BWBV0007087
Artikel 18
Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds
1. Indien binnen 60 dagen na de indiening van een schriftelijk verzoek om behandeling van de aangelegenheid door het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van handel en investeringen op grond van Artikel 17, lid 7, of, in afwezigheid van een desbetreffend verzoek, binnen 120 dagen na de indiening van een schriftelijk verzoek om overleg op grond van Artikel 17, lid 1, geen wederzijds bevredigende oplossing is bereikt, kan een Partij, door een schriftelijk verzoek in te dienen bij het overeenkomstig Artikel 19, lid 3, aangewezen contactpunt van de andere Partij, verzoeken om de instelling een deskundigenpanel dat de aangelegenheid moet onderzoeken. In het verzoek moet zij de redenen voor het verzoek om instelling van een deskundigenpanel vermelden, met inbegrip van een beschrijving van de aangelegenheid in kwestie, en uitleggen in welke zin die aangelegenheid een inbreuk vormt op de bepalingen van dit protocol die zij van toepassing acht.
2. Tenzij in dit Artikel anders is bepaald, zijn de Artikelen 38.6 en 38.10, Artikel 38.13, lid 6, Artikel 38.14, lid 1, de Artikelen 38.15 en 38.19, Artikel 38.20, lid 2, de Artikelen 38.21, 38.22, 38.24, 38.32, 38.33, 38.34 en 38.35 van deze overeenkomst, alsook de bijlagen 38-A en 38-B bij deze overeenkomst, van overeenkomstige toepassing op dit protocol.
3. Tijdens zijn eerste vergadering beveelt het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen het Gemengd Comité aan een lijst op te stellen van ten minste 15 personen die bereid en in staat zijn om zitting te nemen in het deskundigenpanel. De lijst bestaat uit drie deellijsten:
a. een deellijst van personen die op basis van voorstellen van de EU-Partij is opgesteld;
b. een deellijst van personen die op basis van voorstellen van Chili is opgesteld, en
c. een deellijst van personen die geen onderdaan van een van de Partijen zijn en die bereid zijn om als voorzitter van het deskundigenpanel te fungeren. Elke Partij draagt ten minste vijf personen voor haar eigen deellijst voor. De Partijen kiezen ook ten minste vijf personen voor de deellijst van voorzitters. Het Gemengd Comité ziet erop toe dat elke deellijst actueel wordt gehouden en dat die ten minste vijf personen bevat.
4. De in lid 3 bedoelde personen beschikken over gespecialiseerde kennis of deskundigheid op gebieden die onder dit protocol vallen of over de beslechting van geschillen die voortvloeien uit internationale overeenkomsten. Zij zijn onafhankelijk, treden op persoonlijke titel op, nemen van geen enkele organisatie of overheid instructies met betrekking tot het onderwerp van het geschil aan, zijn niet verbonden aan de overheid van een van de Partijen en nemen bijlage 38-B in acht.
5. Indien het deskundigenpanel is samengesteld volgens de procedures van Artikel 38.6, leden 3 en 4, van deze overeenkomst, worden de deskundigen geselecteerd uit de relevante personen op de in lid 3 van dit Artikel bedoelde deellijsten.
6. Tenzij de Partijen binnen vijf dagen na de datum van instelling van het deskundigenpanel, zoals gedefineerd in Artikel 38.6, lid 5 van deze overeenkomst, anders overeenkomen, luidt het mandaat als volgt:
„het onderzoeken, in het licht van de relevante bepalingen van het Protocol inzake de voorkoming en bestrijding van corruptie van de geavanceerde kaderovereenkomst, van de aangelegenheid waarnaar wordt verwezen in het verzoek om instelling van het deskundigenpanel op grond van Artikel 17 van dat protocol, en het uitbrengen van een verslag, overeenkomstig dat Artikel, met zijn bevindingen en aanbevelingen voor de oplossing van de aangelegenheid”.
7. Met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met de bestaande internationale overeenkomsten, aanbevelingen of beginselen als bedoeld in dit protocol, moet het deskundigenpanel indien relevant informatie inwinnen bij de relevante organisaties of organen. Dergelijke informatie wordt aan de Partijen verstrekt, zodat zij daarover opmerkingen kunnen maken.
8. Het deskundigenpanel legt de bepalingen van dit protocol uit volgens de gebruikelijke regels voor de interpretatie van het internationaal publiekrecht, met inbegrip van die welke in het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht zijn neergelegd.
