats] (België) op [geboortedag] 1982,
thans gedetineerd in België,
hierna te noemen: de overgeleverde persoon.
Beoordeling
De officier van justitie heeft op 7 november 2023 gevorderd dat de vordering tot het in behandeling nemen van het verzoek om aanvullende toestemming wordt ingetrokken, nu de Belgische autoriteiten daartoe hebben verzocht bij bericht van 30 oktober 2023.
De intrekking van het verzoek leidt er toe dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering tot het in behandeling nemen van het verzoek om aanvullende toestemming.
Dictum
De rechtbank verklaart het Openbaar Ministerie NIET-ONTVANKELIJK in zijn vordering tot het in behandeling nemen van het verzoek om aanvullende toestemming.
Deze beslissing is genomen op 9 november 2023 door:
mr. O.P.M. Fruytier, voorzitter,
mrs. P. Sloot en M. Wiewel, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. Gigengack, griffier.