Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2025-04-17
ECLI:NL:GHSHE:2025:1514
Strafrecht; Strafprocesrecht
Wraking
796 tokens
Dictum
gegeven op het schriftelijke wrakingsverzoek na de zitting van 15 april 2025 ingekomen ter griffie van het hof op 15 april 2025 in de zaak met parketnummer [parketnummer] , in hoger beroep aanhangig bij de meervoudige strafkamer van dit gerechtshof, ingediend door:
[verzoeker] ,
geboren te [geboorteplaats] (Bondsrepubliek Duitsland) op [geboortedatum] 1985,
BRP adres: [BRP adres] ;
Postadres: [Postadres] ,
hierna te noemen: ‘de verzoeker’,
strekkende tot wraking van “de voorzitter”.
Procesverloop
1.1.
Het hof, in de samenstelling van mrs. J. Platschorre, voorzitter, S. Riemens en K.J. van Dijk, raadsheren, heeft ter terechtzitting van 15 april 2025 te 14:30 uur de tegen verzoeker aanhangig gemaakte strafzaak onder parketnummer [parketnummer] behandeld.
1.2.
De verzoeker is ter terechtzitting verschenen door middel van een tweezijdig elektronisch communicatiemiddel (Microsoft Teams).
1.3.
De voorzitter heeft het onderzoek aan het einde van de terechtzitting gesloten en medegedeeld dat volgens de beslissing van het gerechtshof de uitspraak zal plaatsvinden ter terechtzitting van 29 april 2025 te 13:30 uur.
1.4.
Na afloop van het onderzoek ter terechtzitting heeft de verzoeker, bij e-mailbericht aan de wrakingskamer van 15 april 2025 om 17:06 uur, een wrakingsverzoek ingediend.
Beoordeling
2.1.
De wrakingskamer stelt vast dat de verzoeker eerder een wrakingsverzoek, strekkende tot wraking van de voorzitter, mr. J. Platschorre, heeft ingediend in de zaak met parketnummer [parketnummer] . Dit wrakingsverzoek is bij beslissing van 19 november 2024 door de wrakingskamer buiten behandeling gesteld. In dezelfde beslissing is op de voet van artikel 515, lid 4, Sv bepaald dat een volgend verzoek om wraking van de verzoeker (ongeacht of het voldoet aan de vereisten van de artikelen 512 en 513 Sv) niet in behandeling wordt genomen. De reden hiervoor is dat naar het oordeel van de wrakingskamer sprake was van misbruik van het wrakingsmiddel.
2.2.
Gelet op de beslissing van de wrakingkamer van 19 november 2024 wordt dit nieuwe wrakingsverzoek buiten behandeling gesteld en bestaat geen reden voor een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek.
2.3.
Dictum
Het hof (de wrakingskamer):
- stelt het verzoek buiten behandeling;
- herhaalt dat een volgend wrakingsverzoek van de verzoeker (ongeacht of het voldoet aan de vereisten van de artikelen 512 en 513 Sv) niet in behandeling wordt genomen;
- beveelt de onverwijlde mededeling van deze beslissing aan de verzoeker, het Openbaar Ministerie en de in 1.1. genoemde raadsheren.
Aldus gegeven te ’s-Hertogenbosch op 17 april 2025 door mr. T.A. Gladpootjes, voorzitter, mr. C.N.M. Antens en mr. J.W. van Rijkom, leden, bijgestaan door mr. A.S. van Middelkoop, griffier.
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 19 november 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3697.