Rechtspraak
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
2024-03-25
ECLI:NL:OGEAC:2024:257
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,320 tokens
Inleiding
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202301065
Vonnis van 25 maart 2024
in de zaak van
de besloten vennootschap FERLIBERTY B.V., gevestigd in Curaçao, eiseres, gemachtigde: mr. A.C. Small,
tegen
[Gedaagde],
wonend in [woonplaats], gedaagde, gemachtigde: mr. A.K.E. Henriquez.
Partijen worden hierna Ferliberty en [gedaagde] genoemd.
1Het procesverloop
1.1.
Het procesverloop blijkt uit:
het verzoekschrift van 4 april 2023,
de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, van 18 september 2023,
de productie zijdens Ferliberty van 14 februari 2024,
de mondelinge behandeling van 19 februari 2024,
de pleitnotities en conclusie van antwoord in reconventie van Ferliberty.
1.2.
Vonnis is nader bepaald op vandaag.
Feiten
2.1. [
gedaagde] heeft met Venta Trading N.V., de beherend vennoot van projectontwikkelaar V&V Venture C.V. (hierna: V&V Venture), op 9 oktober 2014 een schriftelijke koopovereenkomst gesloten met betrekking tot een kavel (bekend als [adres 1] te [buurt]) en een daarop te realiseren woning. Venta Trading N.V. werd bij die overeenkomst vertegenwoordigd door [directeur 1], haar directeur en tevens managing partner van V&V Venture (hierna: [directeur 1]).
2.2.
De koopsom bedroeg NAf 233.910, in termijnen te voldoen aan V&V Venture. De levering van de kavel heeft plaatsgevonden op 26 november 2014.
2.3.
In een akte van 24 oktober 2017 staat het volgende:
“Invoice Date Tuesday, October 24, 2017
Name Mr. [gedaagde]
Amount Nfl. 21,820.00
Fase Stand van het werk Balance received
Last Payment received 21,820.00”
De akte is door [directeur 1] en [gedaagde] ondertekend. [directeur 1] heeft boven zijn handtekening geschreven: ‘Received f 21.820,=’.
2.4.
In een – handgeschreven – akte van 16 maart 2018 staat het volgende:
“Afspraken
16.500 te betalen aan [belanghebbende 1] in plaats van 21.820
zie nota
6.500 cash
10.000 750 p/m eventueel hoger.
Voorwaarde aflossen voor 31 december 2018 zonder interen.
1. 6.500 cash maart 2018
2. 750 p/m eind april 2018.”
De akte is door [directeur 1] en [gedaagde] ondertekend.
2.5.
Volgens V&V Venture heeft [gedaagde] de laatste termijn van de koopsom ten bedrage van NAf 21.820 onbetaald gelaten. Zij heeft deze gestelde vordering op [gedaagde] bij akte van 30 december 2020 gecedeerd aan Ferliberty. Een kopie van de akte van cessie is op 2 februari 2021 aan [gedaagde] betekend.
2.6. [
gedaagde] heeft de woning op 22 augustus 2022 verkocht.
2.7.
Op 28 maart 2023 heeft Ferliberty, na verkrijging van verlof van het gerecht op 20 maart 2023, conservatoir beslag doen leggen op de woning van [gedaagde] aan [adres 2] te Curaçao.
3De vordering in conventie en in reconventie
3.1.
Ferliberty vordert dat het gerecht [gedaagde] veroordeelt tot betaling van NAf 21.820, te vermeerderen met 15% aan buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente vanaf 16 augustus 2019, alsmede tot betaling van de proceskosten, waaronder de beslagkosten, eveneens te vermeerderen met de wettelijke rente.
3.2.
Ferliberty legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] – ondanks aanmaningen – niet aan zijn betalingsverplichtingen uit hoofde van de koopovereenkomst heeft voldaan, door de laatste termijn van de koopsom onbetaald te laten. 3.3. [gedaagde] heeft aangevoerd dat hij de volledige koopsom, inclusief de laatste termijn, heeft voldaan.
3.4.
In reconventie vordert [gedaagde] opheffing van het beslag, op de grond dat Ferliberty geen vordering op hem heeft.
Beoordeling
in conventie
4.1. [
gedaagde] betwist het bestaan van de koopovereenkomst niet, maar stelt dat hij de koopsom volledig heeft voldaan. In dit verband verwijst hij naar de door hem overgelegde akte van 24 oktober 2017 (zie 2.3). Deze kwitantie is aan hem afgegeven na de betaling – in contanten - van de laatste termijn van de koopsom van NAf 21.820,-. Weliswaar heeft hij daarna de akte van 16 maart 2018 ondertekend, maar dit heeft geen betrekking op de laatste termijn van de koopsom. [directeur 1] heeft misbruik gemaakt van de omstandigheden door hem dit stuk te doen ondertekenen op een moment dat hij ziek was, waarop ook protest van zijn familie is gevolgd. Het betreft bovendien een betalingsverplichting aan [directeur 1] persoonlijk, waarop geen incassomaatregelen zijn gevolgd en die inmiddels is verjaard, aldus [gedaagde].
4.2.
Ferliberty erkent dat de kwitantie aan [gedaagde] is afgegeven. Anders dan daarop is vermeld, strekt deze er echter niet tot bevestiging van de ontvangst van de betaling van de laatste termijn van de koopsom door [gedaagde]. De kwitantie is door [directeur 1] op verzoek van [gedaagde] afgegeven. [gedaagde] wenste zijn hypotheek te verhogen, en een voorwaarde van de bank daarvoor, was dat hij geen openstaande schulden had. Om [gedaagde] ter wille te zijn, hebben V&V Venture en [gedaagde] afgesproken dat de kwitantie niet zou worden afgegeven ten bewijze van de ontvangst van een betaling, maar ten behoeve van de bank. Onder deze omstandigheden kan van de kwitantie dan ook niet worden afgeleid dat [gedaagde] de laatste termijn van NAf 21.820 heeft voldaan. In dit verband verwijst Ferliberty ook naar de door haar overgelegde akte van 16 maart 2018 (zie 2.4).
4.3.
Partijen hebben beiden hun stellingen ter zake gemotiveerd onderbouwd. Onder deze omstandigheden kan, zonder nadere bewijsvoering, de stelling van Ferliberty dat de kwitantie aan [gedaagde] is afgegeven ten behoeve van een door [gedaagde] gewenste financiering bij de bank, en zonder dat [gedaagde] daadwerkelijk het daarop vermelde bedrag heeft betaald, niet worden vastgesteld. Gelet op de hoofdregel van artikel 129 Rv rust op Ferliberty de bewijslast van die stelling. Ferliberty heeft ter zake een bewijsaanbod gedaan en zij zal worden toegelaten tot het leveren van bewijs van die stelling. De zaak zal naar de rol worden verwezen voor akte zijdens Ferliberty waarin zij zich uitlaat over de manier waarop zij het bewijs wenst te leveren.
in conventie en in reconventie
4.4.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
Dictum
Het gerecht:
in conventie
5.1.
stelt Ferliberty in de gelegenheid bewijs bij te brengen van haar stelling dat V&V Venture en [gedaagde] hadden afgesproken dat de kwitantie van 24 oktober 2017 alleen maar is opgesteld ten behoeve van een door [gedaagde] gewenste financiering bij de bank, en zonder dat hij daadwerkelijk het daarop vermelde bedrag heeft betaald;
5.2.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 29 april 2024 voor akte zijdens Ferliberty waarin zij zich uitlaat over de manier waarop zij bewijs wil leveren: door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en/of door een ander bewijsmiddel;
5.3.
bepaalt dat Ferliberty, indien zij geen bewijs door getuigen wil leveren maar wel bewijsstukken willen overleggen, die stukken direct in het geding moet brengen;
5.4.
bepaalt dat Ferliberty, indien zij getuigen wil laten horen, het aantal en de namen van de te horen getuigen direct moet opgeven;
5.5.
bepaalt dat, indien Ferliberty het bewijs door getuigen wil leveren, de getuigenverhoren zullen plaatsvinden op de terechtzitting van 4 juni 2024 om 08.30 uur van mr. M.E.B. de Haseth in het gerechtsgebouw te Emancipatie Boulevard Dominico F. ‘Don’ Martina 18;
5.6.
bepaalt dat alle partijen uiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor alle bewijsstukken die zij nog in het geding willen brengen aan het gerecht en de wederpartij moeten toesturen;
5.7.
houdt iedere verdere beslissing aan;
in reconventie
5.8.
houdt iedere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.E.B. de Haseth, rechter, bijgestaan door mr. M.M. van Leest, griffier, en in het openbaar uitgesproken.