9 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 306"
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In artikel 2, tweede lid, van de Uitvoeringswet EG-executieverordening is bepaald dat het verlof wordt gevraagd bij een verzoekschrift dat in de Nederlandse taal is gesteld. In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executi...

53%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Dat betekent dat per type procedure wordt bezien wanneer met digitaal procederen wordt gestart. Het wetsvoorstel maakt gefaseerde invoering mogelijk, zie hierover ook paragraaf 14. Voor de hand ligt de vraag of de civiele procedure ook kan worden aan...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Daarnaast worden enkele termen, waar mogelijk en wenselijk, vereenvoudigd of geschrapt in verband met de digitalisering van procedures. Dit laatste heeft, zoals gezegd, niet alleen betrekking op het civiele procesrecht, maar ook op het bestuursproces...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In onderdeel BBB wordt artikel 1064a als volgt gewijzigd: 1. Aan eind van het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: Wordt echter het vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij betekend, dan kan die partij, ongea...

44%
Kamerstuk

Kamerstuk 35261

In civiele cassatieprocedures geldt deze verplichting al voor de vorderingsprocedure. De wijziging maakt het mogelijk dat bij ministeriële regeling: nadere regels kunnen worden gesteld over (de betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid van) elektronisch p...

41%
Kamerstuk

Kamerstuk 35498

Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en enige andere wetten in verband met de vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht (Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht) AMENDEMENT VAN HET LID SNELLER TER VERVANGING...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 36939

Voor de toepassing van artikel 8.48a wordt het dwangschrift met betrekking tot betaling dat op de voet van het tweede lid is betekend, geacht te zijn betekend twee dagen na de datum van de terpostbezorging van het dwangschrift met betrekking tot beta...

31%
Kamerstuk

Kamerstuk 36949

Hoofdstuk III – Rechtsmiddelen en handhaving Artikel 14 – artikel 7:646 BW – artikel 6:162 BW – artikel 3:296 BW – artikel 5 lid 1 Awgb – artikelen 6, sub a t/m e en 93, onder c Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering – artikel 10 lid 1 en lid...

27%