15 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 797f"
Pagina 1 van 2
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executieverordening was reeds aangegeven dat het voorschrift van het gebruik van de Nederlandse taal de toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer...

53%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Het vierde en vijfde lid van artikel 71 komen te luiden: In de beslissing tot verwijzing vermeldt de rechter: op welke wijze partijen in de procedure moeten verschijnen, voor zover van toepassing, het griffierecht of het verhoogde griffierecht dat in...

48%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

48%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Artikel 201 wordt als volgt gewijzigd: In het eerste lid wordt «terechtzitting» vervangen door: zitting. In het tweede lid wordt «ter griffie moet zijn neergelegd» vervangen door «aan partijen moet zijn verstrekt» en wordt «de dag waarop de zaak weer...

45%
Kamerstuk

Kamerstuk 31518

Een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan ook worden gedaan in het geval dat een benadeelde ingevolge artikel 954 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel uit hoofde van een aan hem door de wet toegekend eigen recht op schadevergoeding, bet...

44%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In onderdeel BBB wordt artikel 1064a als volgt gewijzigd: 1. Aan eind van het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: Wordt echter het vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij betekend, dan kan die partij, ongea...

43%
Kamerstuk

Kamerstuk 35535

In het derde subonderdeel (nieuw) vervalt in het derde lid, onderdeel a, «aansluitend». Artikel I, onderdeel L, komt te luiden: Artikel 39 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede lid komt te luiden: 2. Een verklaring overeenkomstig het eerste lid...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 30137

Aan het slot van artikel 7.17.2.9c lid 5 wordt een zin toegevoegd, luidende: De betaling aan de benadeelden kan worden opgeschort voorzover in verband met het in de eerste zin bepaalde op redelijke gronden kan worden betwijfeld welk bedrag dient te w...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 34629

de artikelen 509, eerste en derde lid, 511, tweede lid,512 en 513 wordt gesproken over «rechters», daaronder moet worden verstaan: leden van het tuchtcollege; b. artikel 509, vijfde lid, wordt gesproken over «rechter», daaronder moet worden verstaan...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 34237

Bij deze codificatie is de mogelijkheid om door middel van een vorderingsprocedure cassatieberoep in te stellen, opengehouden. Wanneer de eiser in cassatie voor de vorderingsprocedure kiest, roept de eiser zelf de verweerder op en doet de Hoge Raad d...

37%