Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2025-08-26
ECLI:NL:GHARL:2025:5213
Civiel recht; Personen- en familierecht
Hoger beroep
591 tokens
Inleiding
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.354.756
(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 585823)
beschikking van 26 augustus 2025
inzake
[verzoeker]
,
wonende te [woonplaats1] ,verzoeker in hoger beroep,
advocaat: mr. S.E.W.C.M. Kneepkens,
en
[belanghebbende]
,
wonende te [woonplaats2] ,
belanghebbende in hoger beroep,
advocaat: mr. M. Haverkort.
Procesverloop
Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 7 maart 2025, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.
Procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het beroepschrift met producties, ingekomen op 6 mei 2025;
een journaalbericht namens de vader van 28 juli 2025 met als bijlage een overeenkomst ter zake de kinderen (verder: de overeenkomst), door partijen op 28 juli 2025 ondertekend;
een journaalbericht namens de moeder van 28 juli 2025.
Motivering
3.1
Partijen hebben overeenstemming bereikt. Zij verzoeken het hof een beslissing te geven conform de inhoud van de door hen ondertekende overeenkomst. Hieruit leidt het hof af dat de vader zijn verzoek in hoger beroep dienovereenkomstig heeft gewijzigd en de moeder daarmee instemt.
3.2
Gelet hierop zal het hof de bestreden beschikking vernietigen en beslissen als volgt. Het hof zal een fotokopie van de door partijen ondertekende overeenkomst aan deze beschikking hechten.
Dictum
Het hof, beschikkende in hoger beroep:
vernietigt de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 7 maart 2025, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en in zoverre opnieuw beschikkende:
Dictum
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mrs. R. Prakke-Nieuwenhuizen, J.H. Lieber en R. Feunekes, bijgestaan door mr. M. van Esveld als griffier, en is op 26 augustus 2025 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.