32 resultaten voor "Beleidsregels bestuurlijke boeten Bureau Heffingen 1999 artikel 14"
Pagina 1 van 4
Kamerstuk

Kamerstuk 32264

De gedragingen waarvoor bestuurlijke boeten kunnen worden opgelegd, worden niet langer als strafbare feiten aangemerkt, met dien verstande dat daarop uitzonderingen kunnen worden gemaakt voor het geval zich strafverzwarende omstandigheden voordoen, b...

62%
Kamerstuk

Kamerstuk 32271

De door de gemeenteraad vastgestelde bedragen zijn gefixeerde bedragen, het betreft hier geen maximale bedragen. De gemeenteraad kan bij het bepalen van de hoogte van de boete per overtreding desgewenst onderscheid maken naar bijvoorbeeld al dan niet...

62%
Kamerstuk

Kamerstuk 32190

In deze bepaling is geregeld dat ook bij algemene maatregel van bestuur alsmede bij regeling van Onze Minister wie het aangaat boeten kunnen worden opgenomen. Hierbij is wel een maximering opgenomen voor de hoogte van deze sancties welke in lagere re...

61%
Kamerstuk

Kamerstuk 32052

Om aan het opleggen van een boete te ontkomen, zal de overtreder een beroep moeten doen op afwezigheid van alle schuld en deze afwezigheid aannemelijk moeten maken. Hieraan staat niet in de weg dat aan het bezwaar en beroep tegen de boetebeschikking...

60%
Kamerstuk

Kamerstuk 32238

De Vierde tranche, die per 1 juli 2009 in werking is getreden, heeft een algemene regeling voor bestuurlijke boetes ingevoerd. De grens ligt bij een overtreding waarop een bestuurlijke boete van meer dan € 340 Aan de toepasselijkheid van de drie ver...

60%
Kamerstuk

Kamerstuk 36164

Ten behoeve van de handhaving wordt de mogelijkheid gecreëerd om bestuurlijke boetes op te leggen voor diverse overtredingen ten aanzien van de erkenningsregels (het niet ten onrechte voordoen als een erkenninghouder of bevoegde persoon en het naleve...

59%
Kamerstuk

Kamerstuk 32189

Artikel 8.25, tweede lid, bepaalt – in afwijking van artikel 20 ALL – dat de grondslag voor vergrijpboete alleen het bedrag is dat als gevolg van grove schuld of opzet van de belastingplichtige niet geheven is. De inspecteur dient dus nauwkeurig te b...

58%
Kamerstuk

Kamerstuk 32250

Een beslissing tot het opleggen van een boete dient op grond van het tweede lid de termijn te noemen waarbinnen deze moet zijn voldaan. Aangezien zich omstandigheden kunnen voordoen als gevolg waarvan betrokkene in redelijkheid niet in staat is om de...

58%
Kamerstuk

Kamerstuk 32128

De voorgestelde herkwalificatie van het niet voldoen aan de bedoelde verplichtingen van strafbaar feit naar beboetbaar feit drukt overigens geenszins een verminderde afkeuring van dit gedrag uit, maar zorgt slechts voor een wettelijk sanctiestelsel d...

57%
Kamerstuk

Kamerstuk 33037

Het is mogelijk dat er door de samenloop van matigingsgronden, zoals het overschrijden van de beslistermijn, de verminderde draagkracht, de uitspraak van de rechter en andere matigingsgronden volgens het boetebeleid meerdere matigingen van toepassing...

56%