BWBV0005862
Geldig vanaf 31-12-2025
Artikel I
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen
Met betrekking tot het Verdrag in zijn geheel
1. Het is wel te verstaan dat het recht van de Europese Unie voorrang heeft boven de bepalingen van het Verdrag.
2. In het geval dat een bestanddeel van het inkomen, een voordeel of vermogenswinst wordt verkregen door of door tussenkomst van een persoon die geheel of gedeeltelijk als fiscaal transparant wordt behandeld krachtens de wetgeving van een van beide verdragsluitende staten, wordt dat bestanddeel, voordeel of die vermogenswinst geacht inkomen te zijn van een inwoner van een verdragsluitende staat maar uitsluitend voor zover dat bestanddeel, voordeel of die vermogenswinst voor de belastingheffing door die staat wordt behandeld als het inkomen, voordeel of de vermogenswinst van een inwoner. Overeengekomen wordt dat wanneer dividenden verkregen door of door tussenkomst van een geheel of gedeeltelijk fiscaal transparante entiteit of constructie voor de belastingheffing door een verdragsluitende staat worden behandeld als inkomen, voordelen of vermogenswinsten van een inwoner van die staat, artikel 10 van toepassing is als had die inwoner de dividenden rechtstreeks verkregen. In andere situaties waarin entiteiten door een van de verdragsluitende staten transparant worden geacht en door de andere niet-transparant en dit leidt tot dubbele belasting of belasting die niet in overeenstemming is met de bepalingen van dit Verdrag, zoeken de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende staten naar oplossingen krachtens artikel 25 teneinde dubbele belasting of belasting die niet in overeenstemming is met de bepalingen van dit Verdrag te vermijden en tegelijkertijd te voorkomen dat, louter als gevolg van de toepassing van het Verdrag, inkomen (gedeeltelijk) niet aan belasting onderworpen is. De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende staten kunnen dergelijke onderling overeengekomen oplossingen bekendmaken.
3. Het is wel te verstaan dat het begrip „inkomen” geacht wordt mede te verwijzen naar individuele bestanddelen van het inkomen.
1. Het is wel te verstaan dat het recht van de Europese Unie voorrang heeft boven de bepalingen van het Verdrag.
2. In het geval dat een bestanddeel van het inkomen, een voordeel of vermogenswinst wordt verkregen door of door tussenkomst van een persoon die geheel of gedeeltelijk als fiscaal transparant wordt behandeld krachtens de wetgeving van een van beide verdragsluitende staten, wordt dat bestanddeel, voordeel of die vermogenswinst geacht inkomen te zijn van een inwoner van een verdragsluitende staat maar uitsluitend voor zover dat bestanddeel, voordeel of die vermogenswinst voor de belastingheffing door die staat wordt behandeld als het inkomen, voordeel of de vermogenswinst van een inwoner. Overeengekomen wordt dat wanneer dividenden verkregen door of door tussenkomst van een geheel of gedeeltelijk fiscaal transparante entiteit of constructie voor de belastingheffing door een verdragsluitende staat worden behandeld als inkomen, voordelen of vermogenswinsten van een inwoner van die staat, artikel 10 van toepassing is als had die inwoner de dividenden rechtstreeks verkregen. In andere situaties waarin entiteiten door een van de verdragsluitende staten transparant worden geacht en door de andere niet-transparant en dit leidt tot dubbele belasting of belasting die niet in overeenstemming is met de bepalingen van dit Verdrag, zoeken de bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende staten naar oplossingen krachtens artikel 25 teneinde dubbele belasting of belasting die niet in overeenstemming is met de bepalingen van dit Verdrag te vermijden en tegelijkertijd te voorkomen dat, louter als gevolg van de toepassing van het Verdrag, inkomen (gedeeltelijk) niet aan belasting onderworpen is. De bevoegde autoriteiten van de verdragsluitende staten kunnen dergelijke onderling overeengekomen oplossingen bekendmaken.
3. Het is wel te verstaan dat het begrip „inkomen” geacht wordt mede te verwijzen naar individuele bestanddelen van het inkomen.
- Citeren als
- Art. I
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005862
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl