Rechtspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
2023-08-10
ECLI:NL:CBB:2023:428
Bestuursrecht
Mondelinge uitspraak
1,564 tokens
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/1853
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 augustus 2023
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. C.E.C.M. van Roosmalen
Partijen
[naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] (de ondernemer)
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door
drs. E.S.M. Slot en mr. O. Andich.
Overwegingen
1. Niet in geschil is dat de aanvraag om een TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1)
van 2022 te laat is ingediend. De TVL bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
2. Dat de ondernemer heeft gewacht met het doen van de aanvraag totdat de omzetcijfers
van Q1 van 2022 vaststonden, maakt niet dat de minister moet afwijken van de
dwingendrechtelijke afwijzingsgrond.
3. De telefonische mededeling van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland dat een
procedure bestaat om een te late aanvraag te melden, is niet aan te merken als een toezegging
op grond waarvan de ondernemer ervan uit mocht gaan dat de aanvraag later kon
worden ingediend.
4. De minister heeft de TVL-subsidie dan ook terecht afgewezen.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. C.E.C.M. van Roosmalen
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/1853
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 augustus 2023
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. C.E.C.M. van Roosmalen
Partijen
[naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] (de ondernemer)
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door
drs. E.S.M. Slot en mr. O. Andich.
Overwegingen
1. Niet in geschil is dat de aanvraag om een TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1)
van 2022 te laat is ingediend. De TVL bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
2. Dat de ondernemer heeft gewacht met het doen van de aanvraag totdat de omzetcijfers
van Q1 van 2022 vaststonden, maakt niet dat de minister moet afwijken van de
dwingendrechtelijke afwijzingsgrond.
3. De telefonische mededeling van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland dat een
procedure bestaat om een te late aanvraag te melden, is niet aan te merken als een toezegging
op grond waarvan de ondernemer ervan uit mocht gaan dat de aanvraag later kon
worden ingediend.
4. De minister heeft de TVL-subsidie dan ook terecht afgewezen.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. C.E.C.M. van Roosmalen
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/1853
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 augustus 2023
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. C.E.C.M. van Roosmalen
Partijen
[naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] (de ondernemer)
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door
drs. E.S.M. Slot en mr. O. Andich.
Overwegingen
1. Niet in geschil is dat de aanvraag om een TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1)
van 2022 te laat is ingediend. De TVL bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
2. Dat de ondernemer heeft gewacht met het doen van de aanvraag totdat de omzetcijfers
van Q1 van 2022 vaststonden, maakt niet dat de minister moet afwijken van de
dwingendrechtelijke afwijzingsgrond.
3. De telefonische mededeling van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland dat een
procedure bestaat om een te late aanvraag te melden, is niet aan te merken als een toezegging
op grond waarvan de ondernemer ervan uit mocht gaan dat de aanvraag later kon
worden ingediend.
4. De minister heeft de TVL-subsidie dan ook terecht afgewezen.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. C.E.C.M. van Roosmalen
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/1853
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 augustus 2023
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. C.E.C.M. van Roosmalen
Partijen
[naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] (de ondernemer)
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door
drs. E.S.M. Slot en mr. O. Andich.
Overwegingen
1. Niet in geschil is dat de aanvraag om een TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1)
van 2022 te laat is ingediend. De TVL bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
2. Dat de ondernemer heeft gewacht met het doen van de aanvraag totdat de omzetcijfers
van Q1 van 2022 vaststonden, maakt niet dat de minister moet afwijken van de
dwingendrechtelijke afwijzingsgrond.
3. De telefonische mededeling van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland dat een
procedure bestaat om een te late aanvraag te melden, is niet aan te merken als een toezegging
op grond waarvan de ondernemer ervan uit mocht gaan dat de aanvraag later kon
worden ingediend.
4. De minister heeft de TVL-subsidie dan ook terecht afgewezen.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. C.E.C.M. van Roosmalen