Rechtspraak
Hoge Raad
2024-10-04
ECLI:NL:HR:2024:1376
Bestuursrecht; Belastingrecht
Cassatie
312 tokens
Inleiding
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 24/02059
Datum 4 oktober 2024
ARREST
op het door [X] (hierna: belanghebbende) ingestelde beroep in cassatie.
Beoordeling
De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief van 3 juni 2024 verzocht binnen zes weken na de dagtekening van deze brief een afschrift van de bestreden uitspraak over te leggen. Deze brief is volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL afgeleverd op het door belanghebbende opgegeven adres. Belanghebbende heeft geen gevolg gegeven aan dat verzoek.
Nu het niet mogelijk is te bepalen waarop het geschil betrekking heeft, zal de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Dictum
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 4 oktober 2024.