Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2024-01-04
ECLI:NL:GHARL:2024:83
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht, Strafrecht; Strafprocesrecht
Hoger beroep
987 tokens
Inleiding
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer
: Wahv 200.328.778/01
CJIB-nummer
: 246793040
Uitspraak d.d.
: 4 januari 2024
Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Overijssel van 25 mei 2023, betreffende
[de betrokkene] B.V. (hierna: de betrokkene),
gevestigd te [vestigingsplaats] .
De gemachtigde van de betrokkene is mr. I.N.D.J. Rissema, kantoorhoudende te Dordrecht.
Dictum
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.
Het verloop van de procedure
De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.
De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
Beoordeling
1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 150,- voor: “rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken)”. Deze gedraging zou zijn verricht op 30 december 2021 om 18:53 uur op de
Van Lochemstraat in Enschede met het voertuig met het kenteken [kenteken] .
2. De gemachtigde voert aan dat is gehandeld in strijd met het Beleidskader digitale handhaving geslotenverklaringen en voetgangersgebieden, versie augustus 2018 (hierna: Beleidskader). Het Beleidskader stelt (onder meer) als voorwaarde om digitaal te mogen handhaven: “dat de wegindeling er uitziet als een voetgangersgebied. Hiermee wordt bedoeld dat er geen sprake meer mag zijn van een rijbaan met trottoirs of dat bijvoorbeeld door het soort wegdek niet de indruk gegeven mag worden dat er sprake is van een rijbaan. Er moet ook een voor de bestuurders duidelijk herkenbare scheiding zijn tussen de rijbaan en het begin van het voetgangers gebied.” Aan deze voorwaarde is niet voldaan, hetgeen ook blijkt uit een eerder ingebrachte, via Google Maps Streetview verkregen schermopname van de betreffende locatie.
3. Naar aanleiding van hetgeen door de gemachtigde naar voren is gebracht, heeft het hof de navolgende afbeelding via de openbare bron Google Maps Streetview met betrekking tot de situatie ter plaatse verkregen.
© Google 2023, situatie november 2021
4. Het hof stelt op grond van deze afbeelding vast dat bij binnenkomst van het duidelijk afgescheiden voetgangersgebied een bord G7, bijlage I van het RVV 1990, is geplaatst en dat er achter dit bord geen belijning en trottoirs aanwezig zijn. Naar het oordeel van het hof ziet de wegindeling ter plaatse er uit als een voetgangersgebied en wordt niet de indruk gewekt dat sprake is van een rijbaan. De aangevoerde grond faalt.
5. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter bevestigen. Er is geen aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding.
Dictum
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter;
wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Pullens als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.