30 resultaten voor "Artikel 21 Wet bemanning zeeschepen"
Pagina 3 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:RBOVE:2025:6718

Hierbij heeft eiseres veelal verwezen naar de wettelijke bepalingen met betrekking tot vaarbevoegdheidsbewijzen. 8.2. De rechtbank overweegt hierover het volgende. 8.2.1. Een schip dient volg...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBOVE:2025:6714

Wettelijk kader 3. Op 1 juli 2025 zijn de Wet bemanning zeeschepen (hierna: Wbz), het Besluit bemanning zeeschepen en de Regeling bemanning zeeschepen in werking getreden. De Wet zeevarenden (hierna: de Wz), het Besluit zeevarend...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBOVE:2025:6772

Wettelijk kader 3. Op 1 juli 2025 zijn de Wet bemanning zeeschepen (hierna: Wbz), het Besluit bemanning zeeschepen en de Regeling bemanning zeeschepen in werking getreden. De Wet zeevarenden (hierna: de Wz), het Besluit zeevarend...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBAMS:2005:AU9727

4.1. Allereerst dient de vraag te worden beantwoord of A krachtens artikel 8:211 aanhef en sub b BW een voorrecht had boven de hypotheekhouders ING Bank en ABN Amro Bank op de zeeschepen van C. 4.2. Krachtens artikel 8:211 aanhef en su...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBOVE:2025:6717

Wettelijk kader 3. Op 1 juli 2025 zijn de Wet bemanning zeeschepen (hierna: Wbz), het Besluit bemanning zeeschepen en de Regeling bemanning zeeschepen in werking getreden. De Wet zeevarenden (hierna: de Wz), het Besluit zeevarend...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2005:AS4574

met het oog op de vrijstellingsbeoordeling niet van belang is omdat de verplichte deelneming ziet op het vroegpensioen dat een andere doelstelling heeft. Voorts is overwogen dat de vroegpensioenregeling van eiseres een facultatieve deelname behelst e...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBOVE:2025:6719

Voor dergelijke kleine zeilschepen heeft de wetgever de Rbzz vastgesteld. Alle eisen die aan de bemanning kunnen worden gesteld zijn daarom neergelegd in de Rbzz, en niet (deels ook) in het Bz. Hierbij heeft eiseres veelal verwezen naar de wettelijke...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2024:1273

ijkerwijs nodig zijn’. Ingevolge het vierde lid, zoals dat luidde ten tijde van het tenlastegelegde feit, waren de opvarenden ‘verplicht de bevelen van de kapitein na te komen die door de kapitein worden gegeven in het belang der veiligheid of tot ha...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2011:BR6384

indien mogelijk, de plaats waar en den dag waarop de dienst aan boord zal aanvangen; 7°. het bepaalde bij artikel 414 nopens het recht op vrije dagen; 8°. de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, namelijk: a. indien de overeenkoms...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:PHR:2011:BR6384

rgelijke slinksche handelingen. Deze monstering geschiedt daarom ten overstaan van een ambtenaar van wege het bestuur, welke de monsterrol opmaakt, en daarin, behalve hetgeen tusschen de contracterende partijen is overeengekomen, altijd die zaken pla...

1%