ECLI:NL:GHDHA:2019:3695
8 en 23) vermeldt hierover, voor zover hier van belang: ‘Overeenkomstig artikel 7, tweede lid, onderdeel b, Accijnsrichtlijn 2008 wordt in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de wet,...
8 en 23) vermeldt hierover, voor zover hier van belang: ‘Overeenkomstig artikel 7, tweede lid, onderdeel b, Accijnsrichtlijn 2008 wordt in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de wet,...
4.1. Artikel 4 van de Wet op de dividendbelasting 1965 (hierna: de Wet) zoals die in het onderhavige jaar luidde, bepaalt dat inhouding van dividendbelasting achterwege mag blijven ter zake van, kort ...
2.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. 2.1.1 Belanghebbende was van 1 januari 2013 tot en met 31 december 2016 een zogenoemde eigenrisicodrager voor de reg...
4.1. Artikel 4 van de Wet op de dividendbelasting 1965 (hierna: de Wet) zoals die in het onderhavige jaar luidde, bepaalt dat inhouding van dividendbelasting achterwege mag blijven ter zake van, kort ...
7.1 De ontvankelijkheid van C 7.1.1 Met betrekking tot het beroep in de zaak 01/414 stelt het College voorop dat uitsluitend door A bezwaar is gemaakt tegen de vaststelling van de Verordening. R...
4.1. Artikel 4 van de Wet op de dividendbelasting 1965 (hierna: de Wet) zoals die in het onderhavige jaar luidde, bepaalt dat inhouding van dividendbelasting achterwege mag blijven ter zake van, kort ...
artikel 10, tweede lid onder g correct toegepast 68 2326 ...
et anderen gedaan, met uitzondering van de laatste zending van 14 augustus 2012. Voor die zending kan niet worden bewezen dat verdachte dit samen met een ander of anderen heeft gedaan. Dit handelen is...
2.5.4.3 Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter kan artikel 6a van het Fb en het daarop gebaseerde artikel 2, zesde en zevende lid, van de Regeling de in 2.5.4.2 vermelde toetsing door...
10 Artikel 10, lid 2, sub b Artikel 10, lid 2, sub e Artikel 10, lid 2, sub f Artikel 11, lid 1 ...