Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2023-07-04
ECLI:NL:GHAMS:2023:1548
Civiel recht
Hoger beroep
1,068 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:GHAMS:2023:1548 text/xml public 2026-02-12T10:29:22 2023-07-04 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Amsterdam 2023-07-04 200.328.076/01 Uitspraak Hoger beroep NL Amsterdam Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2023:1548 text/html public 2026-02-12T10:27:54 2026-02-12 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHAMS:2023:1548 Gerechtshof Amsterdam , 04-07-2023 / 200.328.076/01 Verhuurder is overeengekomen vergoedingen aan huurster verschuldigd wegens niet tijdig verhelpen lekkages souterrain. Lekkages worden aangemerkt als gebrek. Huurster heeft recht op huurprijsvermindering. Niet toewijsbaar zijn de vorderingen van huurster tot (i) herstel van het souterrain, (ii) huurkorting in verband met de coronacrisis en (iii) matiging van de huurindexering. Wetsartikelen: 6:119a, 6:258, 7:204, 7:206, 7:207, 7:209 BW. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht zaaknummer : 200.328.076/01 zaaknummer rechtbank : 9822386 CV EXPL 22-5373 e.v. arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 4 juli 2023 inzake [appellante] , gevestigd te [stad 1] , appellante, advocaat: mr. J. Verstoep te Amsterdam, tegen [geïntimeerde] , wonende te [stad 2] , geïntimeerde, advocaat: mr. D.Y. Li te Groningen. 1 Het geding in hoger beroep Appellante heeft bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof. De zaak is op de rol ingeschreven en geïntimeerde is bij advocaat verschenen. 2 Beoordeling Het hof ziet aanleiding om een mondelinge behandeling na aanbrengen te gelasten. Het doel is het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, mede aan de hand van door partijen en hun advocaten te geven inlichtingen, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden. Meer informatie over de mondelinge behandeling na aanbrengen en wat van partijen en hun advocaten verwacht wordt is digitaal beschikbaar via de link die te vinden is bij artikel 4.1 van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven. 3 Beslissing Het hof: bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte is en die bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun advocaten zullen verschijnen voor het tot raadsheercommissaris benoemde lid van het hof, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie, IJdok 20 te Amsterdam, op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2 omschreven doel; bepaalt dat partijen binnen 2 weken gemotiveerd kunnen laten weten af te willen zien van een mondelinge behandeling na aanbrengen, bijvoorbeeld omdat schikkingsbereidheid ontbreekt, waarna de raadsheercommissaris zal beslissen of de mondelinge behandeling doorgang vindt; bepaalt dat partijen binnen 2 weken na heden op de rol van 18 juli 2023 hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 4 maanden kunnen opgeven, waarna het hof de dag en het tijdstip van de mondelinge behandeling zal vaststellen, in welk geval behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de mondelinge behandeling meer zal worden verleend; bepaalt dat de datum van de mondelinge behandeling na aanbrengen in het roljournaal vermeld zal worden; bepaalt dat appellante uiterlijk 4 weken na heden een kopie van het volledige procesdossier (de stukken van de eerste aanleg met inbegrip van de producties en de appeldagvaarding) in tweevoud zal indienen bij het hof (roladministratie – team handel); bepaalt dat partijen uiterlijk 2 weken vóór de dag van de mondelinge behandeling de stukken waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, in kopie over zullen leggen door toezending aan het hof (roladministratie – team handel) en de wederpartij; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit arrest is gewezen door mrs. J.C.W. Rang, J.W. Hoekzema en A.R. Sturhoofd en in het openbaar uitgesproken op 4 juli 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.