30 resultaten voor "Artikel 27d-4 Wet bodembescherming"
Pagina 2 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2006:AY4212

redelijk vermoeden van bodemverontreiniging is ontstaan. Ingevolge voorschrift 5.6.1, voor zover van belang, kan het college van gedeputeerde staten verlangen dat de bodem of het grondwater wordt gesaneerd, indien uit monitoring of anderszins blijkt...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2019:1667

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: verklaart de beroepen ongegrond. Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, voorzitter, en mr. G.T.J.M. Jurgens en mr. B.J. Schueler, leden, in tegenwoordigheid van mr. N.I. Br...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2008:BE9706

ntreiniging waarvan spoedige sanering niet noodzakelijk is. De in het saneringsplan beschreven saneringsvariant houdt in het monitoren van de grondwaterkwaliteit teneinde een stabiele eindsituatie met een grote restverontreiniging te bereiken. Dit be...

2%