ECLI:NL:GHAMS:2004:AQ5885
5.1 Ingevolge artikel 98, eerste lid, Wna zijn notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens dez...
5.1 Ingevolge artikel 98, eerste lid, Wna zijn notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens dez...
6.1. De tegen de notaris ingediende klacht bestaat uit twee onderdelen, te weten het verwijt dat de notaris zijn jaarstukken 2010 niet tijdig (1) en niet op de juiste wijze (2) heeft ingediend. Het ho...
De klachtmogelijkheid voor het BFT Krachtens artikel 112 lid 1 Wna houdt het BFT toezicht op de nakoming van de financiële verplichtingen die bij of krachtens de Wna aan de notaris worden opgele...
men. Een soortgelijke bepaling komt voor in artikel 13 van de Verordening Beroeps- en gedragsregels van de KNB. Aan dit artikel heeft mijn ambtsvoorganger op 15 september 2000 de goedkeuring onthouden...
6.1. Voor zover klager zich beklaagt over de behandeling in eerste aanleg, in het bijzonder over de deelname daaraan van mr. Willems als (notaris)lid van de kamer, geldt het volgende. Nu klager spreek...
Het hof zal dit klachtonderdeel daarom ongegrond verklaren. Klachtonderdeel ii. 6.14. Met betrekking tot klachtonderdeel i...
5.1. De kamer heeft in de bestreden beslissing de klacht van het BFT tegen de notaris ongegrond verklaard. Het is de kamer niet gebleken van feiten of omstandigheden waaruit zou kunnen volgen da...
6.1 Klagers hebben aan de klachten ten grondslag gelegd dat de wijze waarop het samenwerkingsverband naar buiten is getreden suggereert dat [plaats b] en [plaats a] notariële diensten worden verleend...
4.1 Ingevolge artikel 98, eerste lid, Wet op het notarisambt (hierna: Wna) zijn notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrechtspraak onderworpen ter zake van enig handelen of nalaten in strij...
1. Eisers hebben verzocht om verlof voor een periode van zeven dagen. Het is dus juist dat de directeur (en niet de leerplichtambtenaar) heeft beslist op eisers verzoek. De rechtbank wijst op artikel ...