15 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 463a"
Pagina 1 van 2
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Daarnaast worden enkele termen, waar mogelijk en wenselijk, vereenvoudigd of geschrapt in verband met de digitalisering van procedures. Dit laatste heeft, zoals gezegd, niet alleen betrekking op het civiele procesrecht, maar ook op het bestuursproces...

54%
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executieverordening was reeds aangegeven dat het voorschrift van het gebruik van de Nederlandse taal de toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Dat betekent dat per type procedure wordt bezien wanneer met digitaal procederen wordt gestart. Het wetsvoorstel maakt gefaseerde invoering mogelijk, zie hierover ook paragraaf 14. Voor de hand ligt de vraag of de civiele procedure ook kan worden aan...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In onderdeel BBB wordt artikel 1064a als volgt gewijzigd: 1. Aan eind van het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: Wordt echter het vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij betekend, dan kan die partij, ongea...

47%
Kamerstuk

Kamerstuk 32045

Dit kan onder meer van belang zijn wanneer de procureur-generaal eerder een verzoek tot feitelijk onderzoek heeft afgewezen en de Hoge Raad oordeelt dat deze afwijzing ten onrechte was. Het artikel komt voor een belangrijk deel overeen met het huidig...

45%
Kamerstuk

Kamerstuk 35261

In civiele cassatieprocedures geldt deze verplichting al voor de vorderingsprocedure. De wijziging maakt het mogelijk dat bij ministeriële regeling: nadere regels kunnen worden gesteld over (de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van) elektronisch p...

42%
Kamerstuk

Kamerstuk 34218

indien nog steeds voldaan wordt aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 363, eerste lid, een ander als beoogd curator aanwijzen, of een of meer beoogd medecuratoren aanwijzen. Alvorens hierover te beslissen roept de rechtbank de beoogd rechter-commiss...

40%
Kamerstuk

Kamerstuk 36822

Ter voorbereiding van een besluit als bedoeld in het eerste lid, wordt een waardering verricht, overeenkomstig artikel 36, eerste tot en met dertiende lid, van de richtlijn herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen, van de activa e...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 31518

Een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan ook worden gedaan in het geval dat een benadeelde ingevolge artikel 954 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel uit hoofde van een aan hem door de wet toegekend eigen recht op schadevergoeding, bet...

39%