12 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 843b"
Pagina 1 van 2
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executieverordening was reeds aangegeven dat het voorschrift van het gebruik van de Nederlandse taal de toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Alleen als de wederpartij na de informele bezorging van het oproepingsbericht, waarin de procesinleiding is opgenomen, niet in het geding verschijnt, moet de eiser voor het verkrijgen van een verstekvonnis alsnog een deurwaarder inschakelen om het op...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Artikel 82 komt te luiden: Artikel In zaken waarin partijen in persoon kunnen procederen, kunnen verweerschrift, conclusies en akten ook ter zitting worden genomen, dan wel door indiening ter griffie tot uiterlijk de dag voor de zitting of een andere...

49%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In het eerste lid (nieuw) wordt na «artikel 1052, vijfde lid,» ingevoegd: tweede zin,. K In het in onderdeel ZZ voorgestelde tweede lid van artikel 1063 wordt na «als bedoeld in artikel 1064a» ingevoegd: ongebruikt. L In onderdeel BBB wordt artikel...

49%
Kamerstuk

Kamerstuk 35498

Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en enige andere wetten in verband met de vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht (Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht) AMENDEMENT VAN HET LID SNELLER TER VERVANGING...

40%
Kamerstuk

Kamerstuk 35261

In civiele cassatieprocedures geldt deze verplichting al voor de vorderingsprocedure. De wijziging maakt het mogelijk dat bij ministeriële regeling: nadere regels kunnen worden gesteld over (de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van) elektronisch p...

40%
Kamerstuk

Kamerstuk 31518

In de procedure ten principale kan van de beschikking, voor zover zij beslissingen als bedoeld in het eerste lid bevat, bij het gerechtshof hoger beroep worden ingesteld als van een tussenvonnis: a. binnen drie maanden, te rekenen van de eerste rolda...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 22604

Het in artikel 84 bedoelde advies wordt zo spoedig mogelijk uitgebracht, doch uiterlijk binnen twee maanden nadat het bureau kennis heeft genomen van het standpunt van de verzoeker en de octrooihouder of, indien toepassing is gegeven aan het vorige l...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 34851

De rechtbank wijst het verzoek toe, voor zover zij dit gegrond oordeelt. Alvorens de rechtbank beslist, stelt zij zo nodig de belanghebbenden in de gelegenheid hun zienswijze naar voren te brengen. De indiening van het verzoekschrift behoeft niet doo...

38%