9. Het deskundigenpanel legt de Partijen een tussentijds verslag en een eindverslag voor met daarin de bevindingen van de feiten, de toepasselijkheid van de desbetreffende bepalingen en de motivering van die bevindingen, alsook de conclusies en de aanbevelingen van het panel.
10. Het deskundigenpanel legt binnen 100 dagen na de datum waarop het is ingesteld zijn tussentijds verslag aan de Partijen voor. Indien het deskundigenpanel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het deskundigenpanel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn tussentijds verslag voor te leggen. De in dit lid genoemde termijnen kunnen in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd.
11. Elke Partij kan binnen 25 dagen na de datum waarop het deskundigenpanel het tussentijds verslag heeft voorgelegd, bij het panel een met redenen omkleed verzoek om herziening van bepaalde aspecten van het tussentijds verslag indienen. Een Partij kan binnen 15 dagen na de datum van indiening van dat verzoek van de andere Partij haar opmerkingen over het verzoek kenbaar maken.
12. Na die opmerkingen in overweging te hebben genomen, stelt het deskundigenpanel het eindverslag op. Indien binnen de in lid 11 van dit Artikel bedoelde termijn geen verzoek als bedoeld in dat lid wordt ingediend, wordt het tussentijds verslag het eindverslag van het deskundigenpanel.
13. Het deskundigenpanel legt binnen 175 dagen na de datum waarop het is ingesteld zijn eindverslag aan de Partijen voor. Indien het deskundigenpanel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het panel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn eindverslag voor te leggen. De in dit lid genoemde termijnen kunnen in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd.
14. In het eindverslag wordt elk schriftelijk verzoek van de Partijen met betrekking tot het tussentijds verslag besproken en wordt duidelijk ingegaan op de opmerkingen van de Partijen.
15. De Partijen maken het eindverslag openbaar binnen 15 dagen na de datum waarop het door het deskundigenpanel is voorgelegd.
16. Indien het deskundigenpanel in het eindverslag vaststelt dat de antwoordende Partij haar verplichtingen uit hoofde van dit protocol niet is nagekomen, bespreken de Partijen passende maatregelen die moeten worden genomen, rekening houdend met het verslag en de aanbevelingen van het deskundigenpanel. De antwoordende Partij stelt haar interne adviesgroep zoals bedoeld in Artikel 40.6 van deze overeenkomst, en de andere Partij uiterlijk drie maanden nadat het eindverslag op grond van lid 15 van dit Artikel openbaar is gemaakt in kennis van haar besluiten over de te nemen maatregelen.
17. Het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen houdt toezicht op de opvolging van het verslag van het deskundigenpanel en de aanbevelingen daarvan. De in Artikel 40.6 van deze overeenkomst bedoelde interne adviesgroepen kunnen in dat verband opmerkingen indienen bij het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen.
2. Tenzij in dit Artikel anders is bepaald, zijn de Artikelen 38.6 en 38.10, Artikel 38.13, lid 6, Artikel 38.14, lid 1, de Artikelen 38.15 en 38.19, Artikel 38.20, lid 2, de Artikelen 38.21, 38.22, 38.24, 38.32, 38.33, 38.34 en 38.35 van deze overeenkomst, alsook de bijlagen 38-A en 38-B bij deze overeenkomst, van overeenkomstige toepassing op dit protocol.
3. Tijdens zijn eerste vergadering beveelt het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen het Gemengd Comité aan een lijst op te stellen van ten minste 15 personen die bereid en in staat zijn om zitting te nemen in het deskundigenpanel. De lijst bestaat uit drie deellijsten:
a. een deellijst van personen die op basis van voorstellen van de EU-Partij is opgesteld;
b. een deellijst van personen die op basis van voorstellen van Chili is opgesteld, en
c. een deellijst van personen die geen onderdaan van een van de Partijen zijn en die bereid zijn om als voorzitter van het deskundigenpanel te fungeren. Elke Partij draagt ten minste vijf personen voor haar eigen deellijst voor. De Partijen kiezen ook ten minste vijf personen voor de deellijst van voorzitters. Het Gemengd Comité ziet erop toe dat elke deellijst actueel wordt gehouden en dat die ten minste vijf personen bevat.
4. De in lid 3 bedoelde personen beschikken over gespecialiseerde kennis of deskundigheid op gebieden die onder dit protocol vallen of over de beslechting van geschillen die voortvloeien uit internationale overeenkomsten. Zij zijn onafhankelijk, treden op persoonlijke titel op, nemen van geen enkele organisatie of overheid instructies met betrekking tot het onderwerp van het geschil aan, zijn niet verbonden aan de overheid van een van de Partijen en nemen bijlage 38-B in acht.
