ECLI:NL:HR:2005:AU4300
ECLI:NL:HR:1989:AD5725
ECLI:NL:HR:2005:AO9006
ECLI:NL:RVS:2022:285
ECLI:NL:HR:2003:AE2313
de raadsvergadering van 2 juni 1994 vervolgens met betrekking tot het voorstel voor het Bekostigingsbesluit als volgt besloten: "Akkoord (...) en met de aantekening dat de raad het college machtigt op basis van het raadsbesluit van maart 1994 de kaar...
ECLI:NL:RVS:2013:535
1. Ingevolge artikel 108, tweede lid, van de Gemeentewet kunnen regeling en bestuur van het gemeentebestuur worden gevorderd bij of krachtens een andere dan deze wet ter verzekering van de uitvoering daarvan, met dien verstande dat het geven van aanw...
ECLI:NL:GHARL:2017:10744
astingen de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet WOZ (http://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007119&hoofdstuk=IV&g=2017-09-11&z=2017-09-11) voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar, bedoeld in artikel 220 (http://wetten.ov...
ECLI:NL:GHSHE:2004:AP0827
overgelegd te krijgen. (In dit verband verwijst de Voorzieningenrechter naar de onder 6.42 aangehaalde passages uit de nota naar aanleiding van het verslag, Tweede Kamer, 2001/02, 28 183, nr. 5.) Verhouding artikel 8:42 van de Awb en artikel 8:29, tw...
ECLI:NL:GHARL:2021:8099
21 591 is de betreffende bepaling, met een identieke tekst, opgenomen als ontwerp-artikel 218 (Kamerstukken II, 1989-1990, 21 591, nrs. 1-2, blz. 2). Bij de Invoeringswet Wet materiële belastingbepalingen Gemeentewet is artikel 218 eerst vernummerd n...