Rechtspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
2025-03-17
ECLI:NL:CBB:2025:226
Bestuursrecht
Mondelinge uitspraak
376 tokens
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/844
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 maart 2025 op het verzet van
[naam] , te [woonplaats] (onderneming)
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. A.A. Dijk
Overwegingen
De onderneming heeft beroep ingesteld tegen het besluit op bezwaar van de minister van Economische Zaken van 13 februari 2023. In dat besluit heeft de minister het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift te laat was ingediend. Het College heeft het beroep met de uitspraak van 23 april 2024 met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, ongegrond verklaard.
In verzet stelt de onderneming dat zij bij haar btw-aangifte een bedrag in het verkeerde kwartaal heeft vermeld, waardoor de subsidie op nihil is vastgesteld. Had zij deze fout niet gemaakt, dan zou er nooit een discussie zijn ontstaan over een wel of niet ontvangen vaststellingsbesluit of notificatiebericht. De onderneming heeft hiermee niets aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat de uitspraak van 23 april 2024 niet juist is. Het verzet is daarom ongegrond.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. A.A. Dijk