5. Indien het deskundigenpanel is samengesteld volgens de procedures van Artikel 38.6, leden 3 en 4, van deze overeenkomst, worden de deskundigen geselecteerd uit de relevante personen op de in lid 3 van dit Artikel bedoelde deellijsten.
6. Tenzij de Partijen binnen vijf dagen na de datum van instelling van het deskundigenpanel, zoals gedefineerd in Artikel 38.6, lid 5 van deze overeenkomst, anders overeenkomen, luidt het mandaat als volgt:
„het onderzoeken, in het licht van de relevante bepalingen van het Protocol inzake de voorkoming en bestrijding van corruptie van de geavanceerde kaderovereenkomst, van de aangelegenheid waarnaar wordt verwezen in het verzoek om instelling van het deskundigenpanel op grond van Artikel 17 van dat protocol, en het uitbrengen van een verslag, overeenkomstig dat Artikel, met zijn bevindingen en aanbevelingen voor de oplossing van de aangelegenheid”.
7. Met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met de bestaande internationale overeenkomsten, aanbevelingen of beginselen als bedoeld in dit protocol, moet het deskundigenpanel indien relevant informatie inwinnen bij de relevante organisaties of organen. Dergelijke informatie wordt aan de Partijen verstrekt, zodat zij daarover opmerkingen kunnen maken.
8. Het deskundigenpanel legt de bepalingen van dit protocol uit volgens de gebruikelijke regels voor de interpretatie van het internationaal publiekrecht, met inbegrip van die welke in het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht zijn neergelegd.
9. Het deskundigenpanel legt de Partijen een tussentijds verslag en een eindverslag voor met daarin de bevindingen van de feiten, de toepasselijkheid van de desbetreffende bepalingen en de motivering van die bevindingen, alsook de conclusies en de aanbevelingen van het panel.
10. Het deskundigenpanel legt binnen 100 dagen na de datum waarop het is ingesteld zijn tussentijds verslag aan de Partijen voor. Indien het deskundigenpanel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het deskundigenpanel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn tussentijds verslag voor te leggen. De in dit lid genoemde termijnen kunnen in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd.
11. Elke Partij kan binnen 25 dagen na de datum waarop het deskundigenpanel het tussentijds verslag heeft voorgelegd, bij het panel een met redenen omkleed verzoek om herziening van bepaalde aspecten van het tussentijds verslag indienen. Een Partij kan binnen 15 dagen na de datum van indiening van dat verzoek van de andere Partij haar opmerkingen over het verzoek kenbaar maken.
12. Na die opmerkingen in overweging te hebben genomen, stelt het deskundigenpanel het eindverslag op. Indien binnen de in lid 11 van dit Artikel bedoelde termijn geen verzoek als bedoeld in dat lid wordt ingediend, wordt het tussentijds verslag het eindverslag van het deskundigenpanel.
13. Het deskundigenpanel legt binnen 175 dagen na de datum waarop het is ingesteld zijn eindverslag aan de Partijen voor. Indien het deskundigenpanel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het panel de Partijen daarvan schriftelijk in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het deskundigenpanel voornemens is zijn eindverslag voor te leggen. De in dit lid genoemde termijnen kunnen in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd.
14. In het eindverslag wordt elk schriftelijk verzoek van de Partijen met betrekking tot het tussentijds verslag besproken en wordt duidelijk ingegaan op de opmerkingen van de Partijen.
15. De Partijen maken het eindverslag openbaar binnen 15 dagen na de datum waarop het door het deskundigenpanel is voorgelegd.
16. Indien het deskundigenpanel in het eindverslag vaststelt dat de antwoordende Partij haar verplichtingen uit hoofde van dit protocol niet is nagekomen, bespreken de Partijen passende maatregelen die moeten worden genomen, rekening houdend met het verslag en de aanbevelingen van het deskundigenpanel. De antwoordende Partij stelt haar interne adviesgroep zoals bedoeld in Artikel 40.6 van deze overeenkomst, en de andere Partij uiterlijk drie maanden nadat het eindverslag op grond van lid 15 van dit Artikel openbaar is gemaakt in kennis van haar besluiten over de te nemen maatregelen.
17. Het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen houdt toezicht op de opvolging van het verslag van het deskundigenpanel en de aanbevelingen daarvan. De in Artikel 40.6 van deze overeenkomst bedoelde interne adviesgroepen kunnen in dat verband opmerkingen indienen bij het Subcomité voor Corruptiebestrijding op het gebied van Handel en Investeringen.
- Citeren als
- Art. 18
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0007087
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl