BWBV0005188
Geldig vanaf 13-12-2015
Artikel 14
Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Korea, anderzijds
1. Vijf jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst evalueren de partijen, op verzoek van een van hen, gezamenlijk hun regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling. Een jaar na de inwerkingtreding en vervolgens elk jaar, geven de partijen elkaar de beschikbare informatie over de werking van hun regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling, alsmede de volgende gedetailleerde statistiek:
1.1. Vanaf het eerste jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst worden per land invoerstatistieken op 8-/10-cijferniveau verstrekt voor de invoer van onder de posten 8407, 8408, 8522, 8527, 8529, 8706, 8707 en 8708 van het GS 2007 ingedeelde materialen, alsmede uitvoerstatistieken voor de posten 8703, 8519, 8521 en 8525 tot en met 8528 van het GS 2007. Op verzoek worden deze statistieken ook voor andere materialen of producten verstrekt. Er wordt regelmatig informatie uitgewisseld over de maatregelen die zijn genomen ter uitvoering van de bij lid 3 van dit artikel ingevoerde beperkingen inzake regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling.
2. Na het begin van bovenbedoelde evaluatie kan een partij de andere partij steeds verzoeken om overleg, teneinde voor een bepaald product mogelijke beperkingen van de regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling te bespreken wanneer er bewijzen zijn dat er sinds de inwerkingtreding van deze overeenkomst sprake is van een verandering in bevoorradingspatronen die negatieve gevolgen voor de concurrentiepositie van de producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten in de verzoekende partij kan hebben.
2.1. Bovenbedoelde omstandigheden worden vastgesteld op basis van door de verzoekende partij overlegde bewijzen dat: a. de toename van de aan rechten onderworpen invoer in een partij van in een bepaald product verwerkte materialen uit landen waarmee geen vrijhandelsovereenkomst gesloten is, beduidend groter is dan de toename van de uitvoer naar de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, tenzij de partij waaraan het verzoek om overleg gericht is, vaststelt dat die toename van de invoer van materialen, onder meer: i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
b. de invoer uit de partij in de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, in absolute cijfers of in verhouding tot de binnenlandse productie aanzienlijk is toegenomen. Er wordt ook gekeken naar ter zake dienend bewijsmateriaal ten aanzien van de gevolgen voor de concurrentiepositie van producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten van de andere partij1)Het basisjaar voor de evaluatie van de statistische gegevens ten behoeve van dit artikel is het gemiddelde van de laatste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze overeenkomst, waarbij de jaren begrotingsjaren zijn die lopen van januari tot en met december. Het bewijs kan worden gebaseerd op het totaal van alle materialen die als niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product zijn gebruikt, of op een deel van die materialen. In het laatste geval zijn de beperkingen voor de teruggave van douanerechten en de actieve veredeling alleen op dat deel van toepassing..
a. de toename van de aan rechten onderworpen invoer in een partij van in een bepaald product verwerkte materialen uit landen waarmee geen vrijhandelsovereenkomst gesloten is, beduidend groter is dan de toename van de uitvoer naar de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, tenzij de partij waaraan het verzoek om overleg gericht is, vaststelt dat die toename van de invoer van materialen, onder meer: i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
b. de invoer uit de partij in de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, in absolute cijfers of in verhouding tot de binnenlandse productie aanzienlijk is toegenomen. Er wordt ook gekeken naar ter zake dienend bewijsmateriaal ten aanzien van de gevolgen voor de concurrentiepositie van producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten van de andere partij1)Het basisjaar voor de evaluatie van de statistische gegevens ten behoeve van dit artikel is het gemiddelde van de laatste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze overeenkomst, waarbij de jaren begrotingsjaren zijn die lopen van januari tot en met december. Het bewijs kan worden gebaseerd op het totaal van alle materialen die als niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product zijn gebruikt, of op een deel van die materialen. In het laatste geval zijn de beperkingen voor de teruggave van douanerechten en de actieve veredeling alleen op dat deel van toepassing..
3. In geval van onenigheid over de vraag of aan de voorwaarden in lid 2 is voldaan, wordt de kwestie voor bindende urgente arbitrage voorgelegd aan een in overeenstemming met artikel 14.5 (Instelling van het arbitragepanel) van hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen) ingesteld panel2)Met het oog op meer duidelijkheid is geen ander aanvullend overleg dan dat bedoeld in lid 2 – waarvoor dezelfde termijnen gelden als voor artikel 14.3, lid 4, – vereist voordat een partij de instelling van een dergelijk panel kan vragen. De termijnen waarbinnen het panel uitspraak moet doen, zijn vermeld in artikel 14.7, lid 2.. Indien volgens de uitspraak van het panel aan de voorwaarden van lid 2 is voldaan, beperken de partijen, tenzij anders is overeengekomen, normaliter binnen 90 dagen en in geen geval later dan 150 dagen na de uitspraak, het maximumtarief van de douanerechten op niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product die kunnen worden terugbetaald tot vijf procent.
1.1. Vanaf het eerste jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst worden per land invoerstatistieken op 8-/10-cijferniveau verstrekt voor de invoer van onder de posten 8407, 8408, 8522, 8527, 8529, 8706, 8707 en 8708 van het GS 2007 ingedeelde materialen, alsmede uitvoerstatistieken voor de posten 8703, 8519, 8521 en 8525 tot en met 8528 van het GS 2007. Op verzoek worden deze statistieken ook voor andere materialen of producten verstrekt. Er wordt regelmatig informatie uitgewisseld over de maatregelen die zijn genomen ter uitvoering van de bij lid 3 van dit artikel ingevoerde beperkingen inzake regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling.
2. Na het begin van bovenbedoelde evaluatie kan een partij de andere partij steeds verzoeken om overleg, teneinde voor een bepaald product mogelijke beperkingen van de regelingen voor de teruggave van douanerechten en voor actieve veredeling te bespreken wanneer er bewijzen zijn dat er sinds de inwerkingtreding van deze overeenkomst sprake is van een verandering in bevoorradingspatronen die negatieve gevolgen voor de concurrentiepositie van de producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten in de verzoekende partij kan hebben.
2.1. Bovenbedoelde omstandigheden worden vastgesteld op basis van door de verzoekende partij overlegde bewijzen dat: a. de toename van de aan rechten onderworpen invoer in een partij van in een bepaald product verwerkte materialen uit landen waarmee geen vrijhandelsovereenkomst gesloten is, beduidend groter is dan de toename van de uitvoer naar de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, tenzij de partij waaraan het verzoek om overleg gericht is, vaststelt dat die toename van de invoer van materialen, onder meer: i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
b. de invoer uit de partij in de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, in absolute cijfers of in verhouding tot de binnenlandse productie aanzienlijk is toegenomen. Er wordt ook gekeken naar ter zake dienend bewijsmateriaal ten aanzien van de gevolgen voor de concurrentiepositie van producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten van de andere partij1)Het basisjaar voor de evaluatie van de statistische gegevens ten behoeve van dit artikel is het gemiddelde van de laatste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze overeenkomst, waarbij de jaren begrotingsjaren zijn die lopen van januari tot en met december. Het bewijs kan worden gebaseerd op het totaal van alle materialen die als niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product zijn gebruikt, of op een deel van die materialen. In het laatste geval zijn de beperkingen voor de teruggave van douanerechten en de actieve veredeling alleen op dat deel van toepassing..
a. de toename van de aan rechten onderworpen invoer in een partij van in een bepaald product verwerkte materialen uit landen waarmee geen vrijhandelsovereenkomst gesloten is, beduidend groter is dan de toename van de uitvoer naar de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, tenzij de partij waaraan het verzoek om overleg gericht is, vaststelt dat die toename van de invoer van materialen, onder meer: i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
i. hoofdzakelijk een gevolg is van het binnenlandse verbruik door de partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn;
ii. hoofdzakelijk een gevolg is van het gebruik van ingevoerde materialen in een ander product dan het product waarop lid 2 betrekking heeft;
iii. een gevolg is van de toename van de uitvoer van het product waarin die materialen verwerkt zijn naar andere landen dan de andere partij; of
iv. alleen de invoer van hoogwaardige hightechonderdelen betreft, waardoor de prijs van het door de partij uitgevoerde product niet lager wordt; en
b. de invoer uit de partij in de andere partij van het product waarin die materialen verwerkt zijn, in absolute cijfers of in verhouding tot de binnenlandse productie aanzienlijk is toegenomen. Er wordt ook gekeken naar ter zake dienend bewijsmateriaal ten aanzien van de gevolgen voor de concurrentiepositie van producenten van soortgelijke of rechtstreeks concurrerende producten van de andere partij1)Het basisjaar voor de evaluatie van de statistische gegevens ten behoeve van dit artikel is het gemiddelde van de laatste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze overeenkomst, waarbij de jaren begrotingsjaren zijn die lopen van januari tot en met december. Het bewijs kan worden gebaseerd op het totaal van alle materialen die als niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product zijn gebruikt, of op een deel van die materialen. In het laatste geval zijn de beperkingen voor de teruggave van douanerechten en de actieve veredeling alleen op dat deel van toepassing..
3. In geval van onenigheid over de vraag of aan de voorwaarden in lid 2 is voldaan, wordt de kwestie voor bindende urgente arbitrage voorgelegd aan een in overeenstemming met artikel 14.5 (Instelling van het arbitragepanel) van hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen) ingesteld panel2)Met het oog op meer duidelijkheid is geen ander aanvullend overleg dan dat bedoeld in lid 2 – waarvoor dezelfde termijnen gelden als voor artikel 14.3, lid 4, – vereist voordat een partij de instelling van een dergelijk panel kan vragen. De termijnen waarbinnen het panel uitspraak moet doen, zijn vermeld in artikel 14.7, lid 2.. Indien volgens de uitspraak van het panel aan de voorwaarden van lid 2 is voldaan, beperken de partijen, tenzij anders is overeengekomen, normaliter binnen 90 dagen en in geen geval later dan 150 dagen na de uitspraak, het maximumtarief van de douanerechten op niet van oorsprong zijnd materiaal voor het betrokken product die kunnen worden terugbetaald tot vijf procent.
- Citeren als
- Art. 14
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0005188
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl