ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:CBB:2002:AE6789
ag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden van 20 maart 1952 (Trb.1952), waarin aan een staat het recht wordt toegekend om het gebruik van eigendom te reguleren. Er is derhalve geen schending van het bepaalde in artike...
ECLI:NL:CBB:2002:AE6789
Op grond van artikel 4 van de Regeling meldings- en herplantplicht dient het bos binnen een periode van 40 jaar na het moment van aanleg in zijn geheel te zijn geveld en komt de vrijstelling, als de houtopstand niet binnen 40 jaar is geveld, te verva...
ECLI:NL:CBB:2002:AE6789
llijk aan de achteruitgang van het bosareaal een eind gemaakt moest worden. In dergelijke situatie past het opnemen van een overgangsregeling niet. Omdat zowel de meldingsplicht als de herplantplicht bij wet zijn ingesteld, is er geen spra...
ECLI:NL:CBB:2002:AF0361
3 vindt voorts geen toepassing ten aanzien van houtopstanden, welke een zelfstandige eenheid vormen, en hetzij geen grotere oppervlakte beslaan dan 10 are, hetzij ingeval van rijbeplanting, gerekend over het totaal aantal rijen, niet meer bomen omvat...
ECLI:NL:CBB:2015:199
ng van een werk overeenkomstig het bestemmingsplan. (…) Artikel 6 1. Onze Minister kan bij regeling voor door hem daarbij aan te wijzen groepen van gevallen, al dan niet onder voorwaarden, vrijstelling van het bepaald...
ECLI:NL:RVS:2022:3352
ECLI:NL:CBB:2002:AE6789
aar van grond, waarop een houtopstand, anders dan bij wijze van dunning, is geveld of op andere wijze tenietgegaan, is verplicht binnen een tijdvak van drie jaren na de velling of het tenietgegaan van de houtopstand te herbeplanten volgens regelen bi...
ECLI:NL:CBB:2002:AE6789
ing niet als bos in de zin van de Boswet is te beschouwen. Dit kan onder meer worden opgemaakt uit het gegeven dat appellant geen aanspraak kan maken op een vergoeding op grond van de Regeling stimulering bosuitbreiding op landbouwgronden. Het betref...