9 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 683"
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In artikel 2, tweede lid, van de Uitvoeringswet EG-executieverordening is bepaald dat het verlof wordt gevraagd bij een verzoekschrift dat in de Nederlandse taal is gesteld. In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executi...

53%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Het oproepingsbericht kan naar keuze van de eiser in hoger beroep informeel bij de wederpartij worden bezorgd dan wel formeel door de deurwaarder worden betekend. Het verweerschrift en de overige (proces)stukken worden ook digitaal ingediend. Daarbij...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Dat betekent dat per type procedure wordt bezien wanneer met digitaal procederen wordt gestart. Het wetsvoorstel maakt gefaseerde invoering mogelijk, zie hierover ook paragraaf 14. Voor de hand ligt de vraag of de civiele procedure ook kan worden aan...

50%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In het eerste lid (nieuw) wordt na «artikel 1052, vijfde lid,» ingevoegd: tweede zin,. K In het in onderdeel ZZ voorgestelde tweede lid van artikel 1063 wordt na «als bedoeld in artikel 1064a» ingevoegd: ongebruikt. L In onderdeel BBB wordt artikel...

44%
Kamerstuk

Kamerstuk 35261

In civiele cassatieprocedures geldt deze verplichting al voor de vorderingsprocedure. De wijziging maakt het mogelijk dat bij ministeriële regeling: nadere regels kunnen worden gesteld over (de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van) elektronisch p...

41%
Kamerstuk

Kamerstuk 35498

Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en enige andere wetten in verband met de vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht (Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht) AMENDEMENT VAN HET LID SNELLER TER VERVANGING...

40%
Kamerstuk

Kamerstuk 34237

Het tweede lid van artikel 80 bepaalt dat de rechtbank Den Haag en de voorzieningenrechter van die rechtbank in eerste aanleg in Nederland bij uitsluiting bevoegd zijn ten aanzien van een aantal andere, in dat lid genoemde vorderingen, waaronder de v...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 36939

In dat kader wordt voorgesteld om ter zake van het vereiste van de betekening van een hernieuwd bevel aan te sluiten bij die situaties waarin het Wetboek BRv BES ook de betekening van een bevel tot betaling vereist. In het Wetboek BRv BES wordt niet...

29%