Rechtspraak
Hoge Raad
2026-05-12
ECLI:NL:HR:2026:745
Strafrecht
Artikel 81 RO-zaken
1,189 tokens
Volledig
ECLI:NL:HR:2026:745 text/xml public 2026-05-12T14:11:47 2026-05-04 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2026-05-12 24/02103 Uitspraak Artikel 81 RO-zaken Cassatie NL Strafrecht Conclusie: ECLI:NL:PHR:2026:365 In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2024:1757 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:745 text/html public 2026-05-12T10:32:00 2026-05-12 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2026:745 Hoge Raad , 12-05-2026 / 24/02103 Medeplegen mensensmokkel door 8 Albanezen behulpzaam te zijn bij illegale doorreis per boot naar Groot-Brittannië, meermalen gepleegd, art. 197a.1 jo. 197a.4 Sr. 1. Bewijsklacht. Kon hof oordelen dat verdachte 8 personen heeft toegestaan op boot te verblijven “met kennelijk doel om die personen met die boot naar Groot-Brittannië te varen/brengen”? 2. Bewijsklacht medeplegen. 3. Grondslagverlating. Heeft hof grondslag van tll. verlaten door tll. zodanig verbeterd te lezen dat het daarmee aan die tll. een volstrekt andere betekenis heeft toegekend? HR: art. 81.1 RO. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/02103 Datum 12 mei 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 27 mei 2024, nummer 20-000399-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat H. Weisfelt bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van de cassatiemiddelen De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 mei 2026 .
Volledig
ECLI:NL:HR:2026:745 text/xml public 2026-05-12T14:11:47 2026-05-04 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2026-05-12 24/02103 Uitspraak Artikel 81 RO-zaken Cassatie NL Strafrecht Conclusie: ECLI:NL:PHR:2026:365 In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2024:1757 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:745 text/html public 2026-05-12T10:32:00 2026-05-12 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2026:745 Hoge Raad , 12-05-2026 / 24/02103 Medeplegen mensensmokkel door 8 Albanezen behulpzaam te zijn bij illegale doorreis per boot naar Groot-Brittannië, meermalen gepleegd, art. 197a.1 jo. 197a.4 Sr. 1. Bewijsklacht. Kon hof oordelen dat verdachte 8 personen heeft toegestaan op boot te verblijven “met kennelijk doel om die personen met die boot naar Groot-Brittannië te varen/brengen”? 2. Bewijsklacht medeplegen. 3. Grondslagverlating. Heeft hof grondslag van tll. verlaten door tll. zodanig verbeterd te lezen dat het daarmee aan die tll. een volstrekt andere betekenis heeft toegekend? HR: art. 81.1 RO. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/02103 Datum 12 mei 2026 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 27 mei 2024, nummer 20-000399-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat H. Weisfelt bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van de cassatiemiddelen De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 mei 2026 .