BWBV0005188
Geldig vanaf 13-12-2015
Artikel 16
Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Korea, anderzijds
1. De in artikel 15, lid 1, van dir protocol bedoelde oorsprongsverklaring kan worden opgesteld:
a. door een toegelaten exporteur in de zin van artikel 17, of
b. door elke exporteur, voor zendingen bestaande uit een of meer colli met producten van oorsprong waarvan de totale waarde niet meer dan 6 000 euro bedraagt.
2. Onverminderd lid 3 kan een oorsprongsverklaring worden opgesteld indien de betrokken producten als van oorsprong uit de EU of uit Korea kunnen worden beschouwd en aan de andere voorwaarden van dit protocol voldoen.
3. De exporteur die een oorsprongsverklaring opstelt, moet op verzoek van de douaneautoriteiten van de partij van uitvoer steeds de nodige documenten kunnen overleggen waaruit blijkt dat de betrokken producten van oorsprong zijn, met inbegrip van verklaringen van de leveranciers of producenten overeenkomstig de interne wetgeving van de partij, en dat aan de andere voorwaarden van dit protocol is voldaan.
4. De exporteur stelt een oorsprongsverklaring op door de tekst die in bijlage III is opgenomen, op de factuur, de pakbon of een ander handelsdocument te typen, stempelen of drukken in een van de in die bijlage opgenomen taalversies, overeenkomstig de wetgeving van de partij van uitvoer. Indien de factuurverklaring met de hand wordt geschreven, moet dit met inkt en in hoofdletters geschieden.
5. Oorsprongsverklaringen worden door de exporteur eigenhandig ondertekend. Een toegelaten exporteur in de zin van artikel 17 behoeft deze verklaring echter niet te ondertekenen, mits hij de douaneautoriteiten van de partij van uitvoer een schriftelijke verklaring doet toekomen waarin hij de volle verantwoordelijkheid op zich neemt voor alle oorsprongsverklaringen waaruit zijn identiteit blijkt alsof hij deze met de hand had ondertekend.
6. Een oorsprongsverklaring kan door de exporteur worden opgesteld bij of na de uitvoer van de producten waarop zij betrekking heeft, maar moet uiterlijk twee jaar, of binnen de in de wetgeving van de partij van invoer genoemde periode, na de invoer van de producten waarop zij betrekking heeft in de partij van invoer worden aangeboden.
a. door een toegelaten exporteur in de zin van artikel 17, of
b. door elke exporteur, voor zendingen bestaande uit een of meer colli met producten van oorsprong waarvan de totale waarde niet meer dan 6 000 euro bedraagt.
2. Onverminderd lid 3 kan een oorsprongsverklaring worden opgesteld indien de betrokken producten als van oorsprong uit de EU of uit Korea kunnen worden beschouwd en aan de andere voorwaarden van dit protocol voldoen.
3. De exporteur die een oorsprongsverklaring opstelt, moet op verzoek van de douaneautoriteiten van de partij van uitvoer steeds de nodige documenten kunnen overleggen waaruit blijkt dat de betrokken producten van oorsprong zijn, met inbegrip van verklaringen van de leveranciers of producenten overeenkomstig de interne wetgeving van de partij, en dat aan de andere voorwaarden van dit protocol is voldaan.
4. De exporteur stelt een oorsprongsverklaring op door de tekst die in bijlage III is opgenomen, op de factuur, de pakbon of een ander handelsdocument te typen, stempelen of drukken in een van de in die bijlage opgenomen taalversies, overeenkomstig de wetgeving van de partij van uitvoer. Indien de factuurverklaring met de hand wordt geschreven, moet dit met inkt en in hoofdletters geschieden.
5. Oorsprongsverklaringen worden door de exporteur eigenhandig ondertekend. Een toegelaten exporteur in de zin van artikel 17 behoeft deze verklaring echter niet te ondertekenen, mits hij de douaneautoriteiten van de partij van uitvoer een schriftelijke verklaring doet toekomen waarin hij de volle verantwoordelijkheid op zich neemt voor alle oorsprongsverklaringen waaruit zijn identiteit blijkt alsof hij deze met de hand had ondertekend.
6. Een oorsprongsverklaring kan door de exporteur worden opgesteld bij of na de uitvoer van de producten waarop zij betrekking heeft, maar moet uiterlijk twee jaar, of binnen de in de wetgeving van de partij van invoer genoemde periode, na de invoer van de producten waarop zij betrekking heeft in de partij van invoer worden aangeboden.
- Citeren als
- Art. 16
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005188
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl