10 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 228"
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

54%
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

De keuze voor een verzoekschriftprocedure stemt overeen met het advies van de Staatscommissie voor het internationaal privaatrecht van 19 oktober 2001 over de Uitvoeringswet EG-Executieverordening. In de uitvoeringswet was in eerste instantie, in ver...

52%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Alleen als de wederpartij na de informele bezorging van het oproepingsbericht, waarin de procesinleiding is opgenomen, niet in het geding verschijnt, moet de eiser voor het verkrijgen van een verstekvonnis alsnog een deurwaarder inschakelen om het op...

51%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

Dat betekent dat per type procedure wordt bezien wanneer met digitaal procederen wordt gestart. Het wetsvoorstel maakt gefaseerde invoering mogelijk, zie hierover ook paragraaf 14. Voor de hand ligt de vraag of de civiele procedure ook kan worden aan...

50%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In onderdeel BBB wordt artikel 1064a als volgt gewijzigd: 1. Aan eind van het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: Wordt echter het vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij betekend, dan kan die partij, ongea...

44%
Kamerstuk

Kamerstuk 22604

Het bureau maakt van al deze stukken zo spoedig mogelijk doch niet voor de inschrijving van de aanvrage in het octrooiregister melding in het in artikel 20 bedoelde blad. 2. Van stukken die betrekking hebben op een aanvrage die nog niet in het octroo...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 35498

Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en enige andere wetten in verband met de vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht (Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht) AMENDEMENT VAN HET LID SNELLER TER VERVANGING...

38%
Kamerstuk

Kamerstuk 34237

Bij deze codificatie is de mogelijkheid om door middel van een vorderingsprocedure cassatieberoep in te stellen, opengehouden. Wanneer de eiser in cassatie voor de vorderingsprocedure kiest, roept de eiser zelf de verweerder op en doet de Hoge Raad d...

37%
Kamerstuk

Kamerstuk 36939

Voor de toepassing van artikel 8.48a wordt het dwangschrift met betrekking tot betaling dat op de voet van het tweede lid is betekend, geacht te zijn betekend twee dagen na de datum van de terpostbezorging van het dwangschrift met betrekking tot beta...

33%
Kamerstuk

Kamerstuk 36949

Dit lid geeft aanwijzingen voor implementatie, namelijk dat de verschuiving van de bewijslast niet van toepassing hoeft te zijn op procedures van feitenonderzoek door een rechtbank of andere bevoegde instantie. Artikel 18, lid 5 Behoeft geen impleme...

32%