Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2023-06-09
ECLI:NL:GHSHE:2023:1896
Strafrecht
Hoger beroep
11,877 tokens
Inleiding
Parketnummer : 20-000328-21
Uitspraak : 9 juni 2023
TEGENSPRAAK
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen, na verwijzing van de zaak door de Hoge Raad op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 22 mei 2017 met parketnummer 01-993219-13 in de strafzaak tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1952,
wonende te [adres] .
Procesverloop
Bij vonnis van 22 mei 2017 heeft de rechtbank de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde onder feit 3 (kort gezegd: wapenbezit) en is de verdachte ter zake van ‘het deelnemen aan een organisatie die het oogmerk heeft tot het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10, derde, vierde en vijfde lid, artikel 10a, eerste lid en artikel 11, derde lid van de Opiumwet en het deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven’ (feit1) en ‘het medeplegen van gewoontewitwassen’ (feit 2) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaar met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de rechtbank onttrekking aan het verkeer gelast van de inbeslaggenomen goederen, te weten: twee vuurwapens (Browning Pro 9 en Rossie 38 Special).
Namens de verdachte is op 31 mei 2017 tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.
In hoger beroep heeft het gerechtshof ’s-Hertogenbosch bij arrest van 28 januari 2019 het vonnis waarvan beroep vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de verdachte niet-ontvankelijk verklaard voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 3 tenlastegelegde, de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde onder 1 en de verdachte ter zake het onder 2 tenlastegelegde (gewoontewitwassen) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 122 dagen met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof de onttrekking aan het verkeer gelast van de inbeslaggenomen goederen, te weten: Browning Pro 9 en Rossie 38 Special.
Namens de verdachte is op 11 februari 2019 tegen dit arrest beroep in cassatie ingesteld.
De Hoge Raad heeft bij arrest van 9 februari 2021 het bestreden arrest vernietigd en de zaak teruggewezen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Omvang van het hoger beroep na verwijzing door de Hoge Raad
De Hoge Raad heeft het laatst bestreden arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 28 januari 2019 vernietigd. Bij vonnis van de rechtbank Oost-Brabant van 22 mei 2017 is de verdachte vrijgesproken van feit 3 (wapenbezit) en in hoger beroep bij arrest van 28 januari 2019 is de verdachte vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie (feit 1) en partieel vrijgesproken van de onder 2 tenlastegelegde handelingen (van geldbedragen de aard, herkomst, vindplaats, vervreemding, verplaatsing verborgen/verhuld en verborgen/verhuld wie de rechthebbende van geldbedragen was) en veroordeeld voor ‘het voorhanden hebben’ van geldbedragen.
Het hof dient derhalve thans uitsluitend een oordeel te geven over het onder feit 2 tenlastegelegde gewoontewitwassen ten aanzien van ‘het voorhanden hebben’.
In zoverre zal het hof de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw berechten en afdoen.
Al hetgeen hierna wordt overwogen en beslist heeft uitsluitend betrekking op dat gedeelte van het bestreden vonnis dat thans – na terugwijzing – nog aan het oordeel van het hof is onderworpen.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is -na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad- gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en opnieuw rechtdoende, het tenlastegelegde bewezen zal verklaren en de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 60 dagen met aftrek van voorarrest.
Door de verdediging is vrijspraak bepleit en daarnaast een strafmaatverweer gevoerd.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep – voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen - zal worden vernietigd omdat in hoger beroep de tenlastelegging - en aldus de grondslag van het onderzoek - is gewijzigd.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is – voor zover nog aan de orde in hoger beroep en na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in hoger beroep - tenlastegelegd dat:
2.hij in of omstreeks de periode van 15 augustus 2012 tot en met 23 september 2014 te Eindhoven, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal een of meer voorwerpen, te weten
- 12.800 euro en/of
- 68.000 euro, althans 42.000 en/of
- 48.500 euro en/of
- 35.000 euro,
althans een of meer geldbedragen
heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet en/of gebruik heeft gehad terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) dat dat/die voorwerp(en) – onmiddellijk of middellijk – afkomstig was/waren uit enig misdrijf;
en hij, verdachte en/of zijn mededader(s), van het plegen van witwassen aldus een gewoonte heeft/hebben gemaakt.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij in de periode van 1 augustus 2013 tot en met 15 maart 2014 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander, meermalen, althans eenmaal een of meer voorwerpen, te weten
- 12.800 euro en
- 68.000 euro, althans 42.000 en
- 48.500 euro en
- 35.000 euro,
althans een of meer geldbedragen
voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte en zijn mededader wisten dat die voorwerpen – onmiddellijk of middellijk – afkomstig waren uit enig misdrijf;
en hij, verdachte en zijn mededader, van het plegen van witwassen aldus een gewoonte heeft gemaakt.
Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Bewijsmiddelen
Indien tegen dit verkorte arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, worden de door het hof gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het arrest. Deze aanvulling wordt dan aan dit arrest gehecht.
Bewijsoverwegingen
Feiten
De verdediging heeft ter terechtzitting in hoger beroep bepleit dat de verdachte zal worden vrijgesproken van de het onder 2 tenlastegelegde feit. Daartoe is - op gronden zoals verwoord in de pleitnota - aangevoerd dat niet bewezen kan worden dat de bedragen een criminele herkomst hadden maar opbrengsten zouden betreffen uit de horlogehandel van de zoon van de verdachte, [zoon van de verdachte] , en als deze bedragen wel een criminele herkomst zouden hebben dan kan niet worden aangenomen dat de verdachte daar wetenschap van had.
Het hof overweegt als volgt.
Het hof stelt voorop dat ter terechtzitting het fragment is beluisterd van het OVC-gesprek d.d. 7 augustus 2013. Volgens de verdediging heeft de verdachte ‘ok nog’ gezegd in plaats van een ‘nieuw hok’ en ‘kiele kiele’ in plaats van ‘een kilo’. Het hof heeft niet zonder twijfel kunnen vaststellen wat er precies is gezegd en zal dit deel van het gesprek dan ook niet gebruiken voor het bewijs.
Op grond van de bewijsmiddelen stelt het hof het volgende vast. Uit de in de antiekzaak van verdachte opgenomen OVC-gesprekken blijkt dat verdachte contante geldbedragen heeft aangenomen die afkomstig waren van dan wel bestemd waren voor zijn zoon, [zoon van de verdachte] (hierna: zijn zoon). Voor de precieze weergave van de gesprekken verwijst het hof naar de bewijsmiddelen. Naar het oordeel van het hof kan op grond hiervan worden vastgesteld dat verdachte op 21 augustus 2013 een bedrag van ongeveer € 12.800,- in ontvangst heeft genomen voor zijn zoon en dat hij in de periode voorafgaande aan 20 december 2013 een bedrag van ongeveer € 68.000,-, op 13 februari 2014 een bedrag van ongeveer € 48.500,- en op 15 maart 2014 een bedrag van ongeveer € 35.000,- in bewaring had voor zijn zoon. Deze vaststellingen worden gebaseerd op OVC-gesprekken alsmede door de eigen verklaring van verdachte van 2 december 2014 waarbij hij verklaart dat zijn zoon hem wel eens geld gaf om te bewaren en dat zijn zoon hem wel eens een envelop gaf met - zo begrijpt het hof - geld. Volgens verdachte was het bedrag dat zijn zoon hem gaf zo tussen de € 10.000,- en € 30.000,-, echter nooit meer dan € 100.000,-. Verder heeft verdachte verklaard dat als [betrokkene 1] geld kwam halen, dit geld van zijn zoon was.
De raadsman van verdachte heeft als verweer gevoerd dat de opgenomen OVC-gesprekken
in de antiekzaak van verdachte niet als bewijs kunnen worden gebruikt nu de schriftelijke
weergaven van de inhoud van de OVC-gesprekken zijn aan te merken als ‘andere
geschriften’ als bedoeld in artikel 344 lid 1 sub 5 van het Wetboek van Strafvordering en dat
hiermee zonder (een) ander(e) bewijsmiddel(en) uiterst terughoudend mee om dient te
worden gegaan.
Het hof verwerpt dit verweer. Wat er ook zij van de kwalificatie die de raadsman toedicht aan de processen-verbaal inzake de weergave van de inhoud van OVC-gesprekken en het bepaalde in sub 5 van de door raadsman genoemde bepaling, overweegt het hof dat de inhoud van die gesprekken uitdrukkelijk wordt onderschreven door verdachtes eigen verklaring van 2 december 2014, waarin hij - kort gezegd - erkent dat zijn zoon hem vaker grote geldbedragen (tien, twintig of dertigduizend euro) gaf om te bewaren, zijn zoon zijn geld niet thuis wilde bewaren, verdachte dat geld in de kluis achterin de antiekzaak bewaarde en [betrokkene 1] best wel eens € 30.000,- voor zijn zoon bij de verdachte kan hebben opgehaald.
Het hof stelt voorts vast dat het onderzoek in deze strafzaak geen direct bewijs heeft
opgeleverd dat de gelden waarop de witwasgedragingen van verdachte betrekking
hebben van een concreet misdrijf afkomstig zijn. Witwassen kan in zo’n geval echter bewezen worden geacht indien het op grond van de vastgestelde feiten en omstandigheden niet anders kan zijn dan dat het geld of de goederen direct of indirect uit enig misdrijf afkomstig zijn. Daarvoor zal eerst moeten worden vastgesteld dat er sprake is van een vermoeden van witwassen. Indien dat het geval is, mag van de verdachte worden verlangd dat hij een verklaring geeft voor de (legale) herkomst van het geld of de goederen. Deze verklaring dient concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk te zijn. Indien hieraan wordt voldaan en de verklaring van verdachte daartoe dus aanleiding geeft, ligt het vervolgens op de weg van het openbaar ministerie om nader onderzoek te doen naar de eventuele alternatieve herkomst van het geld en de goederen. Uit de resultaten van dit onderzoek zal dienen te blijken dat met voldoende mate van zekerheid kan worden uitgesloten dat de goederen waarop de verdenking betrekking heeft, een legale herkomst hebben en dat daarom een criminele herkomst als enige aanvaardbare verklaring kan gelden.
Gelet op de omstandigheden waaronder verdachte het geld van en voor zijn zoon in ontvangst heeft genomen en onder zich heeft gehouden, is het hof van oordeel dat sprake is van een vermoeden van witwassen. Van verdachte mag dan ook worden verlangd dat hij een concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring geeft aangaande de herkomst van voormelde geldbedragen en goederen.
Verdachte heeft in dat verband verklaard dat hij dacht dat het geld dat hij voor zijn zoon in ontvangst nam en voor hem bewaarde, afkomstig was uit zijn zoons horlogehandel en dat hij niet wist van strafbare feiten.
Met de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat, zoals de verdachte heeft verklaard, inderdaad ook sprake lijkt te zijn geweest van handel in horloges, zonder dat overigens daarmee tevens aannemelijk is geworden dat deze horloges niet – middellijk of onmiddellijk - afkomstig zijn van enig misdrijf.
Verdachte heeft grote, hem tenlastegelegde geldbedragen ten behoeve van zijn zoon onder zich gehad. Deze afzonderlijke bedragen zijn bij gebrek aan enige vorm van administratie evenwel niet, en zeker niet zonder meer, met de vereiste aannemelijkheid te relateren aan de gestelde handel in horloges. Een handel waarvoor bovendien geldt dat niet aannemelijk is geworden dat de financiering daarvan niet – middellijk of onmiddellijk – afkomstig is van enig misdrijf. Bij dit oordeel heeft het hof het volgende aangaande de (ook) bij verdachte aanwezige wetenschap ter zake witwassen betrokken. Naar het oordeel van het hof wist verdachte van de criminele activiteiten van zijn zoon en [betrokkene 1] en dat beiden daarin nauw samenwerkten. De verdachte stond toe dat aan drugs te relateren gesprekken en ontmoetingen plaatsvonden in zijn antiekzaak, nam grote contante geldbedragen in ontvangst en bewaarde deze of gaf deze af aan [betrokkene 1] . Verdachte nam telefoons in bewaring en nam boodschappen voor zijn zoon aan. Het hof verwijst in het bijzonder naar de in de antiekzaak van verdachte opgenomen OVC-gesprekken van 11 oktober 2013, 14 oktober 2013, 15 oktober 2013 en 30 januari 2014.
Gelet hierop acht het hof het dan ook niet geloofwaardig dat verdachte in het geheel niet op de hoogte zou zijn geweest van de aard, de bron en/of de bestemming van de geldbedragen die aan hem in bewaring waren gegeven. Meer in het bijzonder acht het hof het ongeloofwaardig dat verdachte in het geheel niet zou hebben geweten dat deze geldbedragen middellijk (al dan niet door de verkoop van horloges) dan wel onmiddellijk afkomstig waren uit de opbrengst die in strijd met de Opiumwet was verkregen.
Het hof wijst in dit verband op het gesprek dat plaatsvond tussen verdachte, zijn zoon, [betrokkene 1] en 2 NN-mannen d.d. 24 oktober 2013 (bron 1.1, pag. 181-183). In dat gesprek geeft verdachte aan wat hij zegt als hij iets anders bedoelt en spoort de gesprekspartner aan hetzelfde te doen; je moet gewoon zeggen dat je een lampje of een klokje op komt halen.
Dictum
Het hof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en doet in zoverre opnieuw recht;
verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.
verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 60 (zestig) dagen.
beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Aldus gewezen door:
mr. W.E.C.A. Valkenburg, voorzitter,
mr. H.A.T.G. Koning en mr. P.J.D.J. Muijen, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. L.C.J.M. Hillebrandt, griffier,
en op 9 juni 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
mr. H.A.T.G. Koning en mr. P.J.D.J. Muijen zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[verdachte] : Dat is met die handel he, ik bracht het altijd gauw weg... .ik heb het wel eens gehad dat ik ooit dat ik... .ik kreeg 83 centen meer dan ik verwacht had... .maar kreeg ik kreeg ook wel eens 1 euro 70 minder 2 euro gegokt he. .. .niet veul he Zelf een kilootje gekocht jongen... .van de prijs
NN-man: Ja das ook lekker
[verdachte] : Maar 1000 x 4,5 euro is wel 4500 euro …in de min hè... dan gaat het hard he, zo’n grammetje (fon)
vanaf 14:06 uur
[zoon van de verdachte] zegt dat ‘hij’ weer een keer op en neer moest. NN-man zegt dat hij dan gewoon monsters heeft, dan komt dat wel goed. Hij moest er 50 voor iemand hebben. Dan heb ik 20 pakjes over die kan ik dan als monstertjes uitdelen. Ze hebben wel veel belangstelling maar ze willen allemaal een keer proeven he. [zoon van de verdachte] zegt dat dat normaal is.
[zoon van de verdachte] : In principe als je weer een beetje op de dinge en ze hebben continue, is dat een leuk handeltje, kun je gewoon iedere week goed de kost van verdienen. Maar dat blijft altijd, want over twee weken is het weer op.
NN-man: Zolang de voorraad strekt....
[zoon van de verdachte] : Alleen op meer betalen als er weinig is
NN-man: Ja dat zal wel aan liggen watje koopt he
[zoon van de verdachte] : Ja
(..)
[zoon van de verdachte] zegt dat hij even gaat rijden naar Bels
NN-man zegt dat hij wilde zeggen dat als het allemaal door gaat kan hij er een 1000 of 25 kwijt. Maar nog even als het door gaat he.
[verdachte] : Is goed jongen, komt goed. Niet teveel over buurten, rustig aan een beetje he
NN-man: Nee, dar praat ik nooit over [verdachte] , nee dat kun je wel aan mij overlaten
[verdachte] : Nee maar ik bedoel, ik praat het niet goed he maar...
NN-man: Nee nee
[verdachte] : Ze zijn allemaal zo afgunstig, je weet het niet he
NN-man: Ja maar ik weet nu wie er bij zit he, want anders praat ik er helemaal niet over. Dan zal je mij er niet over horen. Maar ik doe ook nooit niks over de telefoon of zo.
[verdachte] : Nee, nooit doen
NN-man: Ik kom gewoon even aan
[verdachte] :… ik zeg gewoon lampje ophalen of klokske ophalen of zo...
NN-man: Ja... dan weet ik wel wat er aan de hand is
[verdachte] : Is altijd goed he.je moet gewoon zeggen dat je een lampje of een klokje op komt halen
NN-man: Ja dan weet ik wel wat er aan de hand is
[zoon van de verdachte] : Zullen we even rijden?
Zaaksdossier Criminele organisatie, p. 2-10: gesprek d.d. 22 mei 2014 tussen [zoon van de verdachte] , [betrokkene 2] en [betrokkene 3] bij een snackrestaurant:
[...] [betrokkene 3] : Maar ehh wel goed verpakken, hoe doe jij het verpakken.
[zoon van de verdachte] : . onverstaanbaar . gewoon ehh zeg maar ehh kussens maken. Zo plat mogelijk. En dan laten ... onverstaanbaar.
[betrokkene 3] :En die ... onverstaanbaar ... plak je gewoon bovenop.
[zoon van de verdachte] : Mooie vierkante kussens.
[betrokkene 3] : En ik doe er dan meestal krimpfolie er omheen. En een tweede zak doe ik…onverstaanbaar
[zoon van de verdachte] :Ja wij doen meestal wassen ook.
[betrokkene 3] :En dan een zakje er omheen.
[zoon van de verdachte] : En dan terpentine of wasbenzine ertussen.
[betrokkene 3] : Vreet dat niet door het plastic.
[zoon van de verdachte] : Wat zei je. Alleen maar de buitenste. Buitenste zak wassen en de rest.
[betrokkene 3] :Ja ja met benzine.
[zoon van de verdachte] :Wat zei je.
[betrokkene 3] :Ja het beste met ... onverstaanbaar ... of benzine.
[zoon van de verdachte] : Wat zei je?
[betrokkene 3] : Het beste met een andere benzine
[zoon van de verdachte] : (onverstaanbaar) de eerste en dan de tweede ... (onverstaanbaar)
[betrokkene 3] : Wij hebben er wel eens een keer 6 pallets op gehad staan, hond erop, ik hoordé niks.
Dus als je het goed doet.
[zoon van de verdachte] : Als je ze maar wast dat is het handigste ... Een hond ruikt ... onverstaanbaar
[betrokkene 3] : (onverstaanbaar) .. en 6 pallets vol staan en mag doorrijden. Ja of het is een
slechte hond of wij hebben het goed
gedaan.
[zoon van de verdachte] : Ja zijn neus of hij was verkouden.[..]
[... ] [zoon van de verdachte] : Ja maar als het goed ding is dan wil ik er wel iedere week vijftien hebben
[betrokkene 3] : Die hebben we op het moment effe niet.
[zoon van de verdachte] : Wat zei je?
[betrokkene 3] : Die hebben we op het moment effe niet. Die wil ik ook hebben
[zoon van de verdachte] : Ja
[betrokkene 3] : En heb je er een klant ook voor, iedere week.
[zoon van de verdachte] : Ja. Ik heb ook nog een eigen dingetje wat, wat, wat loopt.
[betrokkene 3] : Kun je daar wat bij gooien? Stuk of 500 kilo.
Vervolgens is het onverstaanbaar wat er gezegd wordt.
[betrokkene 3] :Waar gaat die naar toe.
[zoon van de verdachte] : Verschillend, eentje gaat naar Londen en een gaat naar Manchester.
[betrokkene 3] :Manchester is het beste. Die hebben veertig om elke keer over te zetten. Dat is maar een half uurtje.
[zoon van de verdachte] :Birmingham heb ik ook
[betrokkene 3] :=Birmingham heb ik ook klanten. Die willen weer geen “md” ‘Die hebben liever gewone. Maar ik ben er nou al een hele tijd niet meer geweest.
[zoon van de verdachte] :Maar dat komt omdat bij ons die Liverpool jongens veel naar Ierland doen.
[betrokkene 3] :Daar beur je wel de beste prijs.
[zoon van de verdachte] :Daar heb ik ook verkocht.[...]
[...] [zoon van de verdachte] : lk beur vijfenzestig. Maar dat duurt ongeveer twee weken.
[betrokkene 3] :Dat ligt eraan. Ik heb wel eens gehad de dag erna maar ook ooit wat jij zegt, over een week of twee. Het valt er altijd tussenin.
[zoon van de verdachte] :lk hou altijd twee weken, kan het nooit tegenvallen.
Feiten
Dit volgt op de mededeling van de gesprekspartner dat hij er een 1000 of 25 kwijt kan en de keuze van verdachte en de gesprekspartner om in dat geval ‘nooit niks over de telefoon of zo’ te bespreken. Daarmee is sprake van verhullen en dat dient een duidelijk doel; geheim houden wat geheim moet blijven. In het licht van het gehele dossier ziet dit advies over lampjes en klokken naar zonder meer mag worden aangenomen op zaken die verband houden met de Opiumwet en dus in ieder geval voor politie en justitie geheim moet blijven. Het hof is van oordeel dat deze wetenschap voorts onder meer volgt uit de volgende opgenomen gesprekken waarbij verdachte aanwezig was, al dan niet deelnam aan het gesprek of over wetenschap bij verdachte wordt gesproken:
- het OVC- gesprek van 22 mei 2014 waarin zijn zoon zegt dat “nu we die ene kwijt zijn want ik had het er laatst met ons pap over van ehh ik moet zeggen ik heb een hele zware pijp gerookt”;
- het gesprek van 7 augustus 2013 waarin tussen de verdachte en zijn zoon wordt gesproken over jongens die betaald moeten worden;
- het gesprek van 14 oktober 2013 waarbij verdachte in het volste vertrouwen wordt genomen over het kwijtraken van tassen weed en dat verdachte vervolgens zegt dat zijn zoon in Spanje zit;
- het gesprek op 15 oktober 2013 waarin onder meer wordt gezegd dat ‘ze’ beter een groter hok kunnen oppakken dan geld en dat de verdachte zegt dat hij dat ook van ‘onze’ [zoon van de verdachte] terug hoort.
In een ander OVC-gesprek van 14 november 2013 tussen verdachte en NN [naam 7] wordt gesproken over een speciaal nummer waarmee zijn zoon alleen maar sms’t en waarin het gaat over 50, 60 kilo nat. Het hof is van oordeel dat de inhoud van dit gesprek en de wijze van communiceren via een speciaal nummer, waarop alleen ge-sms’t wordt, duidt op criminele handel. Op 30 januari 2014 wordt tussen de verdachte en [betrokkene 1] gesproken over telefoontjes van zijn zoon die bij de verdachte zouden liggen. [betrokkene 1] zegt dat ‘ze’ met drie auto’s achter hem aan reden, dat hij even niks doet en thuis alles heeft opgeruimd en zijn telefoon niet bij zich heeft. Verdachte geeft aan dat hij ook goed om zich heen kijkt.
Uit de tap- en de OVC-gesprekken volgt dat wat in de winkel met vertrouwelingen heimelijk werd besproken en waarvan verdachte op meerdere momenten deelgenoot is geweest enkel heeft kunnen zien op criminele activiteiten. Bij gebrek aan informatie over voldoende legale inkomsten om deze tenlastegelegde bedragen te kunnen verantwoorden – informatie die ook verdachte desgevraagd niet kon geven – houdt het hof het erop dat deze bedragen verband houden met inkomsten uit criminele activiteiten. Dit was, zoals reeds opgemerkt, ook verdachte genoegzaam bekend. Bij deze wetenschap acht het hof bewezen dat verdachte in de periode van 1 augustus 2013 tot en met 15 maart 2014 de in de tenlastelegging genoemde bedragen onder zich heeft gehad en zich zodoende schuldig heeft gemaakt aan het plegen van gewoontewitwassen, zoals strafbaar gesteld in artikel 420ter Wetboek van Strafrecht.
Bij het voorgaande gaat het hof uit van een nauwe en bewuste samenwerking tussen
verdachte, zijn zoon en [betrokkene 1] . Het hof acht medeplegen dan ook bewezen.
Het hof acht, anders dan de verdediging, het medeplegen van gewoontewitwassen wettig en overtuigend bewezen.
Het verweer strekkende tot vrijspraak van het tenlastegelegde wordt verworpen.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde wordt gekwalificeerd als:
medeplegen van gewoontewitwassen.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. Het feit is derhalve strafbaar.
Strafbaarheid van de verdachte
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten.
De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.
Op te leggen sanctie
De raadsman heeft bepleit aan de verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen gelijk aan het voorarrest.
Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarnaast is gelet op de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komende in het hierop gestelde wettelijke strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van gewoontewitwassen. Door zijn gedragingen heeft de verdachte bijgedragen aan het verbergen of verhullen van verdiensten uit criminele activiteiten. Daarbij is rekening gehouden met de omstandigheid dat de verdachte door het bewezenverklaarde de integriteit van het financiële en economische verkeer heeft geschonden door een geldbedrag, verkregen uit een misdrijf, aan het zicht van justitie te onttrekken door daaraan een schijnbaar legale herkomst te geven. Ook neemt het hof in aanmerking dat de verdachte kennelijk slechts heeft gehandeld met het oog op persoonlijk financieel gewin, zonder zich te bekommeren om de gevolgen van zijn gedragingen voor de samenleving waar hij deel van uitmaakt.
Bij de strafoplegging heeft het hof voorts acht geslagen op het uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 28 maart 2023 waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder ter zake van een soortgelijk strafbaar feit onherroepelijk is veroordeeld. Tevens heeft het hof gelet op de overige persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan ter terechtzitting is gebleken.
Alles afwegende acht het hof oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 100 dagen passend en geboden.
Het hof overweegt met betrekking tot het procesverloop in deze zaak nog het volgende.
Als uitgangspunt heeft te gelden dat de behandeling van de fases van hoger beroep en cassatie telkens dienen te zijn afgerond met een eindarrest binnen twee jaren nadat het beroep is ingesteld, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Als uitgangspunt heeft voorts te gelden dat in de regel sprake is van overschrijding van de redelijke termijn indien de stukken van het geding meer dan acht maanden na het instellen van het beroep in cassatie ter griffie van de Hoge Raad zijn ingekomen.
In de onderhavige strafzaak is de verdachte in verzekering gesteld op 23 september 2014. De rechtbank heeft vonnis gewezen op 22 mei 2017. Namens de verdachte is op 31 mei 2017 hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft bij arrest van 28 januari 2019 de verdachte veroordeeld. Vervolgens is op 11 februari 2019 beroep in cassatie ingesteld. De Hoge Raad heeft op 9 februari 2021 arrest gewezen, waarbij de zaak is teruggewezen naar dit hof opdat de zaak op het bestaande hoger beroep gedeeltelijk opnieuw wordt berecht en afgedaan. Het hof zal bij arrest van heden – 9 juni 2023 – eindarrest wijzen.
Het hof stelt derhalve vast dat de overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg met ongeveer 8 maanden en in het hoger beroep na terugwijzing met ongeveer 4 maanden is overschreden. Van bijzondere omstandigheden die het tijdsverloop, althans de overschrijding van de redelijke termijn, rechtvaardigen is het hof niet gebleken.
Dictum
onverstaanbaar
[zoon van de verdachte] : Wat zei je.
[betrokkene 3] : Wat goed is komt terug.
[zoon van de verdachte] :Ja normaal gesproken wel. .. . onverstaanbaar.. . maar die heeft wat problemen gehad. Dus nou ehh ben Ik weer met hennep, en als dat klaar is, dat duurt ongeveer nog twee weken en dan ehh. [...]
[...] [zoon van de verdachte] : Ja maar gaat wel allemaal goed. Geen problemen mee gehad .. onverstaanbaar kreeg ik 65 rooien van en dan morgen of overmorgen krijg Ik ze . ... onverstaanbaar
[betrokkene 3] : ... onverstaanbaar ... is dat Engeland, Dublin of omgeving. Ik wil zoveel mogelijk zelf
meenemen.
[zoon van de verdachte] : ... onverstaanbaar ... stuurt het geld naar die Paki’s… onverstaanbaar …Denemarken of Zweden.
[betrokkene 3] : ... onverstaanbaar ... geld via Dubai.
[zoon van de verdachte] :Ja maar het gaat steeds moeizamer. [..]
[...] [zoon van de verdachte] : Ja het is nu een heel andere tijd onverstaanbaar... net zoveel maar je moet een goeie taxi hebben. Taxi is alles. Want als jij een goeie taxi hebt dan ehh
[betrokkene 3] : Je moet een goede taxichauffeur hebben ... . onverstaanbaar.
[zoon van de verdachte] :Die heb ik.. . onverstaanbaar .. ik heb een top taxi. Ik heb al alle jaren altijd dezelfde
[betrokkene 3] : Ik heb, ik heb.
[zoon van de verdachte] : Maar je ziet wel. Een paar weken geleden die top taxi, ook weg he. Zonde, gewoon domme pech he. Echt veel pech hebben he.
[betrokkene 2] : Was gewoon pech he, gewoon echt pech.
[betrokkene 3] : Dat gebeurt eens in de zoveel tijd. Als je dan nog een hele tijd goeie hebt dan valt het nog mee.
[zoon van de verdachte] : Alleen na een week was ik gelukkig dat het ook echt pech was.
[betrokkene 2] : Want in principe ken het ook allemaal ergens anders aan liggen.
[zoon van de verdachte] : Ja wij dachten eigenlijk dat het bij ons lag. Dan was het een heel groot probleem geweest.[...]
[...] [betrokkene 3] :Ik heb alleen allemaal klanten ehh die ik het kortste ken, ken ik al vijftien jaar, En daar zitten er bij van al over de dertig jaar.
[zoon van de verdachte] :Ja, ja wij ook, Dat is ook de enigste die wij hebben. Hij .. onverstaanbaar..
[betrokkene 3] :Ja ik ehh zelfde dag bericht hebben, Ik weet het niet. Je kunt slechts een auto onverstaanbaar ... trekken ze er 1,6 miljoen eruit ehh ja kan ik bij gaan leggen ja dat hoef ik toch niet tegen de klanten te zeggen.
[zoon van de verdachte] :lk denk dat we allemaal hetzelfde een beetje hebben. iedereen heeft ... onverstaanbaar hetzelfde.
[betrokkene 3] :Ja als het dan maar weer een jaar of acht duurt voordat het weer komt.
[zoon van de verdachte] :Ja bij mij duurt dit nou al zo een drie jaar. Nou begint het allemaal weer een beetje ehh laat ik het zo zeggen ehh licht in de tunnel.
[betrokkene 3] :Ja bij mij ook.
[zoon van de verdachte] :Dat is zeker al drie jaar zo. ... onverstaanbaar ... met mensen die ik ken. Dat vind ik echt ehh ... onverstaanbaar ... mensen hopelijk maar bij elkaar en dan gaat het allemaal wat makkelijker.
[betrokkene 3] :Ja of van die mensen zo op het terras tegenkomen. Nou, je zal er maar intrappen.
[zoon van de verdachte] :lk trap daar niet in
[betrokkene 2] :lk had laatst ook weer de wouten achter me zitten.
[betrokkene 3] :Ja van kom er bij zitten en ehh.
[betrokkene 2] :, “onverstaanbaar”, niks spullen jongen, ik ken je niet.
[zoon van de verdachte] :.Prijzen checken.[..]
[...] [betrokkene 3] :Ja omdat hij zat te “. onverstaanbaar”. even wijzer ehh.
[betrokkene 2] :Ja zo een ding heb ik ook zei hij ehh kunnen we niet op “. onverstaanbaar”. gaan zitten.
[betrokkene 3] .’ Wij zaten te roken buiten en die jongen zat binnen en die zei van ehh kan ik ook even
hier komen zitten Het regende en het was net onder een afdakje. Ik zeg we hebben toch niks te bespreken ..“ onverstaanbaar”.
nieuwsgierig geworden.
[betrokkene 2] : Naar naderhand begon ie toch, toen viel het kwartje en hij, 3 dagen naderhand kwam ie
al aan, zware informant he. Waar kwam hij nou vandaan, [plaats] of ehh. […]
[ [zoon van de verdachte] ]: Waus is ie. “ onverstaanbaar. “Ik zal jou wel zeggen, als wij onderling met onze ehh kennissenkring niks kunnen verdienen en dat we het daar niet kunnen halen, stopt er mee. Ja zo is het wel.
[betrokkene 3] : Dat is het probleem. Het enigste wat tegen kan zitten is werkkapitaal af en toe en pech.
[zoon van de verdachte] :Ja.
[betrokkene 3] :Als die twee weg zijn dan ehh moet het eigenlijk vanzelf gaan.
[zoon van de verdachte] :Ja maar dan moet ik zeggen nu we die ene kwijt zijn want ik had het er laatst met ons pap over van ehh ik moet zeggen ik heb een hele zware pijp gerookt. Je kunt het ook niet. onverstaanbaar”. ook niet he. Eerlijk is eerlijk, het moet ook wel een keer ehh.[...]
[...] [zoon van de verdachte] : Nee, .. onverstaanbaar samen met die malle [naam 10] krijg ik nog 160 ruggen van hem.
Zaaksdossier Criminele Organisatie, p. 58-59: gesprek d.d. 7 augustus 2013 tussen [zoon van de verdachte] en [verdachte] in de antiekzaak:
“ [verdachte] zegt Ja. Daar zat ook vakantie dinges bij. vijftien zoveel. Maar dat maakt niets uit. Als ik duizend terug heb van jou en ik leg tweeduizend erbij he, voor twee weken want dan kan ik wel weer ehh dan kan ik die jongens betalen, dan sta ik niet voor lul, snap je. Maar als het niet kan, kan het niet. Dan moeten ze maar wachten.
[zoon van de verdachte] zegt Ja dat is ook zo. Ik kan ook niet zeggen tegen [naam 1] hier heb je geen geld en [naam 3] hier heb je geen geld en ehh.
[zoon van de verdachte] zegt Ja als je nou van [naam 2] beurten dan dat andere. En [naam 4] komt.
Als [naam 4] nou komt en ik beur dat van [naam 8] dan kun jij die vierduizend hebben, snap je.
[verdachte] zegt ja dan komt dat weer goed allemaal.[..]”
Zaaksdossier Criminele organisatie: p. 22-24 : gesprek d.d. 14 oktober 2013 tussen [verdachte]
, [naam 1] , [naam 3] en [naam 4] in de antiekzaak:
[...] [naam 4] = Als je [betrokkene 1] ziet ehh ik weet niet of je die nog ziet ehh of jullie [zoon van de verdachte] maar stuur hem even langs.
[verdachte] =Ja laat ik [betrokkene 1] wel even sturen. [..]
[...] [naam 4] = De verzending is naar de klote gegaan he.
[verdachte] = He?
[naam 4] = De verzending is fout gegaan een paar weken geleden.
[verdachte] =Ja die van ... onverstaanbaar ... ook niet.
[naam 4] = Ja kan gebeuren.
[verdachte] = Ons [zoon van de verdachte] zit in Spanje.
[naam 4] = Ja ik heb gezegd, ik zeg kom dan eens langs dan zeg ik precies hoe je het wel moet doen. Dat heb ik ze toen al gezegd he. Het is te veel druk voor men (mij), twee drie maanden(fon)te laat.
[verdachte] = Jij zult het wel weten he of niet. Die zullen het heus wel weten he. Het zou er uit zien als ze dat niet wisten.
[naam 4] = Kijk het kan altijd fout gaan.
[verdachte] = Dat kan altijd he, met iedereen he?.
[naam 4] = Het kan altijd fout. Maar het is trouwens kanariepietjes werk he.
[verdachte] = Ja maar we zien maar weer. Het is ehh [zoon van de verdachte] zie ik deze week op zeker niet. Ik ga de maandag even bellen.
[naam 4] = Het flikkerde er gewoon uit gewoon een volle tas weed. Hé, vier a vijf tassen tegelijk, hier bij [naam 5] . Dat verwacht toch niemand of wel. Dat is gewoon super brutaal. En dan via een omweg daar aanleveren en dan ehh computerspul. Breekbare stickers erop en dinge die werden daar afgezet en die
gingen met een vracht naar Engeland. Alleen [naam 5] die rijdt elke dag op Engeland en die wordt niet gecontroleerd.
Dictum
En als je bij [naam 5] weed komt brengen dan ben je echt gek of niet? Dat doet niemand. Die denken dat daar iedereen alles controleert, maar dat is een andere afdeling.
[verdachte] =Ja
[naam 4] = Zet maar neer, kunnen er door, geeft niks. Nou, ik zal het anders uitleggen [verdachte] . Vijftien jaar geleden, tegen mij hadden gezegd, ertussen door je moet naar Engeland dan had ik dat toch gedaan.
[verdachte] = Maar ja.
[naam 4] = Dat is eerlijke praat.
[verdachte] = Het gaat allemaal niet van eigens he ... onverstaanbaar
[naam 4] = Je weet het nooit. Alles ligt in de garage in ieder geval.
[verdachte] = He? Als het zo makkelijk was he?
[verdachte] kapt het gesprek af en zegt ineens, hoe is het maat, kun je uithouden bij de kachel. [verdachte] praat tegen de hond [naam 9] die vervolgens door [naam 4] wordt aangehaald.[...]
Zaaksdossier Criminele organisatie, p. 25-26: gesprek d.d. 15 oktober 2013 tussen [verdachte]
en nn [naam 4] in de antiekwinkel:
[...] [verdachte] zegt Ik geloof het goed. Je zult maar een paar tegenslagen achter elkaar hebben. Dan blijft er weinig ehh.
[naam 4] zegt De een na de andere even ehh de een na de andere. Ik had een paar maand toen ehh ik hier kwam, ik had ehh weet je waar ik geluk mee heb. Dat ik net in de goeie tijd spulletjes gekocht heb. Dan heb je dat nog een beetje. Anders ehh ohhh. Anders is het niet zo erg want ze kunnen beter een groot hok oppakken dan dat ze je geld vinden. Dat is veel erger nog.
[verdachte] zegt Oh dat is kut, dat ze je hok vinden, is allebei kut maar dat geld, contant dat is dan ook weg he en moet je maar weer eens kijken wat je moet doen voor je dat hebt terug hebt liggen he jongen.
[.]
[verdachte] zegt Ja ik hoor het ook van onze [zoon van de verdachte] terug, het valt ook allemaal nog niet mee he. Die beurt wel, die beurt dan wel maar het is allemaal nog niet eenvoudig want de meeste haken allemaal af. Die doen niks meer.
[naam 4] zegt We hebben nou weer iets gedaan, die jongen. [naam 6] had zijn auto verkocht want daar vielen ze binnen en hadden ze die auto niet gevonden. Die stond toevallig bij de spuiter want anders was hij die ook kwijt geweest. Ik zeg [naam 6] verkoop die auto. Ik zeg, ik rij zelf met een bus rond en met een goedkoop wagentje. Je hebt die wagen, ik zeg je bent mijn compagnon, je trekt mij mee.. onverstaanbaar.” verkoop die auto want alles is nou weg. Ik zeg, dan kun je met die centen een beetje proberen te werken. Dat hebben we nou gedaan. Even kijken hoe dat uitpakt. We zien het wel.”
Zaaksdossier Criminele organisatie, p. 117: gesprek d.d. 14 november 2013 tussen [verdachte] en nn [naam 7] uit Tilburg:
[.] 12:04:47 uur zegt [verdachte] dat [zoon van de verdachte] zou komen vandaag.
[naam 7] zegt dat [verdachte] tegen [zoon van de verdachte] moet zeggen dat dat [zoon van de verdachte] [naam 7] een sms moet sturen van ik heb nog een, …kast te koop, dan heeft [naam 7] zijn nummer en doet hij met een vreemde telefoon wel terug sms-en.
[naam 7] : Hij zei, ik bel jou op een Spaans nummer,
[verdachte] . Ja ja naar mijn nummer
[naam 7] : Hij zei maar uhh”ja ik zeg met die handel, doe een speciaal nummer, alleen maar sms-en. Ik zeg ik hoef jou alleen maar te sms-en. 10 uur bakje doen. We spreken van te voren af waar ik altijd ben.
[verdachte] : ‘.onverstaanbaar”. bel hem maar
[naam 7] : Ja ik wil niks door de telefoon.
[verdachte] : Dat doet hij niet, bellen doet hij niet.
[naam 7] : Ik doe bijna niks [verdachte] , ik doe bijna helemaal niks meer. 2 jaar geleden jongen reed ik godverdomme elke dag ohh oho 50 60 kilo nat. Doe ik niet meer. He îk ben twee keer uhh,” een overval gehad, berubberd, ik heb 2,5 ton toegegeven in 2 jaar, mijn geld is op.
[verdachte] : Het gaat hard [naam 7] als het een beetje verkeerd gaat.
[naam 7] : Én eigenlijk is de handel, ik ben daar te laat in gestapt, maar dat ben ik pas 3 jaar geleden een beetje gaan doen, ik heb dat nog nooit gedaan. Ik heb er altijd wel naast gelopen maar uhhh”. dit is eigenlijk mijn hart [verdachte] dus
[verdachte] : Oh ik kan het niet missen. Ik vind het gewoon zo geweldig.
[naam 7] : Ik denk het ook niet nee[...]
Zaaksdossier Criminele organisatie, p. 27-30: gesprek d.d. 30 januari 2014 tussen [verdachte] en [betrokkene 1] in de antiekwinkel:
[...] [verdachte] : Ik heb twee telefoontjes van ons [zoon van de verdachte] hier liggen.
[betrokkene 1] : Weet ik.
[verdachte] : Ik heb ze alle twee opgeladen, ze liggen hier. ik weet niet of jij ze moet hebben of ... onverstaanbaar... moet hebben.
[betrokkene 1] : Nee even niet want ik heb ook een klein probleempje gehad.
[verdachte] : ...onverstaanbaar... ook al.
[betrokkene 1] : Ja.
[verdachte] : . . .onverstaanbaar...
12:35:16 uur 3 x ping geluid inkomend bericht
[betrokkene 1] : Ze zaten achter mij te rijden met 3 auto’s. Ik doe even niks. Andere mensen hebben het ook gezien dus ik ben niet gek. 1 auto heb ik al nagetrokken, die is van een lease maatschappij.
[verdachte] : ja
[betrokkene 1] : Ze waren met 3 auto’s. Maar ik ben ergens bij mensen geweest, en waarschijnlijk hebben ze me vandaar uit meegenomen. Want ze hebben maar 1 dag achter me gezeten. Dus ik heb gisteren mijn dingen gedaan die ik moest doen,
[verdachte] : En verders niks.
[betrokkene 1] : En verders niks, dus ik doe nou even twee weken rustig.
[verdachte] : Wat denk jij . . .onverstaanbaar... kast.
[betrokkene 1] : Nou weet je wat het was, ik heb thuis alles opgeruimd, ik heb ook niks meer liggen. En als ik nou nog 2/3 telefoontjes”.
[verdachte] : Geeft niks .. . onverstaanbaar... toch niet.
[betrokkene 1] : Heb ik vier . .onverstaanbaar... telefoon niet bij. Als ze me volgen.
[verdachte] : . . .onverstaanbaar... kast liggen. Moet het aan de overkant weg gaan leggen.
[betrokkene 1] : Nee ik pak ze morgen of zo wel op.
[verdachte] : Dan weetje waar ze liggen.[...]
[,] [betrokkene 1] : Ja de dag dat hij is gaan melden, heb ik moeten werken, en toen hebben ze heel onverstaanbaar achter mij aangezeten, dus toen had ik het er niet zo op. Dus ja dan kom ïk ook maar niet. Gisteren heb ik de hele dag moeten werken toen dacht ik ik kom ook maar niet. Ik heb vandaag, gisteren en vandaag nog niks gezien.
[verdachte] : Oke
[betrokkene 1] . handel ... onverstaanbaar ... heb ik gedaan dat is goed gegaan. Dus het zit er niet op maar ze hebben wel er achter aan gereden. Kutzooi.
[verdachte] : op een gegeven moment heb je toch wel in de gaten of ze je achtervolgen
[betrokkene 1] : ja andere mensen hebben het ook gezien.
[verdachte] : Gij hebt ook de heel tijd, ik kan niet nalaten ‘s morgens, ik kijk altijd even wat staat er voor auto, zat er iemand in, zit er iemand te kijken weet je wel. Dan loop ik eens een keer naar de Frites (fon) zo gezegd, of naar de open werkplaats, dan loop ik vanaf …onverstaanbaar. .. brief in mijn hand heb.
[betrokkene 1] : Ja ja ja ja ja (lacht)
[verdachte] : en dan loop ik weer terug, en dan kijk ik zo eens links en rechts net weet je wel [...]