ECLI:NL:RVS:2015:288
ECLI:NL:RVS:2016:2840
ECLI:NL:RVS:2004:AP4641
dmaking heeft plaatsgevonden op 18 juni 2003, zodat het bezwaarschrift van 11 juli 2003 binnen de termijn is ingediend, aldus appellante. 2.1.1. In artikel 39, tweede lid, van de Wet bodembescherming is, voorzover hier van belang, bepaald dat een...
ECLI:NL:RVS:2023:2067
ECLI:NL:RVS:2020:1624
ECLI:NL:RVS:2010:BN9532
chikt wordt gemaakt voor de functie die hij na de sanering krijgt waarbij het risico voor mens, plant of dier als gevolg van blootstelling aan de verontreiniging zoveel mogelijk wordt beperkt; b. het risico van de verspreiding van verontrein...
ECLI:NL:RBBRE:2006:AY5715
andere cadmium, zink, barium en arseen. 2.4. Al sedert 1974 wordt met twee putten (genaamd put A en put D) op de locatie [adres] te [plaats 1] ten behoeve van het productieproces grondwater onttrokken. In 1974 heeft [BV 2] een proefvergunning voor he...
ECLI:NL:PHR:2005:AO3156
d ontleen ik(6): Artikel 1, eerste lid. Naar aanleiding van de door de leden van de V.V.D. fractie gestelde vragen merken wij op dat op blz. 33, tweede alinea van de memorie van toelichting is uiteengezet waarom in het wetsontwerp bronbemalinge...
ECLI:NL:PHR:2003:AG2067
In dit verband wijs ik erop dat we een figuur als de onderhavige, inhoudende dat straf is gesteld op het negeren van het in een concreet geval door een daartoe bevoegde ambtenaar bevoegd gegeven aanwijzingen, kennen zowel in de formele strafwet als i...