BWBV0005188
Geldig vanaf 13-12-2015
Artikel 3 bis
Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Korea, anderzijds
Tenzij de partijen anders overeenkomen, en alleen wanneer een in artikel 3, lid 6, van dit protocol bedoelde aangelegenheid niet op bevredigende wijze kon worden opgelost door middel van de in dat artikel beschreven overlegprocedure, is hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen) op dit protocol van toepassing, met inachtneming van de volgende wijzigingen:
a. alle verwijzingen in hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen) naar het Handelscomité zijn als verwijzingen naar het Comité voor culturele samenwerking te beschouwen;
b. voor de toepassing van artikel 14.5 (Instelling van het arbitragepanel) trachten de partijen overeenstemming te bereiken over scheidsrechters met de nodige kennis en ervaring op de gebieden die onder dit protocol vallen. Wanneer de partijen geen overeenstemming over de samenstelling van het arbitragepanel bereiken, worden de scheidsrechters volgens de procedure van artikel 14.5, lid 3, door loting aangewezen uit de overeenkomstig c) opgestelde lijst en niet uit de in artikel 14.18 (Lijst van scheidsrechters) bedoelde lijst.
c. het Comité voor culturele samenwerking stelt onmiddellijk na zijn oprichting een lijst van vijftien personen op die bereid en in staat zijn om als scheidsrechter op te treden. Elk van beide partijen stelt vijf personen voor die als scheidsrechter kunnen optreden. De partijen kiezen in onderling overleg bovendien vijf personen die geen onderdaan van een van de partijen zijn en die als voorzitter van het arbitragepanel kunnen fungeren. Het Comité voor culturele samenwerking ziet erop toe dat de lijst te allen tijde uit dit aantal personen blijft bestaan. De scheidsrechters moeten kennis en ervaring op het onder dit protocol vallende gebied hebben. Als scheidsrechters zijn zij onafhankelijk, treden zij op persoonlijke titel op, nemen zij geen instructies aan van enige organisatie of regering ten aanzien van het geschil betreffende aangelegenheden en nemen zij bijlage 14-C (Gedragscode voor leden van arbitragepanels en voor bemiddelaars) in acht;
d. bij het kiezen van verplichtingen die ingevolge lid 2 van artikel 14.11 (Tijdelijke maatregelen bij niet-naleving) bij een geschil in verband met dit protocol worden opgeschort, beperkt de klagende partij zich tot verplichtingen die uit dit protocol voortvloeien; en
e. onverminderd artikel 14.11, lid 2, mag de klagende partij geen uit dit protocol voortvloeiende verplichtingen opschorten bij geschillen die zich niet in verband met dit protocol voordoen.
a. alle verwijzingen in hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen) naar het Handelscomité zijn als verwijzingen naar het Comité voor culturele samenwerking te beschouwen;
b. voor de toepassing van artikel 14.5 (Instelling van het arbitragepanel) trachten de partijen overeenstemming te bereiken over scheidsrechters met de nodige kennis en ervaring op de gebieden die onder dit protocol vallen. Wanneer de partijen geen overeenstemming over de samenstelling van het arbitragepanel bereiken, worden de scheidsrechters volgens de procedure van artikel 14.5, lid 3, door loting aangewezen uit de overeenkomstig c) opgestelde lijst en niet uit de in artikel 14.18 (Lijst van scheidsrechters) bedoelde lijst.
c. het Comité voor culturele samenwerking stelt onmiddellijk na zijn oprichting een lijst van vijftien personen op die bereid en in staat zijn om als scheidsrechter op te treden. Elk van beide partijen stelt vijf personen voor die als scheidsrechter kunnen optreden. De partijen kiezen in onderling overleg bovendien vijf personen die geen onderdaan van een van de partijen zijn en die als voorzitter van het arbitragepanel kunnen fungeren. Het Comité voor culturele samenwerking ziet erop toe dat de lijst te allen tijde uit dit aantal personen blijft bestaan. De scheidsrechters moeten kennis en ervaring op het onder dit protocol vallende gebied hebben. Als scheidsrechters zijn zij onafhankelijk, treden zij op persoonlijke titel op, nemen zij geen instructies aan van enige organisatie of regering ten aanzien van het geschil betreffende aangelegenheden en nemen zij bijlage 14-C (Gedragscode voor leden van arbitragepanels en voor bemiddelaars) in acht;
d. bij het kiezen van verplichtingen die ingevolge lid 2 van artikel 14.11 (Tijdelijke maatregelen bij niet-naleving) bij een geschil in verband met dit protocol worden opgeschort, beperkt de klagende partij zich tot verplichtingen die uit dit protocol voortvloeien; en
e. onverminderd artikel 14.11, lid 2, mag de klagende partij geen uit dit protocol voortvloeiende verplichtingen opschorten bij geschillen die zich niet in verband met dit protocol voordoen.
- Citeren als
- Art. 3 bis
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005188
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl