Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag
2024-05-28
ECLI:NL:GHDHA:2024:960
Strafrecht
Hoger beroep
4,704 tokens
Inleiding
Rolnummer: 22-001023-23
Parketnummer: 10-343243-21
Datum uitspraak: 28 mei 2024
TEGENSPRAAK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 22 maart 2023 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [plaats] op [geboortedatum] 1969,
[adres], [woonplaats].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde.
De officier van justitie heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in hoger beroep - tenlastegelegd dat:
hij op 21 december 2021 te Rhoon, gemeente Albrandswaard en/of Vlaardingen, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om door giften of beloften van geld of goed [slachtoffer A], die zich voordeed als de minderjarige [slachtoffer B], geboren op [geboortedatum], waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk te bewegen om ontuchtige handelingen met hem te plegen of zodanige handelingen van hem te dulden, hebbende hij, verdachte, toen daar (via Snapchat) die [Slachtoffer A] een geldbedrag in het vooruitzicht gesteld als hij, verdachte, seks met die [Slachtoffer B] mocht hebben, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
en/of
hij op 21 december 2021 te Rhoon, gemeente Albrandswaard en/of Vlaardingen, in elk geval in Nederland, met gebruikmaking van een communicatiedienst (via Snapchat) een persoon van wie hij, verdachte, wist dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]) en/of een persoon, te weten [slachtoffer B], die zich voordeed als iemand die de leeftijd van zestien jaar nog niet had bereikt, een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen met die [slachtoffer B] te plegen en/of een afbeelding van een seksuele gedraging waarbij die persoon is betrokken, te vervaardigen terwijl hij, verdachte, daarbij enige handeling heeft ondernomen gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting, immers heeft hij, verdachte:
- via Snapchat onder de (profiel)naam [profielnaam] een vriendschapsverzoek heeft gestuurd aan die [slachtoffer B] en/of
- ( terwijl die [slachtoffer A] heeft gezegd 11 jaar te zijn) aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd: “Ok... even heel direct... seks?” en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd of ze ook geld wilde voor de seks en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd (een) foto(‘s) van haar aan hem te sturen en/of
- aan die [slachtoffer A] een foto van zijn/een ontblote penis in stijve toestand heeft gestuurd en/of
- die [slachtoffer A] duidelijk heeft gemaakt dat hij haar graag zou willen ontmoeten en/of (vervolgens) concrete afspraken heeft gemaakt voor een ontmoeting in Rhoon en/of is hij, verdachte, daadwerkelijk naar de afgesproken plaats gegaan;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op 21 december 2021 te Rhoon, gemeente Albrandswaard en/of Vlaardingen, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst (via Snapchat) een ontmoeting voor te stellen met een persoon, te weten [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]) en/of een persoon, te weten [slachtoffer A], die zich voordeed als iemand die de leeftijd van zestien jaar nog niet had bereikt, van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met het oogmerk ontuchtige handelingen met die persoon te plegen en/of een afbeelding van een seksuele gedraging waarbij die persoon is betrokken, te vervaardigen en ter verwezenlijking van dat voorstel enige handeling te verrichten:
- via Snapchat onder de (profiel)naam [profielnaam] een vriendschapsverzoek heeft gestuurd aan die [slachtoffer B] en/of
- ( terwijl die [slachtoffer A] heeft gezegd 11 jaar te zijn) aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd: “Ok... even heel direct... seks?“ en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd of ze ook geld wilde voor de seks en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd (een) foto(’s) van haar aan hem te sturen en/of
- aan die [slachtoffer A] een foto van zijn/een ontblote penis in stijve toestand heeft gestuurd en/of
- die [slachtoffer A] duidelijk heeft gemaakt dat hij haar graag zou willen ontmoeten en/of (vervolgens) concrete afspraken heeft gemaakt voor een ontmoeting in Rhoon en/of is hij, verdachte, daadwerkelijk naar de afgesproken plaats gegaan,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
Vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd en dat de verdachte ter zake van de primair eerste cumulatief/alternatief tenlastegelegde poging verleiding en de tweede cumulatief/alternatief tenlastegelegde grooming zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 150 dagen, waarvan 77 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren en onder de bijzondere voorwaarden van – kort gezegd- reclasseringstoezicht, een meldplicht en een behandelverplichting. Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat aan de verdachte een maatregel als bedoeld in artikel 38v Sr, inhoudende een contactverbod met personen onder de 16 jaar, voor de duur van 5 jaren, wordt opgelegd met toepassing van de vervangende hechtenis van twee weken voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan.
Het vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.
Vrijspraak van de primair eerste cumulatief/alternatief tenlastegelegde poging tot verleiding
Met de rechtbank is het hof van oordeel dat niet bewezen kan worden verklaard dat de verdachte heeft gepoogd door het bieden van geld een minderjarige of iemand die zich als minderjarige voordoet, te bewegen tot het plegen of dulden van ontuchtige handelen. De verdachte heeft gechat met iemand die zich voordeed als een minderjarig meisje van 11 jaar oud. In dat chatgesprek heeft de verdachte gevraagd of zij ook geld wilde, waarop vervolgens positief werd gereageerd. De verdachte heeft aan zijn vraag of zij geld wilde geen enkele voorwaarde verbonden. In het verdere chatgesprek is er door geen van beide gespreksdeelnemers op teruggekomen. Het hof concludeert dan ook dat genoemde mededeling van de verdachte de persoon waarmee hij chatte niet heeft bewogen tot het maken en/of laten doorgaan van de afspraak waar zij – in de intentie van de verdachte – seksueel contact zouden gaan hebben en evenmin dat de verdachte opzet had om door het geven van geld de persoon waarmee hij chatte te bewegen in bovengenoemde zin. Het hof is gelet op het vorenstaande dan ook van oordeel dat de mededeling “wil je ook geld” niet kan worden aangemerkt als een begin van uitvoering van de poging tot verleiding zoals deze is tenlastegelegd.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair eerste cumulatief/alternatief ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het primair tweede cumulatief/alternatief tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 100 (honderd) dagen.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 27 (zevenentwintig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarden:
dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd, of zoveel korter als de reclassering noodzakelijk acht, zijn medewerking zal verlenen aan de begeleiding van de reclassering en de aanwijzingen van de reclassering zal opvolgen.
Dat de verdachte zich laat behandelen door Transfore Forensische GGZ of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering;
Geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarde en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Dit arrest is gewezen door mr. G. Knobbout,
mr. H.C. Plugge en mr. K. Versteeg, in bijzijn van de griffier mr. L. Knoop.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 28 mei 2024.
Mr. L. Knoop is buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Inleiding
Het hof spreekt de verdachte vrij van de primair eerste cumulatief/alternatief tenlastegelegde poging tot verleiding.
Bewijsoverweging met betrekking tot het primair tweede cumulatief/alternatief tenlastegelegde
Op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting gaat het hof uit van de volgende feiten en omstandigheden.
De verdachte heeft op 21 december 2021 via Snapchat uitnodigen verstuurd naar voor hem onbekende personen om met hem te chatten. Hij heeft hierbij ook een uitnodiging gestuurd aan de 11-jarige dochter van aangeefster. Aangeefster heeft op de berichten van de verdachte, die zich op Snapchat “[profielnaam]” noemde gereageerd en heeft zich hierbij voorgedaan als haar 11-jarige dochter. Het gesprek verliep – voor zover hier relevant – als volgt:
08:46 V: hoe oud ben je?
A: 11 en jij?
V: Ok haha.. 4208:47 A: okeV: Dus het wordt tussen ons niets denk ik. Tenzij je volwassen voor je leeftijd bent.08:48 A: ja dat ben ik alV: Ok... even heel direct... sex?A: jaV: hmm. Stuur eens foto. Lijkt mij spannend... wil je ook geld?08:49 A: geld voor wat?V: dat wij sex hebben08:50 A: oke is goed
De verdachte maakte vervolgens een afspraak met de minderjarige.
08:57 A: kan wel afspreken vandaagV: is goed. 11:30? waar?08:58 A: ik kan alleen om 4 uurV: ook goed. waar en wat wil je doen?(...)A: alles(...)
Later die dag stuurde de verdachte een bericht of de afspraak doorgang zou vinden.
V: hoi, ben je nog van plan om te komen, om 4 uur? metro zuidplein?A: ja 4 uur ik ga zo buiten spelenV: Ok... wanneer we elkaar straks gaan zien. Wat wil je doen?A: wat jij wilt. Andere mensen kunnen ons beter niet zien.V: weet jij een plek. Wat wil je doen? Zoenen voelen... of het echt doen?A: ja ik woon dicht bij Zuiderpark
De verdachte is vervolgens daadwerkelijk naar de afgesproken locatie gegaan.
De verdachte heeft zich ter terechtzitting op het standpunt gesteld dat hij weliswaar de berichten heeft verzonden, maar dat hij – op het moment dat hij naar de afspraak ging – niet meer wist dat hij een afspraak had met iemand van 11 jaar. Daarnaast heeft de verdediging aangevoerd dat het initiatief voor het maken van een afspraak niet van de verdachte kwam.
Het hof acht niet aannemelijk dat de verdachte niet wist dat het om een elfjarige zou gaan, nu binnen een korte tijdspanne over de leeftijd van de minderjarige werd gesproken, seks is voorgesteld én een afspraak werd gemaakt voor 4 uur dezelfde middag. Enkele uren later refereert de verdachte naar deze afspraak met de vraag aan de minderjarige of zij nog van plan is om om 4 uur te komen. Het hof overweegt dat al zou de verdachte zijn vergeten dat de minderjarige 11 jaar was, dan zou haar reactie dat zij buiten gaat spelen hem alert hebben moeten maken op haar jeugdige leeftijd. Uit het hiervoor weergegeven verloop van het gesprek volgt voorts dat het de verdachte is geweest die het initiatief nam tot het gesprek en in de middag het initiatief nam om vast te stellen of de minderjarige nog steeds van plan was te komen.
Het hof leidt uit hetgeen hiervoor is overwogen af dat de verdachte de intentie heeft gehad en het initiatief heeft genomen om met een 11-jarig meisje af te spreken met het doel om met haar seksuele handelingen te verrichten.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tweede cumulatief/alternatief tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
hij op 21 december 2021 te Rhoon, gemeente Albrandswaard, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om door giften of beloften van geld of goed [slachtoffer A], die zich voordeed als de minderjarige [slachtoffer B], geboren op [geboortedatum], waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt, opzettelijk te bewegen om ontuchtige handelingen met hem te plegen of zodanige handelingen van hem te dulden, hebbende hij, verdachte, toen daar (via Snapchat) die [slachtoffer A] een geldbedrag in het vooruitzicht gesteld als hij, verdachte, seks met die [slachtoffer B] mocht hebben, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
en/of
hij op 21 december 2021 te Rhoon, gemeente Albrandswaard en/of Vlaardingen, in elk geval in Nederland, met gebruikmaking van een communicatiedienst (via Snapchat) een persoon van wie hij, verdachte, wist dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]) en/of een persoon, te weten [slachtoffer A], die zich voordeed als iemand die de leeftijd van zestien jaar nog niet had bereikt, een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen met die [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]) te plegen en/of een afbeelding van een seksuele gedraging waarbij die persoon is betrokken, te vervaardigen terwijl hij, verdachte, daarbij enige handeling heeft ondernomen gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting, immers heeft hij, verdachte:
- via Snapchat onder de (profiel)naam [profielnaam] een vriendschapsverzoek heeft gestuurd aan die [slachtoffer B] en/of
- ( terwijl die [slachtoffer A] heeft gezegd 11 jaar te zijn) aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd: “Ok... even heel direct... seks sex?” en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd of ze ook geld wilde voor de seks en/of
- aan die [slachtoffer A] heeft gevraagd (een) foto(‘s) van haar aan hem te sturen en/of
- aan die [slachtoffer A] een foto van zijn/een ontblote penis in stijve toestand heeft gestuurd en/of
- die [slachtoffer A] duidelijk heeft gemaakt dat hij haar graag zou willen ontmoeten en/of (vervolgens) concrete afspraken heeft gemaakt voor een ontmoeting in Rhoon en/of is hij, verdachte, daadwerkelijk naar de afgesproken plaats gegaan.
Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewijsvoering
Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.
In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het primair eerste cumulatief/alternatief bewezenverklaarde levert op:
door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst aan iemand die zich, al dan niet met een technisch hulpmiddel, voordoet als een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, een ontmoeting voorstellen met het oogmerk ontuchtige handelingen met die persoon te plegen, terwijl hij enige handeling onderneemt gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting.
Strafbaarheid van de verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.