30 resultaten voor "Artikel 128a Mijnbouwwet"
Pagina 2 van 3
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2026:5167

dt. De Afdeling zal hierna aan de hand van de beroepsgronden onderzoeken of de motivering van de besluiten, los van de onjuiste verwijzing naar artikelonderdelen, de besluiten kan dragen. Als dat het geval is, ziet de Afdeling aanleiding om het gebre...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2026:5167

De besluiten van 17 en 18 augustus 2021 stonden ten tijde van de besluiten van 28 oktober 2024 dus geen feitelijke activiteiten toe. De staatssecretaris is daar terecht van uitgegaan. Het betoog slaagt niet. De belangen van drinkwaterwinning en grond...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:CBB:2003:AI0089

en A, bedrijfsleider bij verzoekster. Aan de zijde van verweerder is tevens verschenen J.H. Snijder, werkzaam bij de Divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Ter zitting heeft verz...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2026:5167

van de uitspraken. Het betoog slaagt niet. Conclusie hoger beroepen 3. De hoger beroepen van de staatssecretaris, Wayland en Yeager zijn ongegrond. De Afdeling bevestigt de aangevallen uitspraken met verbetering van de gronden waarop deze ruste...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RVS:2007:BB2499

Verder zal in het monitoringsplan ook het grond- en oppervlaktewater binnendijks worden meegenomen, aldus de Minister van EZ. Wettelijk kader 2.14. Ingevolge artikel 34, eerste lid, van de Mijnbouwwet geschiedt het winnen van delfstoffen vanuit ee...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBLEE:2004:AO5913

Dat de transportleidingen er zijn "ten behoeve van het winnen van zout" blijkt volgens Frisia ook uit art. 49 lid 1 sub f Mbw, waarin wordt bepaald dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels kunnen worden gesteld met betrekking tot pi...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RBROT:2016:9211

ijf jaar niet aan de orde is. Opsporingsvergunningen worden in de regel voor een periode van vijf jaar verleend, zodat de voltooiing van de activiteiten niet binnen een redelijke termijn kan worden uitgevoerd. 6. Eiseres stelt dat verweerde...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RBLEE:2005:AU3453

Volgens verweerder is de heersende rechtsopvatting, dat de in de loop der tijd gevormde bodemschatten ten goede dienen te komen aan de gemeenschap als geheel en niet aan de toevallige eigenaar van de grond waarin zich die bodemschatten bevinden. In a...

2%
Uitspraak

ECLI:NL:RBLEE:2005:AU3453

ng gebracht. Eisers hebben bij brieven van 11 en 14 maart 2004 nadere stukken in het geding gebracht. 2.2 De argumenten van eisers Eisers hebben in hoofdzaak aangevoerd dat de concessie onbevoegd is verleend en dat ter voorbereiding van het besluit t...

1%
Uitspraak

ECLI:NL:RBSGR:2012:BY6999

.9. Bij de Wet van 8 november 2007 is artikel 128a Wbo ingevoerd, waarbij artikel II van de Wet van 8 november 2007 onder meer bepaalt dat artikel 128a Wbo terugwerkt tot en met 1 juli 1999. Een en ander strekt tot herstel van het in de uitspraak van...

1%