ECLI:NL:CBB:2013:210
g, het volgende overwogen: Met betrekking tot de heffing over het jaar 2005 DNB is op grond van artikel 42 Wte 1995 bevoegd appellante een heffing op te leggen voor kosten die DNB heeft gemaakt voor de uitvoering van de do...
g, het volgende overwogen: Met betrekking tot de heffing over het jaar 2005 DNB is op grond van artikel 42 Wte 1995 bevoegd appellante een heffing op te leggen voor kosten die DNB heeft gemaakt voor de uitvoering van de do...
g, het volgende overwogen: Met betrekking tot de heffing over het jaar 2005 DNB is op grond van artikel 42 Wte 1995 bevoegd appellante een heffing op te leggen voor kosten die DNB heeft gemaakt voor de uitvoering van de do...
g, het volgende overwogen: Met betrekking tot de heffing over het jaar 2005 DNB is op grond van artikel 42 Wte 1995 bevoegd appellante een heffing op te leggen voor kosten die DNB heeft gemaakt voor de uitvoering van de do...
ot een hogere heffing van € 67.432,- over 2007 dan bij het primaire besluit is opgelegd. In overeenstemming met artikel XIII van de Aanpassingsregeling heeft DNB bij het besluit van 25 mei 2009 het laagste bedrag gehandhaafd. Voor een restitutie van...
ot een hogere heffing van € 67.432,- over 2007 dan bij het primaire besluit is opgelegd. In overeenstemming met artikel XIII van de Aanpassingsregeling heeft DNB bij het besluit van 25 mei 2009 het laagste bedrag gehandhaafd. Voor een restitutie van...
ot een hogere heffing van € 67.432,- over 2007 dan bij het primaire besluit is opgelegd. In overeenstemming met artikel XIII van de Aanpassingsregeling heeft DNB bij het besluit van 25 mei 2009 het laagste bedrag gehandhaafd. Voor een restitutie van...
7 nihil. 3. Geschil Met betrekking tot de naheffingsaanslag over 1995 is in geschil de vraag of de pensioenaanspraken van L reeds bestonden voor 1 januari 1995 in welk geval belanghebbende zich in beginsel kan beroepen op de overgangsbepaling van art...
an de pensioenuitkeringen, moet worden aangemerkt als een andere beloning soortgelijk aan pensioen, in de zin van artikel 19 van het onderhavige Verdrag. Middel I gaat uit van een andere rechtsopvatting en treft dus geen doel.". 7.3.4. In de Besluite...
t Hof te verzoeken hun standpunten nader mondeling toe te lichten. 2. Tussen partijen vaststaande feiten 2.1. Belanghebbende vormt met haar dochtervennootschappen A-BV en B-BV een fiscale eenheid in de zin van artikel 15 van de We...
Artikel 7; Aanpassing van de pensioenaanspraken De werkgever kan, ingeval van een ingrijpende wijziging van omstandigheden als bedoeld in art. 2 lid 7 Pensioen- en Spaarfondsenwet, de betaling van zijn verdere bijdrage vermindere...