Rechtspraak
Hoge Raad
2025-12-16
ECLI:NL:HR:2025:1917
Strafrecht
Cassatie
2,192 tokens
Inleiding
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/01840
Datum 16 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 mei 2024, nummer 20-002410-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,
hierna: de verdachte.
Procesverloop
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat D. Marcus bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
Beoordeling
2.1
Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring.
2.2
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
Dictum
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025.
Volledig
ECLI:NL:HR:2025:1917 text/xml public 2026-02-06T10:07:24 2025-12-12 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2025-12-16 24/01840 Uitspraak Cassatie NL Strafrecht In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2024:1623 Conclusie: ECLI:NL:PHR:2025:1030 Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2025-0411 RvdW 2026/170 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2025:1917 text/html public 2025-12-15T15:18:19 2025-12-16 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2025:1917 Hoge Raad , 16-12-2025 / 24/01840 Mishandeling door onbekende vrouw zonder enige aanleiding te duwen en meerdere keren tegen haar lichaam te schoppen, art. 300.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten. Kon hof oordelen dat p-v van verhoor van getuige en schriftelijke verklaring van getuige 2 separate bewijsmiddelen zijn en kon hof tot bewezenverklaring van mishandeling komen, nu pijn en letsel bij vrouw ontbreken? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Voor bewijs van duwen en schoppen heeft hof gebruik gemaakt van schriftelijke verklaring van getuige, bevindingen van verbalisant over filmpje dat getuige heeft gemaakt en verklaring van verdachte zelf. Aan het voor bewijs gebruikte p-v van verhoor van getuige, dat inhoudelijk slechts verwijst naar de voor bewijs gebruikte brief van getuige, komt weinig zelfstandige betekenis toe. Er bestaat echter geen rechtsregel die meebrengt dat dit p-v niet als separaat b.m. mag worden gebruikt. B.m. houden in dat verdachte die dag ruzie had met vrouw. Verdachte verklaart dat hij haar heeft geduwd. Getuige bevestigt dat en verklaart bovendien dat verdachte de vrouw meermalen heeft geschopt. Dat wordt ondersteund door beschrijving van verbalisant van camerabeelden die getuige heeft gemaakt. Hof heeft die schoppen aangemerkt als rake schoppen. Naar aanleiding van opmerking van raadsman dat op camerabeelden niet is te zien dat met kracht raak wordt geschopt heeft hof (na camerabeelden zelf te hebben gezien) overwogen geen reden te hebben om aan juistheid van vermelding van feitelijkheden weergegeven in relaas van verbalisant te twijfelen. Hof heeft vervolgens geoordeeld dat in aard van handelingen van verdachte (meerdere keren opzettelijk gewelddadig (raak) schoppen tegen lichaam van onbekende vrouw) besloten ligt dat daarmee vrouw pijn moet zijn toegebracht. Dat schoppen pijn doet, heeft hof kennelijk aangemerkt als feit van algemene bekendheid dat geen bewijs behoeft. Dat oordeel getuigt niet van onjuiste rechtsopvatting en is evenmin onbegrijpelijk. Evenmin onbegrijpelijk is dat hof heeft overwogen dat bevestigend antwoord van vrouw op vraag van getuige of het goed met haar gaat en opmerking dat zij niet gewond is, dat niet anders maken. Volgt verwerping. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/01840 Datum 16 december 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 mei 2024, nummer 20-002410-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat D. Marcus bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring. 2.2 Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025 .
Volledig
ECLI:NL:HR:2025:1917 text/xml public 2026-02-06T10:07:24 2025-12-12 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2025-12-16 24/01840 Uitspraak Cassatie NL Strafrecht In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2024:1623 Conclusie: ECLI:NL:PHR:2025:1030 Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2025-0411 RvdW 2026/170 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2025:1917 text/html public 2025-12-15T15:18:19 2025-12-16 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2025:1917 Hoge Raad , 16-12-2025 / 24/01840 Mishandeling door onbekende vrouw zonder enige aanleiding te duwen en meerdere keren tegen haar lichaam te schoppen, art. 300.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklachten. Kon hof oordelen dat p-v van verhoor van getuige en schriftelijke verklaring van getuige 2 separate bewijsmiddelen zijn en kon hof tot bewezenverklaring van mishandeling komen, nu pijn en letsel bij vrouw ontbreken? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Voor bewijs van duwen en schoppen heeft hof gebruik gemaakt van schriftelijke verklaring van getuige, bevindingen van verbalisant over filmpje dat getuige heeft gemaakt en verklaring van verdachte zelf. Aan het voor bewijs gebruikte p-v van verhoor van getuige, dat inhoudelijk slechts verwijst naar de voor bewijs gebruikte brief van getuige, komt weinig zelfstandige betekenis toe. Er bestaat echter geen rechtsregel die meebrengt dat dit p-v niet als separaat b.m. mag worden gebruikt. B.m. houden in dat verdachte die dag ruzie had met vrouw. Verdachte verklaart dat hij haar heeft geduwd. Getuige bevestigt dat en verklaart bovendien dat verdachte de vrouw meermalen heeft geschopt. Dat wordt ondersteund door beschrijving van verbalisant van camerabeelden die getuige heeft gemaakt. Hof heeft die schoppen aangemerkt als rake schoppen. Naar aanleiding van opmerking van raadsman dat op camerabeelden niet is te zien dat met kracht raak wordt geschopt heeft hof (na camerabeelden zelf te hebben gezien) overwogen geen reden te hebben om aan juistheid van vermelding van feitelijkheden weergegeven in relaas van verbalisant te twijfelen. Hof heeft vervolgens geoordeeld dat in aard van handelingen van verdachte (meerdere keren opzettelijk gewelddadig (raak) schoppen tegen lichaam van onbekende vrouw) besloten ligt dat daarmee vrouw pijn moet zijn toegebracht. Dat schoppen pijn doet, heeft hof kennelijk aangemerkt als feit van algemene bekendheid dat geen bewijs behoeft. Dat oordeel getuigt niet van onjuiste rechtsopvatting en is evenmin onbegrijpelijk. Evenmin onbegrijpelijk is dat hof heeft overwogen dat bevestigend antwoord van vrouw op vraag van getuige of het goed met haar gaat en opmerking dat zij niet gewond is, dat niet anders maken. Volgt verwerping. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/01840 Datum 16 december 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 mei 2024, nummer 20-002410-23, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat D. Marcus bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van het cassatiemiddel 2.1 Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring. 2.2 Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025 .