ECLI:NL:GHARL:2020:251
4.1. In artikel 6.33, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001 is bepaald dat onder giften wordt verstaan: bevoordelingen uit vrijgevigheid en verplichte bijdragen waar geen directe...
4.1. In artikel 6.33, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001 is bepaald dat onder giften wordt verstaan: bevoordelingen uit vrijgevigheid en verplichte bijdragen waar geen directe...
4.1. In artikel 6.33, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001 is bepaald dat onder giften wordt verstaan: bevoordelingen uit vrijgevigheid en verplichte bijdragen waar geen directe...
1. Ingevolge artikel 1a, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag (hierna: Wht) is op deze wet de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (hierna: Awir), met uitzondering van artikel 6, eerste en...
1. De rechtbank is van oordeel dat het beroep ongegrond is. Zij overweegt daartoe het volgende. 2. De rechtbank stelt vast dat eiseres ter zitting de beroepsgrond over het niet toekennen van ...
1. De rechtbank neemt de volgende, door partijen niet betwiste, feiten als vaststaand aan. Bij besluit van 23 december 2008, gewijzigd op 9 juni 2009, heeft verweerder aan eiser een voorschot hu...
oor het ministerie van Justitie. Met deze bepaling wordt beoogd om dubbele betaling uit collectieve middelen te voorkomen. Naar vaste rechtspraak is deze doelstelling rechtens aanvaardbaar en is het m...
Inleiding 1. [wederpartij] heeft een zoon en een dochter. Zij hebben geld ontvangen uit de erfenis van hun overleden moeder, de ex-vrouw van [wederpartij]. Het geld staat op spaarrekeningen,...
rzien door het ministerie van Justitie. Met deze bepaling wordt beoogd om dubbele betaling uit collectieve middelen te voorkomen. Naar vaste rechtspraak is deze doelstelling rechtens aanvaardbaar en i...
1. Eiser heeft in 2016 en 2017 (voorschotten) huurtoeslag ontvangen. Eiser heeft twee kinderen, een zoon [naam 1] en een dochter [naam 2]. Op 22 maart 2010 is hun moeder, de ex-vrouw van eiser, overle...
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. I.M. Josten, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Constant, griffier, op 26 april 2022 en openbaar ge...