ECLI:NL:HR:1981:AG4158
ECLI:NL:RVS:2026:4905
Een uitzondering op de toepassing van afdeling 3.4 van de Awb, zoals bijvoorbeeld was opgenomen in de artikelen 3.9 en 3.9a van Wet ruimtelijke ordening (Wro) zoals die tot 1 januari 2024 gold, kent de Ow voor de vaststelling, wijziging of intrekking...
ECLI:NL:RVS:2002:AF1424
eft op een streekplanonderdeel dat is aan te merken als een besluit in de zin van artikel 4a, zevende lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in samenhang met artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht, dient een niet-ontvankelijkverklaring in...
ECLI:NL:RVS:2026:4905
ing zag om bezwaar te maken. 4.2. De Afdeling realiseert zich dat met het voorgaande anders wordt geoordeeld dan wat de wetgever met de invoering van de Ow mogelijk voor ogen heeft gehad. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 16.30...
ECLI:NL:RVS:2002:AF1424
laatstbedoelde zin, een hiertegen gericht beroepschrift doorzenden aan verweerders ter behandeling als bezwaarschrift. Indien zo'n herziening niet als zodanig wordt aangemerkt staat daartegen ook geen mogelijkheid open om bezwaar te maken, z...
ECLI:NL:RVS:2026:5159
, zodat deze niet voor compensatie in aanmerking komt op grond van artikel 4.3, eerste lid van de Wht. 8.2. In de Wht is in artikel 9.1, tweede lid, aanhef en onder a, een hardheidsclausule opgenomen, op grond waarvan de minister kan afwijken van...
ECLI:NL:RVS:2002:AF1424
zijn aangegeven. Omtrent de laatste twee criteria overweegt de Afdeling dat de aard van projecten of ingrepen enerzijds en de plaats of het gebied waar deze zijn gedacht anderzijds, vaak zodanig samenhangen dat de vereiste mate van concreetheid in on...
ECLI:NL:CBB:2003:AL1839
et bepaalde bij en krachtens de artikelen 3 en 3a van de Wet is voldaan - een noodzaak tot verder onderzoek en dus tot verlenging zou bestaan. De artikelen 4:7 en 4:8 van de Awb (…) kunnen hier, naar voorlopig oordeel van de president, de grond...
ECLI:NL:RVS:2003:AF4367
de installaties voor het opwekken van elektriciteit door middel van windenergie met een gezamenlijk vermogen van 10 megawatt (elektrisch) per jaar of meer, en tevens bestaande uit 10 molens of meer, waarvoor een MER-beoordelingsplicht geldt in de zin...