ECLI:NL:HR:2016:252
ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009
ECLI:NL:RVS:2019:457
ECLI:NL:CBB:2005:AT9216
ef van 9 mei 2005, niet verschenen. 2. De grondslag van het geschil 2.1 Artikel 1:3, eerste en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) luiden: "1. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, i...
ECLI:NL:CBB:2000:AA7405
en rechtspersonen die als zodanig moeten worden ingeschreven - en de daarmee verband houdende uitleg die de Hoge Raad aan het begrip onderneming bij naamloze en besloten vennootschappen heeft gegeven - voor de toepassing van de bepalingen van de Wet...
ECLI:NL:CBB:1999:AE8075
ikelen omschreven taken en bevoegd tot het vaststellen van heffingen verschuldigd door ondernemingen als bedoeld in artikel 3 van de Handelsregisterwet 1996, voor te maken kosten van wetsuitvoering (art. 32), van de loketfunctie en de activiteiten op...
ECLI:NL:CBB:2003:AH8806
rond van artikel 5 daartoe verplichte personen doen, met inachtneming van het bij algemene maatregel van bestuur bepaalde, de opgaven die de Kamer nodig heeft om ervoor te zorgen dat de bij die maatregel aangewezen gegevens te allen tijde juist en vo...
ECLI:NL:CBB:2003:AF3772
wezen onder de op 1 oktober 1997 ingetrokken (oude) Handelsregisterwet. Onder deze jurisprudentie zijn eveneens begrepen de beschikkingen van de Hoge Raad van 13 januari 1966 inzake de coöperatieve flatexploitatievereniging Mariahoeve (NJ 1996, 189)...
ECLI:NL:CBB:2003:AF3772
Het College merkt allereerst op dat appellante sub 4 hangende het beroep is ontbonden. Dit leidt echter niet tot niet-ontvankelijkverklaring van haar beroep, nu de door haar bestreden bijdrage door verweerster is vastgesteld naar de situatie op 1 jan...