Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2023-11-02
ECLI:NL:RBAMS:2023:7045
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,883 tokens
Inleiding
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 10736532 KK EXPL 23-592
vonnis van: 2 november 2023
func.: 57327
vonnis van de kantonrechterkort geding
I n z a k e
de stichting Woningstichting Rochdale
gevestigd te Amsterdam
eiseres
nader te noemen: Rochdale
gemachtigde: mr. L.C. Strating
t e g e n
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
nader te noemen: [gedaagde]
niet verschenen.
Procesverloop
Bij dagvaarding van 11 oktober 2023, met producties, heeft Rochdale een voorziening gevorderd.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 oktober 2023. Namens Rochdale zijn verschenen [naam 1] en [naam 2], vergezeld door de gemachtigde. [gedaagde] is niet verschenen, hoewel de dagvaarding op behoorlijke wijze is uitgebracht. Tegen haar is daarom verstek verleend. Rochdale is gehoord, waarna vonnis is bepaald op heden.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
1. Als uitgangspunt geldt het volgende.
1.1.
[gedaagde] huurt sinds 8 november 2011 van Rochdale de woning aan het adres [adres] te [woonplaats] (hierna: de woning).
1.2.
Op de huurovereenkomst zijn de Algemene Huurvoorwaarden Woonruimte 2009 van Rochdale (hierna: de algemene voorwaarden) van toepassing. Hierin staat, voor zover hier van belang, het volgende:
‘8.1 De huurder is verplicht zich ten aanzien van het gebruik van het gehuurde als een goed huurder te gedragen en het gehuurde naar behoren te stofferen en van huisraad te voorzien.
(…)
8.17
De huurder stelt de verhuurder of door de verhuurder aangewezen personen, op afspraak en na daartoe strekkend verzoek en na legitimatie, in staat het gehuurde te inspecteren. Deze inspectie kan onder meer tot doel hebben vast te stellen of het gehuurde onderhoud en/of reparaties behoeft en om te bepalen of de huurder zijn uit de huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen naar behoren nakomt.
(…)
9.1
Indien gedurende de huurtijd dringende werkzaamheden aan het gehuurde moeten worden uitgevoerd of de verhuurder iets moet toestaan ten behoeve van een naburig erf, geeft de huurder de verhuurder daartoe de gelegenheid.’
1.3.
Naar aanleiding van een melding van de onderburen dat zij een lekkage in hun woning hadden, is op 10 juni 2022 een loodgieter van Rochdale in de woning van [gedaagde] geweest. Tijdens het bezoek stelde de loodgieter vast dat er een lekkage was, afkomstig uit het toilet. Ook merkte hij op dat de (onder)vloer in de woning ontbrak.
Vordering
2. Rochdale vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
[gedaagde] te veroordelen om uiterlijk zeven dagen na betekening van het vonnis te gehengen en te gedogen dat Rochdale c.q. de door haar ingeschakelde derde(n) in de woning werkzaamheden zal uitvoeren, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,00 voor elke dag dat [gedaagde] deze veroordeling niet nakomt, met een maximum van € 2.500,00 en, als [gedaagde] in gebreke blijft aan deze veroordeling te voldoen, [gedaagde] te veroordelen de woning voor de duur van de werkzaamheden te ontruimen teneinde de werkzaamheden uit te voeren;
[gedaagde] te veroordelen om de woning binnen veertien dagen na betekening van het vonnis te voorzien van een boven- en ondervloer conform de eisen van Rochdale, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,00 per dag dat [gedaagde] deze veroordeling niet nakomt, met een maximum van € 5.000,00;
dat [gedaagde] zal worden veroordeeld om de proceskosten te betalen.
3. Rochdale stelt hiertoe dat [gedaagde] Rochdale moet toelaten in de woning om deze te inspecteren en dringende werkzaamheden uit te voeren. Dit volgt uit artikel 7:220 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) en uit artikelen 8.17 en 9.1 van de algemene voorwaarden.
4. Er is nog steeds sprake van een lekkage waardoor waterschade ontstaat. Het verhelpen van een lekkage is een dringende werkzaamheid zoals bedoeld in de wet. Rochdale heeft [gedaagde] meerdere keren verzocht om mensen toe te laten in de woning om deze lekkage te verhelpen. [gedaagde] deed tijdens huisbezoeken niet open of liet Rochdale niet binnen.
5. Rochdale heeft [gedaagde] meerdere keren gevraagd om (onder)vloeren te leggen in de woning, omdat het ontbreken van (onder)vloeren zorgt voor geluidsoverlast bij de buren. [gedaagde] heeft toegezegd om (onder)vloeren te leggen in de woning. Rochdale is meerdere keren langs de woning geweest om te controleren of de (onder)vloeren waren gelegd, maar [gedaagde] deed daarbij niet open. Toen Rochdale op 22 juni 2023 de woning bezocht, was [gedaagde] niet aanwezig. Rochdale heeft verschillende keren geprobeerd telefonisch contact op te nemen met [gedaagde], maar dat is niet gelukt.
6. Omdat er in de woning geen (onder)vloer ligt, ervaren de buren geluidsoverlast. Op grond van artikel 8.1 van de algemene voorwaarden moet [gedaagde] zich gedragen als een goed huurder en moet zij de woning stofferen.
Beoordeling
7. Rochdale heeft een spoedeisend belang bij haar vorderingen, gelet op de onder 4. en 5. omschreven omstandigheden.
8. Omdat [gedaagde] niet is verschenen en de vorderingen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen, worden deze toegewezen, met uitzondering van het volgende.
9. De kantonrechter ziet aanleiding om de dwangsom te matigen zoals hierna vermeld.
10. Omdat [gedaagde] in het ongelijk is gesteld, moet zij de proceskosten betalen.
Dictum
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om:
a. uiterlijk zeven dagen na betekening van het vonnis te gehengen en te gedogen dat Rochdale c.q. de door haar ingeschakelde derde(n) in de woning werkzaamheden zal uitvoeren, onder verbeurte van een dwangsom van € 50,00 voor elke dag dat [gedaagde] deze veroordeling niet nakomt, met een maximum van € 2.500,00 en, als [gedaagde] in gebreke blijft aan deze veroordeling te voldoen, veroordeelt [gedaagde] om de woning voor de duur van de werkzaamheden te ontruimen teneinde de werkzaamheden uit te voeren;
b. de woning binnen veertien dagen na betekening van het vonnis te voorzien van een boven- en ondervloer conform de eisen van Rochdale, onder verbeurte van een dwangsom van € 50,00 per dag dat [gedaagde] deze veroordeling niet nakomt, met een maximum van € 2.500,00;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Rochdale begroot op:exploot € 129,85salaris € 199,00 (2x het tarief van € 199,00)griffierecht € 128,00 -----------------totaal € 655,85voor zover van toepassing, inclusief btw;
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 66,00 aan salaris gemachtigde, voor zover van toepassing inclusief btw;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.T. Beuving, kantonrechter, bijgestaan door mr. D.C. Vink, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 2 november 2023.