BWBV0006983
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 42
Kaderovereenkomst inzake een breed partnerschap en samenwerking tussen de Europese [...] enerzijds, en het Koninkrijk Thailand, anderzijds, Brussel, 14-12-2022
Onderwijs en cultuur Geen andere versie om mee te vergelijken [Tekst zonder datum inwerkingtreding. Zie het wijzigingenoverzicht .] 1 De partijen komen overeen om, rekening houdend met hun verschillen, de samenwerking op het gebied van onderwijs en cultuur te stimuleren, teneinde het wederzijdse begrip en de kennis van elkaars culturen en talen te vergroten. 2 De partijen streven ernaar om passende maatregelen te nemen om de bijdrage van onderwijs en cultuur aan opleiding en culturele uitwisselingen inzake duurzame ontwikkeling te bevorderen en gezamenlijke initiatieven op deze gebieden uit te voeren, waaronder de gezamenlijke organisatie van culturele evenementen. In dat verband komen de partijen ook overeen de activiteiten van de stichting Azië-Europa te blijven steunen. 3 De partijen komen overeen nauw samen te werken in desbetreffende internationale fora, zoals de Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (Unesco), teneinde het behoud van tastbaar en immaterieel cultureel erfgoed te bevorderen, met name in het kader van de Overeenkomst inzake de bescherming van het cultureel en natuurlijk erfgoed van de wereld die op 16 november 1972 door de Algemene Conferentie van de Unesco is aangenomen, en het Verdrag inzake de bescherming van het immaterieel cultureel erfgoed dat op 17 oktober 2003 door de Algemene Conferentie van de Unesco is aangenomen, en hechten daarbij belang aan de bevordering van de culturele diversiteit voor de ontwikkeling van de kunsten en de op kennis gebaseerde creatieve economie. 4 De partijen moedigen voorts maatregelen aan om banden tussen hun respectieve gespecialiseerde instanties tot stand te brengen en de uitwisseling van informatie, knowhow, studenten, academisch personeel en deskundigen aan te moedigen en de banden tussen denktanks verder te bevorderen. Bij hun samenwerking en bij het gebruik van technische middelen wordt gebruikgemaakt van de faciliteiten die de EU-programma’s in Zuidoost-Azië op het gebied van onderwijs en cultuur bieden, alsmede van de ervaringen die beide partijen op dat gebied hebben opgedaan. De partijen komen tevens overeen de samenwerking op het gebied van hoger onderwijs te intensiveren en de uitvoering van het Erasmus+-programma te bevorderen, en om beste praktijken op het gebied van jeugdbeleid en jeugdwerk uit te wisselen.