ECLI:NL:RVS:2022:632
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: bevestigt de aangevallen uitspraak. Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, voorzitter, en mr. J.M.L. Niederer en mr. W. den Ouden, leden, in tegenwoordigheid van mr. T.E. Larsson-van...
ECLI:NL:RVS:2009:BH4621
en volgt uit die definities tevens wat wordt verstaan onder arbeidstijd. Aangezien de desbetreffende bepalingen van de Atw een implementatie zijn van de richtlijn, is het begrip arbeidstijd richtlijnconform geïnterpreteerd. Daarom is artikel 2, eerst...
ECLI:NL:RVS:2009:BH4621
: 1°. degene jegens wie een ander krachtens arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke aanstelling gehouden is tot het verrichten van arbeid, behalve indien die ander aan een derde ter beschikking wordt gesteld voor het verrichten van arbeid,...
ECLI:NL:CRVB:2005:AS3479
II. MOTIVERING 1. Voor een uitgebreidere weergave van de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. De Raad volstaat met het volgende. 1.1. Appellant was werkzaam bij de po...
ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6850
en vennootschap] in of omstreeks de periode van 1 juli 1999 tot en met 31 juli 1999 te Boxtel, in ieder geval in Nederland, als werkgever de arbeid niet zodanig heeft georganiseerd dat de werknemer genaamd [betrokkene 7] op 25 juli 1999 een rusttijd...
ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6850
n of omstreeks de periode van 1 juli 1999 tot en met 31 juli 1999 te Boxtel, in ieder geval in Nederland, als werkgever de arbeid niet zodanig heeft georganiseerd dat de werknemer genaamd [betrokkene 8 ] op 4 juli 1999 en/of 5 juli 1999 een rusttijd...
ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6850
en vennootschap] in of omstreeks de periode van 1 juli 1999 tot en met 31 juli 1999 te Boxtel, in ieder geval in Nederland, als werkgever de arbeid niet zodanig heeft georganiseerd dat de werknemer genaamd [betrokkene 6] op 26 juli 1999 een rusttijd...
ECLI:NL:GHSHE:2003:AF6850
3820/85, immers hadden de hierna te noemen werknemers die als bestuurder buitenlands vervoer verrichtten met een voertuig waarop voornoemde Verordening van toepassing was, geen dagelijkse rusttijd als bedoeld in artikel 8 lid 1 van voornoemde Verorde...
ECLI:NL:GHSHE:2003:AF7160
och bedroeg de langste achtereenvolgende rusttijd van die werknemer ongeveer 1 uur en 50 minuten, in elk geval minder dan 9 uren, hebbende hij, verdachte, tot dit feit opdracht gegeven, althans feitelijk leiding gegeven aan voormelde verboden gedragi...