12 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 127a"
Pagina 1 van 2
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

Oproeping van schuldeisers voor een zitting is op grond van art. 33 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering via digitale weg mogelijk als het toepasselijke procesreglement hierin voorziet en daarbij een digitaal systeem voor gegevensverwerkin...

49%
Kamerstuk

Kamerstuk 34059

DDD De artikelen 126 en 127 vervallen. EEE In het artikel 127a, tweede lid, wordt «gedaagde» vervangen door: verweerder. FFF Artikel 128 komt te luiden: Artikel 128 Indien de verweerder bij gemachtigde of bij advocaat procedeert, deelt hij de naam en...

49%
Kamerstuk

Kamerstuk 34212

Alleen als de wederpartij na de informele bezorging van het oproepingsbericht, waarin de procesinleiding is opgenomen, niet in het geding verschijnt, moet de eiser voor het verkrijgen van een verstekvonnis alsnog een deurwaarder inschakelen om het op...

47%
Kamerstuk

Kamerstuk 32305

In de memorie van toelichting bij artikel 2 van de Uitvoeringswet EG-executieverordening was reeds aangegeven dat het voorschrift van het gebruik van de Nederlandse taal de toepassing van artikel 7 van de Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer...

47%
Kamerstuk

Kamerstuk 33611

In onderdeel BBB wordt artikel 1064a als volgt gewijzigd: 1. Aan eind van het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd: Wordt echter het vonnis, voorzien van een verlof tot tenuitvoerlegging, aan de wederpartij betekend, dan kan die partij, ongea...

46%
Kamerstuk

Kamerstuk 34372

Er wordt een lid toegevoegd, luidende: In de gevallen, bedoeld in artikel 353, eerste lid, neemt de rechtbank tevens een beslissing over het bevel, bedoeld in artikel 125p, indien een dergelijk bevel nog niet is opgeheven. Artikel 552a wordt als volg...

43%
Kamerstuk

Kamerstuk 31518

Een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan ook worden gedaan in het geval dat een benadeelde ingevolge artikel 954 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel uit hoofde van een aan hem door de wet toegekend eigen recht op schadevergoeding, bet...

40%
Kamerstuk

Kamerstuk 22604

Indien er geen overeenkomst is of indien in de overeenkomst niet anders is bepaald, heeft iedere rechthebbende de bevoegdheid de in artikel 53 genoemde handelingen te verrichten en tegen zulke hande-lingen alsmede handelingen als bedoeld in artikel 7...

35%
Kamerstuk

Kamerstuk 36950

De artikelen 127 tot en met 129 van de Wet op de rechterlijke organisatie zijn niet van toepassing op de werkzaamheden van het onderzoeksteam en de bijstand van het College van procureurs-generaal, bedoeld in het tweede lid. De Tweede Kamer en de reg...

35%
Kamerstuk

Kamerstuk 36939

Voor de toepassing van artikel 8.48a wordt het dwangschrift met betrekking tot betaling dat op de voet van het tweede lid is betekend, geacht te zijn betekend twee dagen na de datum van de terpostbezorging van het dwangschrift met betrekking tot beta...

32%