ECLI:NL:HR:2005:AO9006
ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:2008:BD2578
ECLI:NL:HR:2010:BL1116
ECLI:NL:GHSHE:2011:BV8226
ministratie en is mitsdien sprake van een heffing die door een andere mogendheid wordt geheven. 4.17. Het Hof stelt voorop dat de heffing van zogenoemde gemeentelijke opcentiemen gekoppeld is aan de heffing van de personenbelasting en dat mi...
ECLI:NL:GHDHA:2014:3401
voor naar het oordeel van de rechtbank dan ook een objectieve en redelijke rechtvaardiging, te weten dat bij verdragslanden betere controlemogelijkheden voorhanden zijn. 12. Naar aanleiding van de ingediende aangifte heeft [de In...
ECLI:NL:GHSHE:2002:AE6777
Blijkens de stukken van het geding staat tussen partijen het volgende vast: 2.1. Belanghebbendes partner is in september 1996 in dienstbetrekking gaan werken en is daarbij voor de toepassing van de loonbelasting ingedeeld in tariefgroep 1....
ECLI:NL:GHLEE:2000:AB1330
Blijkens de gedingstukken en op grond van het verhandelde ter zitting staat als onbetwist, dan wel onvoldoende betwist, tussen partijen vast: 2.1. De belanghebbende is burgemeester van de gemeente L. Uit hoofde van die functie is hem een...
ECLI:NL:GHDHA:2017:3606
al op 31 december 2011 niet meer dan 5 jaar van de looptijd van de bewijsregel, bedoeld in artikel 10ec, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965, onderscheidenlijk artikel 9b, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 196...