ECLI:NL:HR:2008:BD2578
ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:HR:2010:BL1116
ECLI:NL:RVS:2020:1560
ECLI:NL:RVS:2020:1468
ies desondanks onterecht zijn. Hij wijst daarbij op het arrest van het Hof van 26 juli 2017, gewezen in een procedure die de LTTE zelf had aangespannen. Onder 5 zal de Afdeling dit betoog weergeven. Onder 6 tot en met 6.3 zal de Afdeling uiteenzetten...
ECLI:NL:CBB:2026:392
, die het einde van deze fase van het slachten markeert, aan het bepaalde in punt 7 en 10 moet zijn voldaan. Anders dan eiseres stelt, betekent dit niet dat een toezichthouder nimmer op enig moment in de uitslachtfase voorafgaand aan de postmortemkeu...
ECLI:NL:RVS:2020:1468
Inleiding 1. Deze zaak gaat over financiële sancties, waaronder het bevriezen van tegoeden, die de minister aan [appellant] heeft opgelegd, omdat hij volgens de minister betrokken was bij terroristische activiteiten. Volgens de minister...
ECLI:NL:RVS:2020:2420
Inleiding 1. De minister heeft [appellant] aangewezen als persoon op wie de Sanctieregeling Terrorisme 2007-II (hierna: de Sanctieregeling) van toepassing is vanwege zijn betrokkenheid bij de door de Europese Unie als terroristisch aangemerkte...
ECLI:NL:CBB:2026:405
Het bezwaar, beroep of hoger beroep tegen een bijkomende beschikking heeft mede betrekking op een latere bijkomende beschikking met betrekking tot dezelfde geldschuld, voor zover de belanghebbende deze beschikking betwist. (…) Artikel 5:2 1. In deze...