14 resultaten voor "Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen) artikel 982"
Pagina 2 van 2
Kamerstuk

Kamerstuk 22604

Het in artikel 84 bedoelde advies wordt zo spoedig mogelijk uitgebracht, doch uiterlijk binnen twee maanden nadat het bureau kennis heeft genomen van het standpunt van de verzoeker en de octrooihouder of, indien toepassing is gegeven aan het vorige l...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 36040

De rechtbank kan een machtiging als bedoeld in het tweede lid, onder a, verlenen, als redelijkerwijs valt aan te nemen dat de derde door het niet kunnen uitoefenen van de bevoegdheid als bedoeld in dat onderdeel, wezenlijk in zijn belangen wordt gesc...

39%
Kamerstuk

Kamerstuk 36949

Dit lid geeft aanwijzingen voor implementatie, namelijk dat de verschuiving van de bewijslast niet van toepassing hoeft te zijn op procedures van feitenonderzoek door een rechtbank of andere bevoegde instantie. Artikel 18, lid 5 Behoeft geen impleme...

33%
Kamerstuk

Kamerstuk 36938

Indien de voorzitter wordt geschorst, onderscheidenlijk ontslagen, regelt het voorgestelde artikel 5a, derde lid, Wet WOZ dat de plaatsvervangende voorzitter vanaf dat moment de rol van voorzitter waarneemt voor uiterlijk de duur van de benoemingster...

31%