Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2024-12-02
ECLI:NL:GHSHE:2024:4000
Strafrecht
Hoger beroep
10,358 tokens
Inleiding
Parketnummer : 20-000628-22
Uitspraak : 2 december 2024
TEGENSPRAAK
(Art. 279 Sv)
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 7 maart 2022, in de strafzaak met parketnummer 02-277272-20 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1975,
wonende te [adres 1] .
Hoger beroep
De rechtbank heeft verdachte ter zake van – kort gezegd – mensensmokkel veroordeeld tot een gevangenisstraf van 27 maanden met aftrek van voorarrest.
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank zal bevestigen met uitzondering van de opgelegde straf en de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf van 28 maanden met aftrek van voorarrest.
De verdediging heeft verweren gevoerd betreffende de bewezenverklaring en de strafmaat en heeft een verzoek tot reconstructie gedaan.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de gronden waarop dit berust, behalve voor wat betreft de bewijsvoering, de kwalificatie van het bewezenverklaarde en de opgelegde straf en de strafmotivering.
Bewijsmiddelen
Nu de door de rechtbank tot bewijs gebezigde bewijsmiddelen de nodige aanpassingen en aanvullingen behoeven, vervangt het hof die bewijsmiddelen in zijn geheel door de navolgende bewijsmiddelen:
Algemeen
Tenzij anders vermeld wordt hierna verwezen naar pagina’s van het dossier van de Koninklijke Marechaussee, Brigade Recherche, onderzoek 27Gidya, registratienummer 20084648, opgemaakt door verbalisant, [verbalisant 1] , doorgenummerde dossierpagina’s 1 tot en met 474. Alle tot het bewijs gebezigde processen-verbaal zijn, voor zover niet anders vermeld, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde verbalisanten en alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.
1.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 20 oktober 2021 van verbalisant [verbalisant 2]
(pagina 303 e.v) inhoudende:
(p. 305)
Op dinsdag, 14 september 2021, heeft het onderzoeksteam van het Internationaal Rechtshulp Centra (IRC) Zeeland / West Brabant antwoorden ontvangen aangaande het rechtshulpverzoek UK voornoemd. ik heb de uitvoeringstukken geanalyseerd en de navolgende bevindingen zijn hieruit naar voren gekomen:
1.Boekingsinformatie [bedrijf 1]
Referentienummer: F90386185;
Boekingsdatum: 02 november 2020
Vertrekdatum/tijd: 03 november 2020 / 01:25 uur;
Aankomstdatum / tijd: 03 november 2020 / 03:55 uur;
Betreffende: lx voertuig en 2x passagiers;
Kenteken voertuig: [kenteken]
Passagiers: mr. [verdachte] (..).
Totaal prijs: 114 Britse Pond.
Ik zag dat de verstrekte huurovereenkomst van [bedrijf 2] de navolgende
informatie bevatte:
Huurovereenkomst:
Factuurnummer: LM19365;
Boeking referentienummer: #1087815;
Huurder: Mr. [verdachte]
Geboortedatum: [geboortedag] 1975
Contactgegevens:
[adres 1]
[telefoonnummer 1] ;
Gehuurd voertuig: Citroen Relay 35 L3H2 120;
Kenteken: [kenteken] ;
Huurperiode vanaf: 02 november 2020 te 13:27 uur
Ik zag dat de verstrekte GPS locatie van de Citroen Relay, voorzien van het Britse kenteken
[kenteken] , in de periode van maandag, 02 november 2020, tot en met donderdag, 05 november 2020, de navolgende locaties en tijd betrof:
• UpdateTime GPSFixTime
03/11/2020 05:02 03/11/2020 05:02
- [adres 2] .
2.
Het proces-verbaal van verhoor van verdachte, opgenomen op dossierpagina’s 84 en 85 voor zover inhoudende zakelijk weergegeven:
V:Hoe laat vertrok de boot naar Calais?
A:Geen idee, ik heb het eerder gezegd, ik geloof 01:00 uur weet ik niet precies.
V: Op welke wijze heb je de oversteek betaald en hoeveel heb je hiervoor betaald?
A: Met mijn bankpas, 110 Britse pond.
V: Moest je van tevoren een reservering maken of was het mogelijk om ter plaatse een ticket te kopen?
A: Ik had een reservering.
V: Wanneer heb je die reservering gemaakt?
A: Die zelfde dag.
V: Op welke wijze?
A: Hoe bedoel je?
V: Via een bedrijf of?
A: Via de laptop, [bedrijf 1] .
3.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 3 november 2020 van verbalisant [verbalisant 3]
(pagina 154 e.v.) inhoudende:
Uit de kentekengegevens van het ANPR zijn 3 hits op het Britse kenteken [kenteken] naar
voren gekomen. Dit betreffen de volgende hits:
- 3-11-2020 08:15 op de Rijksweg A4 links hectometerpaal 248.1, Woensdrecht GO
- 3-11-2020 08:57 op de Rijksweg A4 rechts hectometerpaal 248.1, Woensdrecht GO
- 3-11-2020 10:02 op de Rijksweg A4 links hectometerpaal 248.1, Woensdrecht GO
4.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 3 november 2020 van verbalisant [verbalisant 4]
(pagina 253 e.v.) inhoudende:
De bedrijfsauto voorzien van het Britse kenteken [kenteken] komt voor in het Automatic
number- plate recognition van België. Hieruit kwamen de volgende registraties:
Dinsdag 03 november 2020 te 04:37 uur, E40 bij De Panne (grens) richting, België
Dinsdag 03 november 2020 te 08:13 uur, Al2 bij Zandvliet (grens) richting Nederland
Dinsdag 03 november 2020 te 08:58 uur, Al2 bij Zandvliet (grens) richting België
5.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 26 november 2020 van verbalisant [verbalisant 2]
(pagina 188 e.v. ) inhoudende:
Met toestemming van de Officier van Justitie mr. [verbalisant 5] is de Nokia 130, welke onder
verdachte [verdachte] in beslag is genomen, door verbalisanten van de Koninklijke Marechaussee uitgelezen. Subscriber (MS1SDN) betreft [telefoonnummer 1] .
(p.190)
Ik zag dat op 02 november 2020 te 13:53:02 uur een sms bericht ontvangen was, afkomstig
van het telefoonnummer [telefoonnummer 2] „ met daarin de volgende tekst:
"Hello [verdachte] its [betrokkene 1] thank you so much for your help my adress your takeing my
furniture to is [adres 3] see you Tuesday morning."
Hieruit is op te maken dat de verdachte [verdachte] op dinsdagochtend, 03 november 2020,
verwacht wordt aan [adres 3] met meubels. Dit bericht
is verstuurd door " [betrokkene 1] ".
Ik zag dat de overige 14 Sms-berichten afkomstig waren van mobiele providers. Waarvan
ik zag dat:
op 03 november 2020 te 03:22:09 uur een bericht ontvangen is met de mededeling
"Welkom in Frankrijk";
op 03 november 2020 te 04:39:32 uur een bericht ontvangen is met de mededeling
"Welkom in België";
op 03 november 2020 te 08:21:38 uur een bericht ontvangen is met de mededeling
"Welkom in Nederland";
alle drie de berichten afkomstig waren van de mobile provider Everything Everywhere / T-
Mobile.
6.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 3 november 2020 van de verbalisanten
[verbalisant 6] , [verbalisant 7] en [verbalisant 8] (pagina 110 e.v.
Dictum
Standpunt verdediging
De verdediging heeft het in eerste aanleg gevoerde verweer herhaald dat verdachte van het ten laste gelegde moet worden vrijgesproken omdat hij – kort gezegd – geen wetenschap heeft gehad van de vijf Albanese personen die zich bevonden in de laadruimte van de door hem bestuurde bus. Voor zover deze personen daaromtrent anders hebben verklaard, dienen deze verklaringen van het bewijs te worden uitgesloten dan wel met de grootste behoedzaamheid/terughoudendheid gebruikt te worden. Volgens de verdediging heeft verdachte enkel meubels willen vervoeren van Engeland naar Antwerpen.
Het hof overweegt daaromtrent het navolgende:
De rechtbank heeft naar aanleiding van het verweer van de verdediging in haar vonnis (pagina 4) eerst zakelijk weergegeven wat de Albanese personen hebben verklaard om vervolgens te concluderen dat er geen redenen zijn te twijfelen aan de verklaringen van de Albanese personen.
Het hof neemt de weergave van de rechtbank ten aanzien van de getuigenverklaringen over alsmede hetgeen de rechtbank heeft geoordeeld omtrent de betrouwbaarheid ervan.
Aanvullend overweegt het hof dat er weliswaar kleine verschillen in de verklaringen van de Albanese getuigen zijn te ontwaren maar dat zij evenwel in de kern consistent en authentiek hebben verklaard en hun verklaringen in die kern overeenkomen en passen bij de feitelijke gang van zaken als ook bij de inhoud van eerdere berichten van [getuige 4] en [getuige 3] d.d. 2 november 2020 waarin zij respectievelijk het kenteken delen van de bus van verdachte respectievelijk wordt gesproken over een vertrek in een goederenbusje met meubels.
In de kern verklaren de vijf Albanese mannen dat zij tegen betaling met een busje naar Engeland zouden worden vervoerd en zich in de laadruimte hebben verstopt. De authenticiteit van de verklaringen volgt bijvoorbeeld uit de verklaring van [getuige 3] daar waar hij heeft verklaard dat de chauffeur van het busje eerst twee rondjes heeft gereden om aan te geven dat hij er was en vervolgens met handgebaren wees waar zij zich moesten verstoppen, hetgeen een gebruikelijke manier van communiceren is wanneer de voertaal niet gelijk is (Engels versus Albanees).
Op grond hiervan verwerpt het hof het verweer van de verdediging dat de getuigenverklaringen niet voor het bewijs gebezigd kunnen worden.
Vervolgens heeft de rechtbank (pagina 4 en 5) een overweging gewijd aan de geloofwaardigheid van de verklaring van de verdachte (dat hij niet wist van de aanwezigheid van Albanese personen in zijn voertuig) enheeft diens verklaring ongeloofwaardig geoordeeld en geconcludeerd dat het niet anders kan zijn dan dat de vreemdelingen conform een afspraak in de laadruimte van de bestelbus – waarvan verdachte de huurder en chauffeur was – zijn gestapt, dat de verdachte op de hoogte moet zijn geweest van de aanwezigheid van die personen in de laadruimte van zijn bestelbus en dat het ook zijn bedoeling is geweest om die personen – ongemerkt en illegaal – naar Engeland te vervoeren.
Het hof heeft geen reden daaromtrent anders te overwegen en te oordelen en neemt deze overwegingen en conclusie over en verwerpt op grond daarvan het standpunt van de verdediging dat verdachte geen wetenschap heeft gehad van de Albanese personen in de laadruimte van een door hem bestuurde bus.
Verzoek om reconstructie
De verdediging heeft verzocht een reconstructie uit te voeren ter beantwoording van de vraag of het voor de vijf Albanese personen mogelijk is geweest om zich zonder hulp van buitenaf te kunnen verstoppen in de door verdachte bestuurde bus.
Het hof volgt de verdediging niet in dit verzoek, oordeelt dat dit niet noodzakelijk is en overweegt daartoe dat uit de tot bewijs gebezigde bewijsmiddelen volgt dat verdachte wist dat er zich vijf Albanese personen in de laadruimte van zijn bus bevonden en dat hij hen behulpzaam is geweest bij de doorreis door Nederland, wetende dat die doorreis wederrechtelijk was en terwijl als gevolg hiervan levensgevaar voor die vijf te duchten was. In dat verband bezien is irrelevant het antwoord op de vraag of het voor de Albanese personen mogelijk is geweest om zich zonder hulp van buitenaf te kunnen verstoppen in de door verdachte bestuurde bus. Relevant is wel dat zij gezien de situatie (zoals te zien op de filmopname p. 121 ev),zodanig verstopt zaten dat zij zich niet of nauwelijks zonder hulp van buiten zelf hadden kunnen bevrijden.
Te duchten levensgevaar
De verdediging heeft zijn in eerste aanleg gevoerd verweer herhaald dat er geen sprake is geweest van te duchten levensgevaar aangezien de laadruimte van de bus van binnenuit geopend kon worden en verdachte in zoverre van het ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken.
Met de rechtbank verwerpt het hof dit verweer onder verwijzing naar hetgeen de rechtbank daaromtrent heeft overwogen en geoordeeld op pagina 5 van het vonnis. Het hof vult aan dat uit de getuigenverklaringen volgt dat enkele getuigen hebben verklaard dat zij in die korte rit tot de aanhouding al benauwd waren, moeite hadden met ademhalen en zij niet over eten of drinken beschikten waardoor sprake was van te duchten levensgevaar.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het onder primair bewezenverklaarde wordt als volgt gekwalificeerd:
Een ander behulpzaam zijn bij doorreis door Nederland terwijl hij weet of ernstige reden heeft te vermoeden dat die doorreis wederrechtelijk is, terwijl van het feit levensgevaar voor een ander te duchten is, meermalen gepleegd.
Op te leggen sanctie
Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarnaast is gelet op de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komende in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.
Naar het oordeel van het hof kan gelet op de ernst van het bewezenverklaarde in de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming voor de hierna te vermelden duur met zich brengt.
Het hof overweegt daaromtrent het volgende.
De rechtbank heeft aan verdachte opgelegd een gevangenisstraf voor de duur van 27 maanden met aftrek van voorarrest. De advocaat-generaal heeft een gevangenisstraf gevorderd voor de duur van 28 maanden met aftrek van voorarrest. Op gronden als neergelegd in zijn pleitnota stelt de verdediging dat met een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest kan worden volstaan.
Het hof neemt over hetgeen de rechtbank omtrent de strafwaardigheid van het handelen van verdachte heeft overwogen en hetgeen in vergelijkbare zaken voor straffen worden opgelegd (pagina 7 van het vonnis).
Het hof is echter van oordeel dat in de door de rechtbank opgelegde straf onvoldoende doorklinkt het levensgevaar waaraan de Albanese personen zijn blootgesteld. Deze personen zijn zonder eten of drinken in de laadruimte “gestouwd”. Binnen circa 3 tot 4,5 uur zou daarin de alarmeringsgrenswaarde voor CO2 worden bereikt. De kans dat deze personen in dat geval eigenhandig de laadruimte zouden hebben kunnen verlaten was minimaal.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de kwalificatie en de opgelegde straf en doet in zoverre opnieuw recht:
kwalificeert het bewezenverklaarde als hiervoor vermeld;
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 28 (achtentwintig) maanden.
beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;
bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. dr. M.J.M.A. van der Put, voorzitter,
mr. dr. C.M. Hilverda en mr. R. Lonterman, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. J.H.W. van der Meijs, griffier,
en op 2 december 2024 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Inleiding
) inhoudende:
Op dinsdag 3 november 2020 omstreeks 09:00 uur, waren wij verbalisanten [verbalisant 6]
en [verbalisant 7] , nader genoemd verbalisanten, belast met een controle Mobiel Toezicht en
Veiligheid, welke genoemd staat in artikel 4 lid 1 onder F en G van de Politiewet 2012.
Wij, verbalisanten, zagen dat omstreeks 10:00 uur, er door een van de motorrijders, (…), eenvoertuig aanbood die onderworpen kon worden aan een algemene identiteitscontrole in het kader van artikel 50 lid 1 van de Vreemdelingenwet 2000.
Het voertuig dat werd aangeboden voerde de volgende gegevens:
Merk: Citroen
Type: Relay 35 L3H2
Kleur: Wit
Kenteken: [kenteken]
Wij, verbalisanten, zagen dat bij de identiteitscontrole de bestuurder
bovengemiddeld zenuwachtig was. Ik, [verbalisant 7] , zag dat de chauffeur een gespannen
lichaamshouding had, dit bleek uit trillende handen en eenzijdig zweet op zijn gelaat.
Ik, [verbalisant 7] , vroeg de bestuurder naar zijn reisdoel. Ik,
[verbalisant 7] , hoorde de bestuurder zeggen dat hij op weg was naar Hoek van Holland om
daar middels de ferry terug te keren naar Groot-Brittannië. Ik, [verbalisant 7] , zag ten tijde
van de controle in de portier aan de bestuurderszijde een ticket liggen van [bedrijf 1]
, met ddtp 03 nov, 01:25 uur. Ik, [verbalisant 7] , hoorde dat de bestuurder geen
duidelijk verhaal kon overleggen op de vraag waar hij vandaan kwam. Ik, [verbalisant 7] , hoorde de bestuurder in de haastige Engelse taal vertellen dat hij bij een vriendin was geweest in Antwerpen. Wij, verbalisanten, zagen dat de bedrijfsauto was voorzien van een dichte laadruimte.
Ik, [verbalisant 7] vroeg de bestuurder wat zijn lading was. Ik, [verbalisant 7] , hoorde de bestuurder geen duidelijk antwoord geven. Op grond van artikel 51 lid 1 Vreemdelingenwet verzochten
wij, [verbalisant 7] en [verbalisant 6] , de bestuurder zijn achterzijde van het voertuig te openen.
Ik, [verbalisant 6] , zag dat de bestuurder in eerste instantie de zijportier van de laadruimte
wilde openen. Ik, [verbalisant 6] , zag dat deze niet geopend kon worden. Ik, [verbalisant 6]
, zag dat de bestuurder doorliep naar de achterzijde van het voertuig. Ik, [verbalisant 6]
, zag dat de bestuurder beide achterportieren opende middels een ontgrendel
mechanische op zijn voertuigsleutel.
Wij, verbalisanten, roken bij het openen van de achterzijde van het voertuig een geur van
menselijke transpiratie. Wij, verbalisanten, zagen aan de rechterzijde van de laadruimte
een kastje, donkerbruin van kleur. Wij verbalisanten zagen dat daar, mogelijk een persoon in
verborgen zat. Ik, [verbalisant 7] , vroeg de bestuurder of er personen in zijn laadruimte
zouden zitten. Ik, [verbalisant 7] , hoorde de bestuurder zeggen dat dit niet het geval was.
Hierop hebben wij [verbalisant 6] en [verbalisant 9] de laadruimte onderworpen aan een
controle op mogelijke personen.
Ik, [verbalisant 6] , zag dat er zich meerdere personen bevonden in de laadruimte van
het voertuig. Ik, [verbalisant 7] , zag dat [verbalisant 6] en [verbalisant 9]
als eerst het hierboven genoemde middelgrote kastje donkerbruin van kleur van
de kant haalde, met eenmaal vreemdeling. manspersoon. Ik, [verbalisant 7] , zag dat, na
verschuiving van de goederen er in twee bankstel geraamtes, nogmaals twee vreemdelingen zichtbaar werden, beide manspersonen. ik, [verbalisant 7] , zag dat bij het openen van het laatste goed in de laadruimte, een kast met een hoogte van ongeveer 1.80 meter, nogmaals
twee vreemdelingen zichtbaar werden, beide manspersonen.
Ik, [verbalisant 6] , zag ten tijde van de identiteitsfouillering dat drie vreemdelingen in het bezit waren van een goedgelijkend Albanees paspoort. De 3 exemplaren waren voorzien van een inreisstempel op:
19-10-2020 (Hongarije)
21-10-2020 (Hongarije)
30-10-2020 (Hongarije)
Ik, [verbalisant 6] , zag dat de overige twee vreemdelingen in het bezit waren van een goed
lijkende Albanese identiteitskaart.
Ik, [verbalisant 7] , zag dat de bestuurder zicht had (het hof begrijpt: vanuit de bestuurderspositie in de cabine) op zijn laadruimte, waaruit de vreemdelingen werden aangetroffen.
Verbalisant [verbalisant 10] en [verbalisant 9] hebben de bestuurder aangehouden
ter zake artikel 197A Wetboek van Strafrecht te 10:12, ter hoogte van de
controleplaats Afslag 30 Rijksweg A4.
7.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 4 november 2020 van verbalisant [verbalisant 1]
(pagina 121 e.v. ) inhoudende:
Op dinsdag 3 november 2020, is er door een verbalisant van de Koninklijke Marechaussee en filmopname gemaakt tijdens de staande houding van het voertuig met het Engelse kenteken [kenteken] . Ik heb deze film opname bekeken en hierbij zag ik het volgende.
Ik zag in de laadruimte van de bestelbus diverse meubelstukken staan. ik zag dat er een
matras vooraan in de laadruimte van de bestelbus lag welke door verbalisanten van de
Koninklijke Marechaussee uit de bestelbus werd getild. Ik zag dat aan de linkerzijde van de
bestelbus twee lades wit van kleur stonden. ik zag dat aan de achterzijde van de laadruimte
aan de linkerzijde tevens twee geraamtes voor een bed stonden. ik zag dat voor de twee
geraamtes van het bed twee lades lagen welke zwart van kleur waren. Ik zag dat aan de
achterzijde van de laadruimte aan de rechterzijde een witte kast stond. ik zag dat voor deze
kast een zwarte lade stond. Ik zag dat naast deze lade een zwarte ladekast stond. ik zag dat
in het midden van de laadruimte aan de voorzijde een reservewiel lag.
Ik zag dat een verbalisant van de Koninklijke Marechaussee de zwarte ladekast aan de
rechterzijde van de laadruimte iets naar links kantelde. Ik zag dat ér in deze zwarte ladekast
een persoon zat, ik zag dat verbalisanten van de Koninklijke Marechaussee de persoon uit
de laadruimte begeleid. Ik zag dat een verbalisant van de Koninklijke Marechaussee de
lades aan de kant legt en de geraamtes van het bed iets uit elkaar schuift. Ik zag dat in ieder
geraamte 1 persoon zat. Ik zag dat deze twee personen onder begeleiding van een
verbalisant van de Koninklijke Marechaussee de laadruimte van de bestelwagen verlaten. Ik
zag dat vervolgens een verbalisant van de Koninklijke Marechaussee de witte kast aan de
achterzijde van de laadruimte opent. Ik zag bij het openen van deze kast dat er twee
personen in de kast zaten. Ik zag dat er een persoon rechtop stond in de kast en 1 persoon
gehurkt zat in de kast. Ik zag dat deze 2 personen onder begeleiding van een verbalisant
van de Koninklijke Marechaussee de laadruimte van de bestelbus verlaten.
8.
De eigen waarneming door de rechtbank van de camerabeelden op de dvd behorende bij het eindproces-verbaal ter terechtzitting d.d. 21 februari 2022 , inhoudende:
Op de beelden is te zien dat de verbalisanten de laadruimte van de bus al hebben geopend.
Aan de rechterzijde van de bus staat een zwart kastje met de deuren tegen wand. Dit kastje
is tegen de zijwand aangeschoven. Als dit kastje naar links wordt geschoven komt er een
persoon uit de kast gekropen. Verder zijn te zien twee onderstellen van een bank met de
openingen tegen elkaar. Deze onderstellen liggen in de lengte op hun zijkant in de bus. Als
de twee delen uit elkaar worden geschoven, komt er uit ieder deel een persoon. Twee
personen komen vervolgens uit de kast die opgesteld staat achter de twee onderstellen. In
totaal worden vijf personen in de bus aangetroffen.
9.
Het proces-verbaal verhoor getuige d.d.
Inleiding
3 november 2020 van verbalisanten [verbalisant 11] en [verbalisant 12] betreffende de verklaring van getuige [getuige 1]
(pagina 328 e.v.) inhoudende:
Nationaliteit: Albanese
V: Hoe had u gehoord van het busje?
A: Ik had gisteravond dat in het hotel gehoord van een jonge man. Ik weet niet de naam van de man, maar hij vertelde mij dat dit busje mij naar Engeland kon brengen.
V: Wat heeft u moeten betalen aan de man om naar het busje gebracht te worden?
A: We moesten 500 Euro per persoon betalen voor de reis, maar ik heb hen nu nog
niet betaald.
V: Vanaf waar vertrokken jullie met het busje?
A: We hebben elkaar gisteravond ontmoet en zijn vanochtend vertrokken. Dit was in
het hotel genaamd Minigern (fonetisch) Dit was in de plaats Brussel-Midi.
V: Had u eten of drinken meegekregen?
A: Nee, we kregen niets mee.
10.
Het proces-verbaal verhoor getuige d.d. 3 november 2020 van verbalisanten [verbalisant 11] en [verbalisant 12] betreffende de verklaring van getuige [getuige 2]
(pagina 333 e.v.) inhoudende:
Nationaliteit: Albanese
A: Ik heb ik het verleden al anderhalf jaar in Italië verbleven, want mijn
complete familie woont daar. Nu kwam deze kans op om naar Engeland te gaan. ik
wilde proberen daar te komen
V: Hierna bent u naar het hotel gegaan, welk hotel was dit?
A: Dit heet Meningere, in de stad Brussel. Dit is in het centrum. Richting
het Noorden.
V: Wat heeft er toe geleid om naar het hotel te gaan vanuit uw tante?
A: Ik had gehoord dat er daar mensen waren om mij te helpen naar Engeland te gaan.
V: Heeft u al moeten betalen voor de reis? En hoeveel?
A: Als ik daar aan zou komen zou ik 8.000 Engelse ponden moeten betalen.
V: De reis achter in het busje, hoe heeft u dit ervaren?
A: Het was moeilijk, het was zwaar en krap.
V: Kunt u verder omschrijven hoe u plaats moest nemen achter in de bus?
A: Ik ben samen met een andere jongen plaatsgenomen onder een bankstel.
V: Kon je vrij ademen?
A: Niet echt vrij, het was behoorlijk krap.
V: Had u eten of drinken bij u?
A: Nee, niets
11.
Het proces-verbaal verhoor getuige d.d. 3 november 2020 van verbalisanten [verbalisant 11] en [verbalisant 12] betreffende de verklaring van getuige [getuige 3]
(pagina 338 e.v.) inhoudende:
Nationaliteit: Albanese
V: Toen u aan kwam in België. wat heeft u toen ondernomen?
A: Ik kwam meerdere Albanezen tegen, die gaven toen aan waar de hotels zijn
waar ik naar toe kon gaan. Dat heb ik gedaan en kwam bij een
hotel terecht. Deze lag in Brussel Midden. De naam van dit hotel is Meninggen (fonetisch).
V: Wat is de doel van uw reis?
A: Ik wil naar Engeland om te gaan werken. In Albanië is er geen werk te vinden.
A: De prijs was 8.000 of 9.000 Britse Pond. Mijn familie in Albanië zou dit dan
moeten betalen.
V: U stapte achter in de bus, wat gebeurde er toen?
A: Ik ben toen onder een bankstel gekropen. ik kreeg te horen dat we het zo moesten
doen zodat het niet opviel dat wij in het bankstel zaten. De onderkant was namelijk
open en we konden tussen de planken in kruipen.
V: Dit werd gedaan door de chauffeur?
A: Ja, dit werd gedaan door de chauffeur. Er was niemand anders. Hij wees met gebaren waar we moesten verstoppen.
V: Was dit de chauffeur van de taxi of de chauffeur van het busje?
A: De chauffeur van de taxi had ons afgezet, we kregen te horen dat de chauffeur van
het busje Engels sprak, vandaar dat het met gebaren ging. De chauffeur van de taxi is
weggegaan nadat hij ons heeft afgezet.
V: Hoe heeft u de reis achter in het busje ervaren?
A: Het was moeilijk, het was warm en we kregen te horen dat we ons onder een
bankstel moesten verstoppen.
V: Kreeg u wat te drinken?
A: Nee, want dan moesten we plassen onderweg en dat was niet de bedoeling.
V: Is er nog contact geweest tussen u en de chauffeur tijdens de rit?
A: Nee, de chauffeur zette aan het begin van de rit gelijk de muziek aan.
12.
Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 3 november 2020 van verbalisanten [verbalisant 12] en [verbalisant 13] betreffende de verklaring van getuige [getuige 4] (pagina 342 e.v.) inhoudende:
Nationaliteit: Albanese
V: We hebben u vandaag aangetroffen, kunt u vertellen wat er gebeurd is?
A: Ik was samen met mijn neef in Brussel. Wij werden benaderd door een andere
persoon of wij naar Engeland wilde gaan.
0: Wij verbalisanten laten via internet een foto zien van de voorkant van Easy
Hotel Brussel en getuige geeft aan dat dit het hotel is waar hij is verbleven.
A: Ik moest 8000 Engelse Pond te betalen als ik in Engeland aan zou komen.
A: Wij zijn om 07:00 uur opgestaan in het hotel. We hebben een taxi genomen naar
een stad, ik weet niet welke stad. Dit was ongeveer 40 minuten. Wij stopten
naast een busje en de chauffeur van dat busje heeft de deuren open gemaakt en
wij zijn toen ingestapt.
V: Hoe wist u het adres waar u naartoe moest?
A: De onbekende Albanees heeft het adres op een briefje geschreven
V: Sinds wanneer had u het briefje in bezit?
A: Ongeveer 5 dagen
V: Moest u vandaag vertrekken of kon dit ook op een andere dag?
A: Nee, alleen vandaag
V: Dus dit wist u 5 dagen geleden al?
A: Ja
V: Hoe waren de omstandigheden achterin de bus?
A: Ja ik vond het best moeilijk
V: Had u iets te drinken of eten?
A: Nee
V: Voelde u zich onveilig?
A: Ja, ik voelde mij echt slecht.
13.
Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 3 november 2020 van verbalisanten [verbalisant 11] en [verbalisant 14] betreffende de verklaring van getuige [getuige 5] (pagina 348 e.v.) inhoudende:
Nationaliteit: Albanese
A: Ik ben rond gaan kijken en zo kwam ik in contact met mensen die aangaven
dat ze ons naar Engeland konden brengen. Ze vroegen aan ons of wij dat wilden en
wij zeiden ja.
V: Wat zou de reis naar Engeland kosten?
A: Dit zou ongeveer 8 a 9.000 Euro gaan kosten. Echter dit zou nog besproken worden
op het moment dat we daar aan zouden komen.
V: Hoe gaat het dan verder?
A: Ze hebben tegen ons gezegd dat er een busje zou komen te staan met een
Engels kenteken en dat we daar in moeten stappen.
V: Dit is ook het busje geweest waar mijn collega's u later in hebben aangetroffen?
A: Ja
V: Kon u vrij ademen? Bewegen?
A: Nee, het was benauwd, kon soms wel een beetje bewegen
V: Was u eten of drinken aangeboden?
A: Nee, helemaal niet.
V: Heeft u de bestuurder gezien of gesproken?
A: Nee, niet echt. Ik heb enkel langs het voertuig gelopen en toen zag ik iemand in de bus achter het stuur zitten met een pet op.
V: Moet de bestuurder hebben geweten dat jullie achter in het voertuig zaten?
A: Ja, dat kan haast niet anders. De bestuurder zat ook al in het busje nog voordat wij er in kwamen. Ik ben de bestuurder ook nog gepasseerd, dus hij moet het hebben geweten.
14.
Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 3] bij de rechter-commissaris
d.d. 1 juli 2021, inhoudende:
Was u in het bezit van geldige verblijfspapieren voor Nederland en/of Engeland?
Nee.
Heeft U instructies gekregen voordat U het busje instapte en zo ja, van wie?
Ja, we waren bij het hotel. Daar zijn we met een taxi vertrokken. Bij het hotel is ons verteld
dat we met een taxi op de plaats waar het busje zou staan gebracht zouden worden.
Inleiding
Daar zou
een busje met een Engels kenteken staan waar we moesten instappen.
Heeft u de chauffeur van het busje op enig moment gezien of gesproken?
Ik heb de chauffeur gezien toen hij met het busje aankwam rijden. Hij heeft toen een
handgebaar gemaakt. ik stapte als laatste in. Er was voor mij alleen nog plaats in een bedje '
of in een kast.
Hoe wist u dat die meneer de chauffeur was?
Dat hebben de Albanezen tegen mij gezegd. Er zou een busje aan komen rijden met een
Engels kenteken. De persoon zou dan twee keer toeteren. Dat is het busje waar wij in
moeten stappen.
Heeft U de buschauffeur op enig moment uit zien stappen?
Nee, volgens mij niet. Toen wij in de bus zaten, heb ik gehoord dat hij is uitgestapt om te
kijken of alles dicht was. Op het moment dat het busje aankwam, zag ik dat de chauffeur
een handgebaar maakte dat we achterin moesten stappen. De buschauffeur zat op dat
moment achter het stuur. Hij heeft twee rondjes gereden om aan te geven dat hij er was, hij
heeft zijn deur eventjes opengemaakt om aan te geven dat wij in konden stappen
Klopt hebt dat ik goed heb begrepen u zojuist heeft verklaard dat de chauffeur wist dat u en
de andere personen in de auto zaten.
Ja, de chauffeur wist alles.
Ik vertel het zoals ik mij herinner, zoals ik het heb ervaren: de bus is gekomen, de bus heeft twee rondjes gereden en de buschauffeur heeft gebaard dat we in moesten stappen. Ik stapte als laatst in en hij maakte een snelle handbeweging, omdat ik snel moest instappen.
Was het warm en/of benauwd in de bus?
Het was niet zo warm, maar ik had wel een beetje moeite met ademhalen.
Was er ventilatie in de bus aanwezig of werd er verse lucht aangevoerd in de bus?
Nee, er was geen ventilatie aanwezig.
15.
Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] bij de rechter-commissaris d.d.
1 juli 2021, inhoudende:
Was u in het bezit van geldige verblijfspapieren voor Nederland en/of België?
Nee.
Wie heeft aan u verteld dat u naar London zou gaan ?
Daarbij het hotel in België. Ze hebben ons bij een parkeerplaats afgezet. Ze hebben tegen
ons gezegd als er een busje aankomt, dan moeten jullie instappen. Wij hebben vooraf
doorgekregen in welk busje wij in moesten stappen. Er zou een wit busje komen aanrijden
met een Engels kenteken.
Wat moest U betalen voor de reis en aan wie?
8000 pounds moest ik betalen als we in Engeland zouden aankomen. Ik hoefde van tevoren
niks aan te betalen.
Had u het idee dat de chauffeur wist dat er personen zouden instappen?
Ja, ik geloof wel dat hij op de hoogte was. Dat denk ik, omdat het plan zo was om op die
plek in te stappen.
Hoeveel bewegingsruimte had U in de bus?
Ik had helemaal geen bewegingsruimte, het was krap.
Was het warm en/of benauwd in de bus?
Ja, het was wel beetje benauwd.
Had u de indruk dat u dat wel enige tijd vol had kunnen houden, ook als de reis langere tijd
had geduurd ?
Ik had dit niet lang vol kunnen houden als de reis te lang had geduurd.
16. Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 6] bij de rechter-commissaris
d.d. 1 juli 2021, inhoudende:
Wat was de eindbestemming van de reis met de bus?
Engeland.
Was u in het bezit van geldige verblijfspapieren voor Nederland en/of Engeland?
Voor Nederland wel, ik had namelijk mijn Albanese paspoort bij mij. Voor Engeland had ik geen geldige verblijfspapieren.
Heeft U instructies gekregen voordat U het busje instapte en zo ja, van wie?
We hebben van een Albanees op een brief een adres gekregen waar we moesten zijn. maar de naam van de plaats heb ik niet onthouden..
Hoe bent u naar het busje gekomen waar u bent ingestapt?
Met een taxi.
Waar bent u uitgestapt, een plein, een station, een straat?
Ik ben uitgestapt in een gewone straat.
Toen u in de straat stond met uw neef wat gebeurde er toen?
Het busje kwam aanrijden en toen zijn wij ingestapt
We zijn in totaal met 5 personen ingestapt.
Waar heeft u die drie andere mannen voor het eerste gezien?
Bij het instappen van het busje. Ik had het kenteken doorgekregen en ik wist niet wie die anderen waren die daar in zouden gaan.
Hoe heeft u de kenteken doorgekregen?
Via een stuk papier, dat briefje. (…) toen we erin zijn gegaan heeft iedereen een plek gevonden. Er waren twee bankstellen volgens mij en een commode. Ik zat in een soort kast/commode samen met mijn neef.
Hoe is de achterdeur van de bus dichtgegaan?
Ik weet het niet. Volgens mij heeft de chauffeur dat gedaan, maar ik zat op dat moment in de kast.
Wist de chauffeur dat u met zijn vijven in de bus zat?
Voor die redenen was de chauffeur gekomen.
17.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 11 december 2020 van verbalisant
[verbalisant 15] (pagina 209 e.v.) inhoudende:
Met toestemming van de officier van justitie mr. [verbalisant 5] is de Samsung A50, welke
onder [getuige 5] in beslag is genomen, door verbalisanten van de Koninklijke
Marechaussee uitgelezen.
Afbeelding 2 30 oktober 2020
Selfie van [getuige 5] , ligt in een bed. Uit de locatiegegevens 50.8502129, 4.35556158
Uit onderzoek op google maps blijkt dat dit mogelijk kan zijn het Easyhotel te Brussel.
Afbeelding 4 van 1 november 2020
Betreft een afbeelding van de plattegrond van Antwerpen met het adres:
- [adres 3] . België
18.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 3 november 2020 van verbalisant [verbalisant 3]
(pagina 203 e.v.) inhoudende:
Met toestemming van de officier van Justitie mr. [verbalisant 5] is de Apple 'Phone X
mobiele telefoon, welke onder [getuige 4] in beslag is genomen, uitgelezen.
Op 2 november 2020 omstreeks 19:41 uur stuurt [getuige 4] : [kenteken]
Opmerking verbalisant:
[kenteken] betreft het kenteken van de Citroën Relay waarin verdachte [verdachte] reed en
waarin de vreemdelingen in de laadruimte zijn aangetroffen.
Op 3 november 2020 omstreeks 09:41 uur heeft [getuige 4] een gemiste oproep van [betrokkene 4] .
Omstreeks 09:42 stuurt [getuige 4] : We zijn ingestapt ik kan niet praten
19.
Het proces-verbaal bevindingen d.d. 19 januari 2021 van verbalisant [verbalisant 1]
(pagina 225 e.v.) inhoudende:
Met toestemming van de officier van justitie mr. [verbalisant 5] is de Samsung SM-
G90317, welke onder [getuige 7] in beslag is genomen, door een verbalisant van de
Koninklijke Marechaussee uitgelezen.
Gesprek op Facebook Messenger 2 november 2020 met [betrokkene 2] :
Op maandag 2 november 2020 heeft [getuige 7] een gesprek met [betrokkene 2] en hij zegt tegen haar
dat hij gaat vertrekken in een goederenbusje met meubels.