30 resultaten voor "Artikel 136 Besluit prudentiële regels Wft"
Pagina 1 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:HR:2018:818

94 lid 1, onder h, van Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen (PbEU 2013, L...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:2016:2389

Deze nevenactiviteiten worden gezamenlijk verricht door de Stichting en GSFS AM (hierna: het Samenwerkingsverband). Naar het oordeel van DNB handelt de Stichting door aard en opzet van de nevenactiviteiten ook in strijd met het len...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

p zichzelf tot belastingheffing leidt in geval van een aandelenfusie. Bovendien vloeit een eventuele heffing op grond van het bepaalde in voorwaarde 16 niet voort uit de deelgerechtigdheid tussen moeder en dochter, maar uit misbruik van een tussen mo...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:2016:2389

Deze nevenactiviteiten worden gezamenlijk verricht door de Stichting en GSFS AM (hierna: het Samenwerkingsverband). Naar het oordeel van DNB handelt de Stichting door aard en opzet van de nevenactiviteiten ook in strijd met het len...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

g naar de juiste betekenis van een in de voorwaarde opgenomen open norm eerst bij de toepassing van die voorwaarde in een concrete situatie aan de orde. Evenbedoelde interpretatiekwestie kan er niet op voorhand toe leiden dat de gestelde voorwaarde -...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

ennootschap in de gelegenheid wordt gesteld aannemelijk te maken in hoeverre de met toepassing van voorwaarde 16 gewraakte transactie al dan niet van invloed is geweest op de met het voorfusieverlies te verrekenen winst. 5.4.1. Aan de beoordeling van...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

Het vorenoverwogene brengt het Hof tot de conclusie dat de voorwaarden 14 en 15.a. als onverbindend zijn te beschouwen, in zoverre belanghebbende bij de toepassing van die voorwaarden niet in de gelegenheid wordt gesteld om aannemelijk te maken dat z...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

ussen twee dochtervennootschappen die vervolgens gelijktijdig worden verkocht; (e) evenmin acht belanghebbende het in overeen-stemming met de ratio van voorwaarde 16 dat de daarin begrepen sanctie van toepassing is in alle gevallen waarin de overdrac...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

Naar het oordeel van het Hof kan daaruit worden afgeleid dat de wetgever zich bij de totstandkoming van de Wet ervan bewust is geweest dat artikel 15, derde lid, van de Wet ook als basis zou gaan fungeren voor een bepaling als voorwaarde 16, waarmee...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8155

Naar het oordeel van het Hof kan daaruit worden afgeleid dat de wetgever zich bij de totstandkoming van de Wet ervan bewust is geweest dat artikel 15, derde lid, van de Wet ook als basis zou gaan fungeren voor een bepaling als voorwaarde 16, waarmee...

1%